Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Populisme

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Hoofdartikel.png Zie ook : argumentum ad populum, voor de populistische drogreden.

Politieke ideologieën
Dit artikel is een deel van

de reeks over politiek

Ideologie
Anarchisme
Christendemocratie
Communisme
Communitarisme
Conservatisme
Fascisme
Feminisme
Geoisme
Islamisme
Liberalisme
Libertarisme
Nationalisme
Pan-nationalisme
Nationaalsocialisme
Sociaaldemocratie
Sociaalliberalisme
Socialisme
Dorp:......

Populisme is de neiging binnen de politiek zich te richten naar de massa van de bevolking en/of de kiezers. Ze gaat uit van de onderdrukking van de bevolking door een elite die de staat beheerst, en wil aldus naar een samenleving waar het volk de staat beheert en de staat zo geen instrument van onderdrukking meer kan zijn. Hierbij refereert ze constant aan de economische en sociale status van de "gewone man".

Het is moeilijk een sluitende definitie te geven van populisme. Ook wetenschappers als Ghita Ionescu en Ernest Gellner[1], Margaret Canovan[2] en Paul Taggart[3] kunnen niet met een goede definitie komen. Wel kunnen er kenmerken worden gegeven.

Gevestigde politieke partijen hebben soms de neiging nieuwkomers als populistisch te bestempelen. Gewoonlijk zijn die gevestigde partijen echter ook begonnen als gevolg van stemmen uit "het volk".

Geschiedenis

Populisme als term werd reeds eerder gebruikt voor groepen als de narodniki in Rusland en The people's party in de VS. Deze waren eerder agrarisch georiënteerd.

Bijzonder veel leiders uit de geschiedenis van Latijns-Amerika worden als populistisch gezien. Het populisme in Latijns-Amerika kende zijn hoogtepunt tussen de jaren 30 en '50, toen in tal van landen populistische leiders opkwamen wier regering een sterk persoonlijke inslag had. Vaak probeerden zij hun land op corporatistische wijze te smeden. Voorbeelden zijn Juan Perón in Argentinië, Getúlio Vargas in Brazilië, Lázaro Cárdenas in Mexico, Carlos Ibáñez del Campo in Chili, Manuel Odría in Peru en Arnulfo Arías in Panama.

Het moderne populisme kwam op in de jaren '80. Door de groeiende gepercipieerde afstand tussen het volk en de politiek grepen de nieuwe partijen naar het volk als referentie voor het beleid. Voortaan beweerden zij uit naam van de bevolking te spreken, hun wil te kennen en deze (zoals de bedoeling is van een democratie) te willen verwezenlijken.

Etymologie

Populisme komt van het latijnse woord 'populus', wat "volk" betekent. Dit woord wordt gebruikt aangezien populisten vaak zeggen in naam van het volk te spreken.

Kenmerken

Politicologen kennen de volgende kenmerken toe aan populistische politici[4]:

  1. afkeer van het partijestablishment;
  2. het volk staat op een voetstuk en naar haar wil wordt constant gerefereerd;
  3. charismatisch leiderschap;
  4. er wordt een beroep gedaan op eenheid en vaderlandsliefde.

In de literatuur worden ook verschillende andere kenmerken toegekend. Zo beweert Cas Mudde[5] dat populisme een ideologie is, die uitgaat van een samenleving die te verdelen valt in twee homogene, tegenovergestelde groepen: de zuivere mensen tegenover de corrupte elite. De populist zou beweren de wil van de zuivere mens in haar strijd tegen de corrupte elite te vertegenwoordigen. Een ongebruikelijk element bij deze kenmerken is dat Mudde het geheel onder de noemer nationaal-populisme schikt en als een politieke ideologie in plaats van een politieke stijl erkent.[6]

Taggart[7] noemt drie kenmerken. Ten eerste zet populisme zich af tegen representatieve politiek. Het heeft een afkeer van gevestigde partijen en gevestigde politieke agenda's en gebruiken. Dit is gelijk aan Ten Hoovens eerste punt. Ten tweede maakt populisme gebruik van wat Taggart de heartland noemt: een fictief gebied, dat wordt bewoond door ‘het volk’ (overigens genoemd naar het werkelijk bestaande American Heartland, de centrale regio van de Verenigde Staten die beschouwd worden als het productieve gebied van de Amerikaanse natie). Dit volk is een homogene groep mensen die hard werken, oprecht en moralistisch zijn, en die zouden lijden onder het leiderschap van de elite. Normaal zijn deze mensen niet politiek actief, maar ze worden gemobiliseerd door de populist. Tot slot is populisme een ideologie zonder kernwaarden. Populistische stijl en retoriek kan op alle posities binnen het politieke landschap worden ingezet.

Het populisme is in alles het tegengestelde van het elitarisme. De eigenschappen die een elite kenmerken, zoals een hoge mate van politieke invloed, lidmaatschap binnen machtige klieken (de zogenaamde incrowd), een hoge mate van academische kwalificatie, een hoge mate van intelligentie, een hoge mate van beroepsmatige ervaring en het houden van bepaalde esthetische waarde-oordelen kenmerken het populisme vaak juist niet.

Discussie

Zoals eerder gezegd zijn de hierboven aangehaalde kenmerken zeker niet aanvaard door iedereen. In de wetenschap bestaat er dan ook een felle discussie over wat populisme nu juist is. Enkele alternatieve omschrijvingen/correcties/aanvullingen:

  • Velen zien populisme meer als het constant veranderen van de partijstandpunten naargelang de publieke opinie verandert.
  • Er kan ook een onderscheid gemaakt worden tussen links- en rechts-populisme al naargelang dit discours gebruikt wordt door een linkse of rechtse partij, persoon of organisatie [8]. Zo worden zowel de Nederlandse Socialistische Partij (SP) als de Partij voor de Vrijheid (PVV) vooral door tegenstanders als populistisch bestempeld. Volgens sociaal wetenschapper Koen Vossen is Geert Wilders echter hooguit een 'halve populist' in tegenstelling tot Rita Verdonk die hij wel als een 'hele populist' ziet.[9].
  • In 2008 opperde Sørensen van de partij Leefbaar Rotterdam een Populistische Omroep te beginnen (een uitzondering op het gegeven dat groeperingen en personen die als populisten worden aangemerkt, zichzelf doorgaans niet als zodanig betitelen). Op 20 november 2008 werd bekendgemaakt dat hij voorzitter werd van de Populistische Omroep Nederland (PON), een publieke omroep in wording. Deze omroep heeft niet de benodigde 50.000 leden gehaald, en mag dus vooralsnog niet toetreden tot het publieke bestel.

Zie ook

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties: