Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.
rel=nofollow

Septuaginta

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Christendom
(symbool van het christendom.)
..Pijlers
..Christelijke feesten
..Geschiedenis en tradities
..Onderwerpen
..Belangrijke personen

De Septuaginta of Septuagint (Latijn: ’zeventig’, afkorting van interpretatio septuaginta interpretum virorum, Grieks: Ἡ μετάφραση τῶν Ἑβδομήκοντα, „de vertaling van de zeventig [mannen]”), vaak afgekort tot LXX (= 70 in Romeinse cijfers),[1] is de naam voor de Griekse vertaling van de Tenach of het Oude Testament, die tussen circa 250 v.Chr. en 100 v.Chr. werd gemaakt. Afhankelijk van de context, wordt de Septuaginta soms verschillend gedefinieerd.

Oorsprong

Over het ontstaan van de Septuaginta zijn een aantal legenden in omloop, waarin vaak historische elementen verweven zitten met latere dichting.

In eerste instantie was deze vertaling bedoeld voor de grote groep Griekstalige joden in Egypte. Deze spraken namelijk niet meer Hebreeuws als moedertaal.

Volgens de Brief van Aristeas wenste de hellenistische koning van Egypte Ptolemaeus II Philadelphos bovendien een vertaling voor zijn groeiende bibliotheek. Een poging die 61 jaar eerder ondernomen werd om de Thora in het Grieks te vertalen, was niet op een succes uitgedraaid.

Volgens de overlevering in deze brief bracht Ptolemaeus II 70 of 72 rabbijnen bijeen en liet deze in afzonderlijke ruimten plaatsen, elk met de opdracht een vertaling van de Thora te maken. Toen de vertalers op achtste dag van de maand Teweet van het Joodse jaar 3515 (246 v.Chr.) klaar waren, bleek, aldus het verhaal, hun vertaling op miraculeuze wijze helemaal hetzelfde te zijn. Het verhaal wil, dat de vertalers elk afzonderlijk op 13 plaatsen nog wat veranderd hadden, omdat ze van mening waren dat een letterlijke vertaling hier geen correcte weergave zou zijn van de ware betekenis van de Thora, en dat zelfs deze 13 veranderingen met elkaar overeenstemden. Deze Griekse vertalingen werden Septuaginta („van de zeventig”) genoemd.

Het verhaal in de brief van Aristeas wordt nu vrij algemeen als geheel of gedeeltelijk fictie beschouwd,[2] een legende waarmee men wilde aantonen dat God deze vertaling goedkeurde.

Een versie van deze legende wordt vermeld in het traktaat Megilla van de Babylonische Talmoed (9a en 9b), waarin vijftien passages van hun Septuaginta-vertaling worden geïdentificeerd die een op een naast de originele Hebreeuwse versie gelegd kunnen worden. De vijftien zijn:

1. - Gen. 1:1
2. - Gen. 1:26
3. - Gen. 2:2
4. - Gen. 5:2
5. - Gen. 11:7
6. - Gen. 18:12
7. - Gen. 49:6
8. - Ex. 4:20
9. - Ex. 12:40
10. - Ex. 24:5
11. - Ex. 24:11
12. - Lev. 11:6
13. - Num. 16:15
14. - Deut. 4:19
15. - Deut. 17:3

Slechts twee ervan staan in de bestaande LXX.

Gebruiksgeschiedenis

De LXX was gedurende het hellenisme en de eerste eeuwen van het christendom de belangrijkste en meest gebruikte Bijbelvertaling, bij christenen maar óók bij de joden.

Voor de christenen was de LXX van grote betekenis bij hun zendingswerk. De meeste bekeerlingen in de eerste eeuwen waren namelijk Griekstalig en deze hadden met de LXX direct een vertaling van het OT beschikbaar. Het belang van de LXX blijkt verder uit het feit dat veel citaten in de nieuwtestamentische brieven en de evangeliën uit het Griekse OT volgens de LXX zijn en niet uit de Masoretische Hebreeuwse tekst. Zo zijn in het Bijbelboek Matteüs alle aanhalingen uit het Oude Testament uit de Griekse LXX genomen en niet rechtstreeks uit het Hebreeuws.

Als reactie op het gebruik door de christenen, verdween het gebruik van de LXX bij de joden langzaam na het jaar 100[feit?]. Na enkele pogingen de Hebreeuwse Bijbel opnieuw, maar dan letterlijker te vertalen —door Aquila (zeer letterlijk, maar daardoor in moeilijk te begrijpen Grieks), door Symmachus en door Theodotion (een herziening van de LXX)— besloot men in de synagoge voortaan de Bijbel in het Hebreeuws te lezen en liet men de LXX over aan de christenen. Ook werd de Hebreeuwse tekst toen definitief tot een gestandaardiseerde vorm, waarin deze voortaan door de Masoreten werd overgeschreven, tot op de huidige dag.

De tekst van de LXX werd voortaan door christenen overgeleverd, en zoals bij elke tekst die wordt gekopieerd ontstonden er varianten. We weten van drie pogingen de tekst zo goed mogelijk te reconstrueren:

  • O: de recensie die teruggaat op Origenes. Deze zou stammen van de vijfde kolom van de Hexapla, het grote, helaas verloren gegane werk uit ca. 240, waarin hij de Hebreeuwse tekst van het Oude Testament naast de belangrijkste vertalingen van zijn tijd, waaronder de LXX, plaatste.
  • L: Rond 275 vervaardigde ook Lucianus, die als martelaar stierf op 7 januari 312, een recensie van de LXX. Hij had, anders dan Origenes, geen wetenschappelijke maar praktische bedoelingen.
  • C: Hiëronymus, die zelf de Bijbel uit het Hebreeuws naar het Latijn vertaalde (de Vulgaat), noemt nog een recensent, Hesychius. We weten niet veel van deze persoon af.

Tijdens de Talmoedische periode werd het maken van de vertaling betreurd, zodat de Joodse datum 8 Teweet een vastendag werd.

Vroegere tekstcritici veronderstelden dat de LXX een vertaling van de Masoretische tekst (MT) was. Door nieuwe tekstvondsten gaat men er nu van uit dat de tekst die bij de vertaling van de LXX als Vorlage werd gebruikt (de als origineel dienende tekst), en de hedendaagse MT beiden afstammen van een nog oudere, inmiddels verloren gegane Hebreeuwse versie. Bij een vergelijking met de eveneens zeer oude Samaritaanse Pentateuch of Samaritaanse Thora (ST) komt men ook tot deze conclusie. Vaak lijken de ST en LXX meer op elkaar dan op de MT. Ook weidt de MT bij aantal boeken meer uit dan de LXX en de ST. Dit kan er op wijzen dat de LXX eerder een vaste vorm verkreeg dan de MT en dus van een oudere bron uitgaat dan de MT. Bij de Dode-Zeerollen bevinden zich zowel boekrollen die familie zijn van de Masoretische tekst, bijvoorbeeld 1QIsa als boekrollen die verwant lijken aan de LXX, bijvoorbeeld 4QSamb.

De belangrijkste tekstgetuigen kennen we ook van de tekstgeschiedenis van het Nieuwe Testament: de Codex Alexandrinus, de Codex Vaticanus en de Codex Sinaiticus. Andere tekstgetuigen zijn bijvoorbeeld sommige van de Chester Beatty papyri, enz.

Na 300 kwamen er ook andere vertalingen, zoals de reeds genoemde Latijnse Vulgata, in gebruik voor nieuwe niet-Grieks sprekende christenen. Tegenwoordig is de LXX de standaardtekst voor de Oosters-Orthodoxe Kerk. Nieuwe Bijbelvertalingen van het OT maken meestal gebruik van de Masoretische grondtekst en zijn niet meer in de eerste plaats gebaseerd op de LXX, behalve voor de deuterocanonieke boeken waarvan meestal alleen een Griekse versie bekend is.

Overigens zijn de echt belangrijke verschillen tussen deze verschillende vertalingen gering in aantal en hebben zij meestal betrekking op getallen of op de volgorde van verzen. In het Hebreeuws, Aramees en Grieks worden voor getallen lettertekens gebruikt en een kleine verschrijving kan dan een heel ander getal opleveren. De belangrijke dogmatische punten van het OT zijn in alle vertalingen vrijwel hetzelfde.

Wat is nu precies de Septuaginta?

Wanneer men iets over de Septuaginta leest, moet men dikwijls aan de hand van de context vaststellen wat er precies bedoeld wordt.

  • In de oorspronkelijke betekenis bevat de Septuaginta de vijf boeken van de Pentateuch (Thora) die in de tweede eeuw v.Chr. te Alexandrië werden vertaald:
Genesis,
Exodus,
Leviticus,
Numeri en
Deuteronomium
  • Later werden ook de andere boeken van de Hebreeuwse Bijbel vertaald en werden een deel van de verzameling.
  • Aangezien in de oude codices naast Griekse vertalingen van de Hebreeuwse Bijbel dikwijls nog andere boeken of brieven waren opgenomen (van apocriefe boeken tot brieven van kerkvaders), verwijst het woord Septuaginta ook dikwijls naar deze uitgebreidere serie boeken. In dit verband verwijst men dikwijls naar een aantal boeken die geen deel uitmaken van de Hebreeuwse (en protestantse) canon, maar wel geaccepteerd worden door de Rooms-Katholieke Kerk. Deze boeken worden door katholieken deuterocanoniek genoemd en door protestanten apocrief. Een paar andere boeken, die ook door de Katholieke Kerk als apocrief worden beschouwd, noemt men in protestantse kringen soms pseudepigrafen of ook apocriefen.
  • Soms gebruikt men het woord Septuaginta ook als verzamelbegrip voor verschillende oude Griekse vertalingen van de Tenach (Hebreeuwse Bijbel) die later tot stand kwamen of herzien werden, zoals de versies van Aquila, Symmachus, en vooral Theodotion. De vertaling van Theodotion werd zo veelvuldig gebruikt, dat deze voor een deel de ’oude’ Septuaginta verving. In Rahlf’s tekstuitgave zijn zowel de ’oude’ Septuaginta als Theodotions vertaling van het boek Daniël opgenomen.

Volgorde van de boeken

Een aantal boeken staan in de Septuaginta in een andere volgorde dan in de Hebreeuwse Bijbel. De afdeling geschriften (inclusief deuterocanonieke of apocriefe boeken) is in de LXX gedeeltelijk verspreid tussen (vooral de vroege) profeten. Ook in de protestantse canon staan de boeken in de volgorde van de Septuaginta, waardoor deze een afdeling historische boeken kent.

ΓΕΝΕΣΙΣ Genesis
ΕΞΟΔΟΣ Exodus
ΛΕΥΙΤΙΚΟΝ Leviticus
ΑΡΙΘΜΟΙ Numeri
ΔΕΥΤΕΡΟΝΟΜΙΟΝ Deuteronomium
ΙΗΣΟΥΣ ΝΑΥΗ Jozua, de zoon van Nun
ΚΡΙΤΑΙ Richteren of Rechters
ΡΟΥΘ Ruth
ΒΑΣΙΛΕΙΩΝ Α' Koningen I. (1 Samuël)
ΒΑΣΙΛΕΙΩΝ Β' Koningen II. (2 Samuël)
ΒΑΣΙΛΕΙΩΝ Γ' Koningen III. (1 Koningen)
ΒΑΣΙΛΕΙΩΝ Δ' Koningen IV. (2 Koningen)
ΠΑΡΑΛΕΙΠΟΜΕΝΩΝ Α' Weglatingen I. (1 Kronieken)
ΠΑΡΑΛΕΙΠΟΜΕΝΩΝ Β' Weglatingen II. (2 Kronieken)
ΕΣΔΡΑΣ Α' 1 Ezra
ΕΣΔΡΑΣ Β', ΝΕΕΜΙΑΣ Ezra en Nehemia
ΤΩΒΙΤ Tobit
ΙΟΥΔΙΘ Judith
ΕΣΘΗΡ Esther
ΜΑΚΚΑΒΑΙΩΝ Α' 1 Makkabeeën
ΜΑΚΚΑΒΑΙΩΝ Β' 2 Makkabeeën
ΜΑΚΚΑΒΑΙΩΝ Γ' 3 Makkabeeën[1]
ΜΑΚΚΑΒΑΙΩΝ Δ' 4 Makkabeeën[3]
ΨΑΛΜΟΙ Psalmen (Masoretische Psalmen)
ΨΑΛΜΟΙ Psalmen[2]
ΙΩΒ Job
ΩΔΑΙ Oden[4]
 
ΠΑΡΟΙΜΙΑΙ Spreuken
ΕΚΚΛΗΣΙΑΣΤΗΣ Prediker
ΑΣΜΑ Het lied van Salomon (Hooglied)
ΣΟΦΙΑ ΣΑΛΩΜΩΝ Wijsheid van Salomo
ΣΟΦΙΑ ΣΕΙΡΑΧ Wijsheid van Jezus Sirach (Ecclesiasticus)
ΩΣΗΕ Hosea
ΑΜΩΣ Amos
ΜΙΧΑΙΑΣ Micha
ΙΩΗΛ Joël
ΟΒΔΙΟΥ Obadja
ΙΩΝΑΣ Jona
ΝΑΟΥΜ Nahum
ΑΜΒΑΚΟΥΜ Habakuk
ΣΟΦΟΝΙΑΣ Zefanja
ΑΓΓΑΙΟΣ Haggaï
ΖΑΧΑΡΙΑΣ Zacharia
ΜΑΛΑΧΙΑΣ Maleachi
ΗΣΑΙΑΣ Jesaja
ΙΕΡΕΜΙΑΣ Jeremia
ΒΑΡΟΥΧ Baruch
ΘΡΗΝΟΙ Klaagliederen van Jeremia
ΕΠΙΣΤΟΛΗ ΙΕΡΕΜΙΟΥ De brief van Jeremia[5]
ΙΕΖΕΚΙΗΛ Ezechiël
ΣΩΣΑΝΝΑ Susanna[6]
ΔΑΝΙΗΛ Daniël
ΔΑΝΙΗΛ Daniël[6], [7]
ΒΗΛ ΚΑΙ ΔΡΑΚΩΝ Bel en de draak[6]
 
Kleurlegende
Boeken uit de Hebreeuwse Tenach.
In de Katholieke kerk als deuterocanonieke boeken. Niet opgenomen in o.a. GNB96, NBG51, NWV, SV1637, SV1977, SV-J en HSV.
Enkel in de Orthodoxe Kerk; of enkel als appendix in de Orthodoxe Kerk
 
Noten bij de tabel
1 Alleen in de Orthodoxe Kerk gebruikt
2 Inclusief Psalm 151. De LXX-nummering van de Psalmen is daarom iets anders dan bij de Masoretische Psalmen
3 Vaak genegeerd of als een appendix gedrukt in de Orthodoxe Kerk
4 Vaak niet opgenomen in de Orthodoxe kerk. Bevat o.a. Het gebed van Manasse.
5 In de Vulgaat opgenomen als hoofdstuk 6 van het boek Baruch.
6 Een van de Toevoegingen bij Daniël
7 Met het gebed van Azarja en met ΤΩΝ ΤΡΙΩΝ ΠΑΙΔΩΝ ΑΙΝΕΣΙΣ (het lied van de drie jonge mannen)

Moderne uitgave

Septuaginta Onder redactie van prof. dr. Alfred Rahlfs, 1935, 1979, Deutsche Bibelgesellschaft. Met kritisch apparaat.

Zie ook

Literatuur

(en) Karen H. Jobes, Moisés Silva, Invitation to the Septuagint, Baker Academic, 2000, 2005, ISBN 0801022355

Bronvermelding

Bronnen, noten en/of referenties:

Noten
  1. º In het Grieks wordt de afkorting Ο' gebruikt [een omicron, met getalwaarde 70].
  2. º Het verhaal staat onder zware verdenking, en de brief staat vol van onwaarschijnlijkheden en wordt nu algemeen beschouwd als min of meer een fabel. (Engels citaat:) „open to the gravest suspicion, and the letter abounds with improbabilities and is now generally regarded as more or less fabulous,” volgens The Classical Review 335/6 (August–September 1919:123), waarin melding werd gemaakt van H. St. J. Thackeray’s The Letter of Aristeas, with an Appendix of the Ancient Evidence on the Origin of the LXX.
rel=nofollow
rel=nofollow