Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Vos (dier)

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Hoofdartikel.png Zie ook : vos (doorverwijzing), voor andere betekenissen van "vos".

De vos oftewel gewone vos oftewel rode vos oftewel Vulpes vulpes genoemd, is een lid van de hondachtigen. De vos is een van de grootste roofdieren die nog vrij in de Benelux voorkomen.

Uiterlijk

De vossenvacht is over het algemeen roodbruin, maar kan ook beige tot helderrood zijn, of zilverkleurig tot zwart (vooral in de bergen). Ook albino's komen voor. De oren zijn aan de achterzijde zwart, evenals de "sokken", de onderbenen. Sommige dieren hebben een witte staartpunt; veel vossen hebben in ieder geval enkele witte haren rond het puntje van de staart. De bovenlip is wit, evenals de bef. Op de wangen zit bij veel vossen een zwarte of bruine "traandruppel". Sommige dieren hebben een staalgrijze keel en buik, met een witte ster op de borst. In de paartijd heeft het vrouwtje, de moervos, een roze glans over de vacht aan de onderzijde.

De vos heeft een slanke snuit en puntige rechtopstaande oren. De staart is lang, dik en ruig. Hij heeft een schouderhoogte van 35 tot 40 centimeter en staat hoog op de poten. Hij heeft een kop-romplengte van 58 tot 90 centimeter met een staart van 32 tot 48 centimeter. Hij weegt zes tot tien, soms vijftien kilogram. Mannetjes zijn over het algemeen groter dan vrouwtjes.

Gedrag

Voedsel en activiteit

Vossen jagen solitair, meestal 's nachts en in de schemering, maar in onverstoorde gebieden jaagt hij liever overdag. De vos is een opportunist: hij eet bijna alles. Hij kan hard rennen, tot zestig kilometer per uur, alhoewel zes tot dertien kilometer per uur de normale snelheid is.

Zijn prooien zijn meestal kleine en middelgrote prooidieren, zoals grote kevers, muizen en andere knaagdieren, konijnen, hazen, vogels en katten, eieren, regenwormen en egels. Ook vruchten en bessen (vooral bramen) worden gegeten, evenals aas, placenta's en afval.

Dagelijks moet een vos ongeveer vijfhonderd gram aan voedsel binnenkrijgen. Een vos doodt soms meer dan hij nodig heeft. Vooral op plaatsen waar meerdere prooidieren op elkaar zitten en niet kunnen ontsnappen, kan hij een ware slachtpartij aanrichten, bijvoorbeeld in kippenhokken of kolonies van grondbroedende vogels als kokmeeuwen. Voedselresten worden begraven en later weer opgezocht, maar de vos legt geen voedselvoorraden aan. Een vos is meestal zeer succesvol in het terugvinden van begraven voedsel.

Sociaal gedrag

De vos leeft meestal in een groep van zo'n zes dieren. Een dominante rekel (mannetjesvos) en een dominante moervos (vrouwtjesvos) worden begeleid door meerdere moervossen, waarschijnlijk uit vorige worpen. Meestal zijn alle vrouwtjes in een groep aan elkaar verwant. Rekels worden, zodra ze volwassen zijn, uit de groep verjaagd. De ondergeschikte moervossen zijn helpers, die helpen met de opvoeding van de jongen. Soms planten in een groep meerdere moervossen zich voort. De worpen worden dan vaak samengevoegd tot één groep welpen, die bij alle moervossen mogen zogen.

Het territorium kan 1 tot 12 km² bedragen, al naar gelang van voedselaanbod, veilige nestplaatsen en dergelijke. Het biotoop wordt afgebakend met geursporen, voornamelijk urine en uitwerpselen, die worden geplaatst op duidelijk zichtbare en ruikbare plaatsen, maar vooral op vaakgebruikte plaatsen. Over het algemeen bakenen alleen de dominante moervossen het territorium af met urine. Een van de componenten die van de vossengeur is chemisch geïdentificeerd als 3-methyl-2-buteen-1-thiol.

De vos kan tenminste 28 verschillende geluiden voortbrengen, en hij kent ook een groot aantal houdingen om mee te communiceren. Onderdanige vossen houden bijvoorbeeld de oren naar achter, de mond lichtelijk open met opgetrokken lippen, en kwispelen bochtig met hun staart. Agressieve vossen plaatsen de oren zijdelings en houden de mond wagenwijd open.

Hol

Vossen leven in een hol. Het hol is zelf gegraven of van een konijn of een das. Het komt voor dat vossen zelfs hun hol delen met konijnen en dassen. Een zelfgegraven hol bevindt zich meestal in een zandbank, onder een omgevallen boom, tussen boomwortels of onder rotsen, en heeft vaak twee tot vier ingangen. Een groot hol, met meerdere ingangen, wordt een burcht genoemd. Meestal gebruiken alleen drachtige vrouwtjes het hol. Buiten het voortplantingsseizoen verblijft de vos overdag meestal op beschutte plaatsen.

Voortplanting

De paartijd duurt van december tot februari, wanneer de mannetjes vruchtbaar zijn. Een vrouwtje is in die tijd slechts drie weken loops. De jongen worden na een draagtijd van 52 à 53 dagen in de lente (tussen maart en mei) geboren. Het hol wordt soms gedeeld door drachtige vrouwtjes.

Een worp telt meestal 4 tot 6 jongen. Worpen van 5 tot 8 jongen komen ook voor, bij uitzondering zelfs 10. De worpgrootte is afhankelijk van het voedselaanbod. In gebieden met veel vossen zijn de worpen kleiner. Veel jacht geeft minder vossen, maar grotere worpen. Bij de geboorte zijn de jongen blind en doof en wegen ongeveer 100 gram. Ze hebben bij de geboorte een donkere fluwelen vacht, stompe snuitjes en kleine oortjes. De eerste twee tot drie weken zijn de jongen volledig afhankelijk van hun moeder. De vader en de helpers brengen de eerste dagen voedsel voor de moeder; nadat de jongen gespeend zijn, helpt ook de moeder mee.

Na elf tot veertien dagen gaan de ogen open. De eerste maand zijn de ogen blauw van kleur, maar later wordt ze bruin. Als de pups vier weken oud zijn, groeien de neus en oren snel, en komt er een rossige glans over de vacht. Ze eten rond deze tijd hun eerste vaste voedsel. Na zes weken worden de welpen gespeend en na zeven tot acht weken hebben ze het volledige melkgebit.

Na zes maanden zijn jonge vossen op het oog niet meer te onderscheiden van volwassen dieren. Tegen de herfst zijn de jongen volwassen en na tien maanden zijn ze geslachtsrijp.

Bedreiging en levensverwachting

In het wild wordt de vos zo'n tien jaar oud. De meeste vossen worden echter niet ouder dan 3 jaar. Meestal is jacht de voornaamste doodsoorzaak. Ook worden veel vossen verkeerslachtoffer. Belangrijke ziektes waaraan vossen kunnen lijden zijn schurft en hondsdolheid.

Verspreiding en leefgebied

De vos heeft tegenwoordig het grootste verspreidingsgebied van alle roofdieren (voorheen was dit de wolf). Hij komt voor over praktisch het gehele Noordelijk Halfrond, van de poolcirkel tot Noord-Afrika, Midden-Amerika en het Aziatische steppengebied. De soort ontbreekt alleen in te hete woestijnen, koude toendra's en op eilanden als IJsland. Hij is geïntroduceerd in Australië, de Falklandeilanden en op het eiland Man, waar hij waarschijnlijk weer is uitgestorven.

De vos kan zich goed aanpassen, en komt in bijna alle habitats voor: woestijnen, toendra's, moerassen, gebergten, duinen en landbouwgebieden. Onder andere in Engeland komt de vos ook voor in stedelijk gebied, voornamelijk in buitenwijken, waar huizen grote tuinen hebben, en in stadsparken. In Engeland wordt de vos op deze plekken illegaal bejaagd. De favoriete habitat is bos met open gebieden en struwelen.

De vos en de jacht

De vos geldt als een van de meest aantrekkelijke dieren om op te jagen. Bekend is de traditionele Engelse vossenjacht, waarbij te paard met een meute beagles op de vos wordt gejaagd. In Engeland is deze traditionele vorm van vossenjacht sinds 2005 verboden. Wanneer de vos niet bejaagd wordt, zoals in de Oostvaardersplassen, blijkt dat dit "nachtdier" toch liever overdag jaagt. In Nederland is sinds 1 april 2006 de vos niet langer beschermd en mag weer worden bejaagd zonder ontheffing.

Argumenten voor bejaging

Onder voorstanders van de jacht leven de volgende argumenten:

  • De vos kan ziekten en parasieten met zich meedragen, met name hondsdolheid en bepaalde soorten lintwormen.
  • De vos jaagt op allerlei soorten fauna, waaronder weidevogels, landbouwdieren als kippen en konijnen en fazanten, waarbij hij soms meer doodt dan hij nodig heeft voor zijn voedselvoorziening.
  • Bejaging van vossen dient ter bescherming van weidevogels.
  • Jacht maakt natuur natuurlijk. In de kleine Nederlandse natuurterreinen is geen plaats voor dieren die de top van de voedselketen vormen, en de natuurlijke vijanden van de vos zoals de wolf en de lynx komen niet voor. Jacht compenseert dat door het aantal vossen te controleren.

Argumenten tegen bejaging

Tegenstanders van de jacht hebben de volgende argumenten:

  • Vossen vangen grote hoeveelheden woelmuizen, zoals veldmuis, rosse woelmuis, aardmuis en woelrat. Dit zijn soorten die in economisch opzicht nog véél grotere schade veroorzaken dan vossen.
  • Wanneer een vos gedood is, zwermen dieren uit aangrenzende gebieden de vrijgekomen territoria in. Dit kan leiden tot het verspreiden van ziekten via migrerende vossen.
  • Er is een alternatief voor beheersing van hondsdolheid door de jacht: de vos kan door middel van uitgelegd aas gevaccineerd worden tegen hondsdolheid. Nederland en België zijn momenteel vrij van hondsdolheid.
  • Houders van kippen en konijnen kunnen hun dieren beschermen met een deugdelijk hok.
  • Jacht is onnatuurlijk. Een biotoop met predatoren heeft een natuurlijker evenwicht dan een zonder. Vossen maken deel uit van het ecosysteem.

Argumenten tegen bejaging gebruikt door de Nederlandse Dierenbescherming

  • Een degelijke, ingegraven omheining is een eenvoudige methode om het incidenteel doden van kippen door vossen te voorkomen. Meestal zal een vos echter de bewoonde gebieden vermijden.
  • Een vos is beslist geen doder van volwassen schapen. Als ze zich al voeden met schapenvlees, zal dit afkomstig zijn van een al dood schaap. Bij hoge uitzondering kan het voorkomen dat een vos pasgeboren lammetjes aanvalt. Een gezonde ooi zal echter goed in staat zijn de vos weg te jagen.
  • De vos is niet de directe veroorzaker van een lage weidevogelstand. Hiervoor zijn vele andere oorzaken te noemen. Bijvoorbeeld de verlaging van de grondwaterstand, verandering van de macrofauna, bemesting en landbouw.
  • Rabiës komt tegenwoordig in Nederland niet meer voor. Vroeger werd gedacht dat deze ziekte het beste te bestrijden was door afschot van vossen. Dit bleek niet zo te zijn. Ten eerste omdat de natuurlijke vijanden van muizen en ratten wegvielen, met nadelige effecten voor de landbouw. Ten tweede blijkt bejaging het besmettingsrisico voor gezonde vossen alleen maar groter te maken.
  • Afschot van vossen verwijdert de vossenlintworm (Echinococcus multilocularis) niet. De kans dat een mens besmet wordt, blijkt erg klein te zijn. In Europa is er jaarlijks op 100.000 inwoners één geval. Op de Veluwe en in de kuststrook van Nederland zijn nog geen besmette vossen aangetroffen. Mensen die rechtstreeks in contact komen met vossen, doen er wel verstandig aan voorzorgsmaatregelen te treffen. Draag wegwerphandschoenen om Echinokokkose (besmetting met lintwormeitjes via de vossenontlasting) te voorkomen. Het RIVM adviseert wilde bosvruchten en paddenstoelen te wassen en liefst te koken, bijvoorbeeld tot jam.

De vos als exoot in Australië

De vos is in Australië uitgezet voor de jacht. Hij geldt daar nu als de exoot die de meeste ecologische schade aanricht, meer nog dan de kat en het konijn. Vele soorten zijn door toedoen van de vos uitgestorven.

De vos in literatuur en cultuur

In fabels en verhalen wordt de vos steevast afgeschilderd als slim en sluw. Hij maakt gebruik van de zwakheden van anderen om ze te bedriegen en te misleiden en heeft daar over het algemeen veel succes mee. Ondanks dit beeld komt de vos meestal sympathiek over. Hij wekt bewondering door zijn slimheid, en is meestal vrolijk en zorgeloos. Enkele voorbeelden hiervan zijn de fabels van Aisopos en de verhalen over de Reynaart de Vos. Van recenter gebruik is het personage Joris Goedbloed uit Panda van Marten Toonder, alsmede Lowieke de Vos uit de Fabeltjeskrant.

Zie ook

Wikimedia Commons  Vrije mediabestanden over Vulpes vulpes op Wikimedia Commons