Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

René Goscinny

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

René Goscinny (Parijs, 14 augustus 1926 – aldaar, 5 november 1977) was een Franse schrijver, humorist en scenarist van stripverhalen.

Goscinny werd geboren te Parijs als tweede zoon van Stanislas "Simkha" Goscinny, een chemisch ingenieur uit Warschau, en Anna Beresniak Goscinny uit het dorpje Chodorkow (Oekraïne) die elkaar in Parijs hadden ontmoet. In 1928 verhuisde het gezin naar Buenos Aires omdat Goscinny senior daar een baan had gekregen.

Zijn jonge jaren bracht Goscinny door in Argentinië waar hij een korte carrière als tekenaar beleefde. In december 1943 overleed zijn vader. Goscinny had enkele baantjes, onder andere als leerling-accountant en als tekenaar. In 1945 verhuisde hij met zijn moeder naar zijn oom Boris in de Verenigde Staten. In 1946 keerde hij terug naar Frankrijk om zijn militaire dienstplicht te vervullen bij het 141e bataljon van de Alpenjagers. Hij werd bevorderd tot korporaal en werd de illustrator van zijn regiment. Voor het leger maakte hij illustraties en posters. In 1947 illustreerde hij een boek, en vervolgens keerde hij terug naar New York.

Er volgde een moeilijke periode, zonder werk. In 1948 begon hij in een kleine studio te werken. Hier raakte Goscinny bevriend met mensen als Will Elder, Jack Davis en Harvey Kurtzman, die later bekend zouden worden van hun werk voor Mad magazine. In 1949 ontmoette hij er ook de tekenaar Maurice De Bevere (Morris). Kort daarop verhuisde Goscinny terug naar Parijs.

In 1951 ontmoette hij daar de tekenaar Albert Uderzo met wie hij enkele stripverhalen-series maakte, waaronder Oumpah-Pah, dat in het tijdschrift Tintin verscheen tussen 1958 en 1962). Vanaf 1959 begon hun strip Asterix te verschijnen in stripblad Pilote. Intussen was Goscinny in 1955 ook verhalen gaan schrijven voor de strip Lucky Luke die werd getekend door Morris. De samenwerking met zowel Morris als Uderzo, zou duren tot de dood van Goscinny in 1977.

Als redacteur (vanaf 1959) en later hoofdredacteur (van 1963 tot 1974) van Pilote maakte Goscinny dit blad tot een stripblad voor volwassenen met stripverhalen die inventiever en vernieuwender waren dan tot dan toe gebruikelijk in stripbladen voor kinderen.

Goscinny werkte als scenarist ook samen Jean Tabary (Grootvizier Iznogoedt, 1962-1977) en Gotlib (Les dingodossiers, 1965-1967). Hij schreef onder het pseudoniem Agostini een serie kinderboeken, Le Petit Nicolas (1956-1964), geïllustreerd door Jean-Jacques Sempé.

Goscinny overleed op 51-jarige leeftijd aan een hartaanval tijdens een inspanningstest in een ziekenhuis in Parijs.

Trivia

Het uitgaansgedeelte van Disneyland Resort Paris (Disney Village) heeft als straatnaam de "Avenue René Goscinny" gekregen.

Externe links

rel=nofollow