Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Obelix (stripfiguur)

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Obelix (Frans: Obélix) is een personage uit de stripboeken van Asterix. Hij is de boezemvriend van de titelfiguur Asterix. Schrijver Albert Uderzo en tekenaar René Goscinny hebben hem in 1959 bedacht.

Personage

In tegenstelling tot de klein uitgevallen Asterix is Obelix juiste een grote en mollige man (beslist niet dik). Hij heeft oranje haar.

Obelix beschikt over bovennatuurlijke kracht doordat hij als kleine jongen is gevallen in de ketel met toverdrank die de Galliërs onoverwinnelijk maakt. Hierbij heeft hij zoveel toverdrank binnen gekregen dat de drank bij hem nooit meer uitgewerkt raakt. Hij wordt daarom altijd overgeslagen wanneer de toverdrank wordt uitgedeeld, zeer tot zijn ongenoegen.

Obelix is werkzaam als menhirhouwer, en als hij niet op avontuur is met Asterix is hij dan ook vaak te vinden in zijn steengroeve. Zijn grootste hobby's zijn eten (en dan het liefst hele everzwijnen) en met Romeinen vechten. De laatsten delven hierbij altijd het onderspit doordat Obelix onoverwinnelijk is. De catchphrase van Obelix is "Rare jongens, die..." waarna altijd de naam van een volk volgt dat in de ogen van Obelix er maar vreemde gewoonten op na houdt. De raarste jongens zijn natuurlijk de Romeinen. In de Italiaanse vertaling is de frase als acroniem een zinspeling op het klassieke insigne Senatus Populusque Romanus (SPQR): "Sono Pazzi Questi Romani".

De onafscheidelijke hond van Obelix heet Idéfix. Die naam is een woordspeling op de term idee fixe of meer precies het Franse begrip idée fixe, wellicht om de onafscheidelijkheid tussen Obelix en zijn hond te onderstrepen. Obelix' eigen naam herinnert aan obelisken en daarmee indirect aan zijn beroep van menhirhouwer. Hoewel er veel menhirs zijn gevonden, met name in Bretagne, is er weinig met zekerheid bekend over de motieven van hun makers en de wijze van hun ontstaan. We weten wel dat ze tenminste tweeduizend jaar ouder zijn dan Obelix.

Twee titels uit de serie noemen Obelix bij naam, zowel in de Nederlandse vertaling als in het Franstalige origineel:[1]

  • 23. Obelix & Co. (Obélix et compagnie, 1976), waarin Obelix aan het hoofd van een menhir-imperium komt te staan
  • 30. De beproeving van Obelix (La galère d'Obélix, 1996), waarin Obelix toch van de toverdrank neemt

In de toverketel

Het verhaal Hoe de kleine Obelix in de ketel van de druïde viel verscheen voor het eerst in 1965 in het striptijdschrift Pilote als een bijdrage van vaste redacteur Goscinny. Samen met Uderzo en anderen had hij in 1959 dit tijdschrift mede opgericht. Albert Uderzo maakte in samenwerking met de colorist Thierry Mébarki aquarel tekeningen bij het verhaal voor een uitgave op stripalbumformaat in 1989. [2]

In andere literatuur

Ter gelegenheid van de veertigste verjaardag van Asterix in 1999 organiseerde het Rijksmuseum van Oudheden een tentoonstelling met de titel Asterix en Europa. De auteur Margreet van Muijlwijk schreef een boek over "het leven van Asterix in het echt" voor deze tentoonstelling over de Europese oudheid en gaf het de titel Rare jongens, die Europeanen. [3] [4]

In de film

De films van Asterix heet Astérix & Obélix, zoals de strips ook vaak worden genoemd. De rol van Obélix krijgt hierin op humoristische wijze gestalte door de gevierde Franse acteur Gérard Depardieu. Bij de aftiteling staat hij boven Astérix.[5]

Zie ook

Voetnoten

  1. º NRC.nl: Bibliografie van Asterix in het Nederlands (16 maart 2000)
  2. º Hoe de kleine Obelix in de ketel van de Druïde viel, Goscinny (tekst), Uderzo (ill.), uitgave Albert René, vertaling Els van den Brempt, ISBN 2-86497-042-2.
  3. º Museumkr@nt: Asterix en Europa (2000)
  4. º Rare jongens, die Europeanen, Margreet van Muijlwijk en het RMO, uitgeverij Bert Bakker, 2000, ISBN 90-351-2220-8.
  5. º IMDB.com: Astérix & Obélix: Mission Cléopâtre (2002)