Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Otto Nicolai

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Nootje.pngDit artikel valt onder beheer van Dorp:Luisterrijk. Nootje.png
rel=nofollow

Carl Otto Ehrenfried Nicolai (Koningsbergen, 9 juni 1810Berlijn, 11 mei 1849) was een Duits componist, dirigent, organist, pianist en zanger. Tijdens zijn leven had hij veel succes, vooral als uitvoerend musicus en speciaal als dirigent.

Nicolai componeerde een groot aantal muziekstukken, die echter geen repertoire hebben gehouden, met uitzondering dan van de ouverture Die lustigen Weiber von Windsor, die nog geregeld wordt uitgevoerd.

Na een rustige aanloop, wordt al snel in deze ouverture een zekere spanning opgebouwd, en gaat de melodie over in een andere maatsoort. Deze spanning ontlaadt zich in een vrolijke en snelle melodie, die van het begin tot het einde blijft boeien.

Dit is een artikel uit de serie:
Bekende melodie,
onbekende componist
Si j'etais Roi
Menuet, Kwintet opus 13, nr. 5
Le Calife de Bagdad
On hearing the first Cukoo in Spring
Berceuse de Jocelyn
Plaisir d' Amour
Die lustigen Weiber von Windsor
De Urendans, La Giaconda
Dona Diana, Moretto

Opleiding

Otto Nicolai studeerde van 1827 tot 1830 aan het Koninklijk Instituut voor Kerkmuziek te Berlijn bij Bernhard Klein en Carl Friedrich Zelter. In 1830 werd Nicolai lid van de Berlijnse zangacademie en nam hij zanglessen.

Eerste successen

In het begin van de jaren 1830 werd de naam Otto Nicolai voor het eerst bekend bij het publiek, met de uitvoeringen van zijn Symfonie in c-klein. Met de voor de inwijding van de kathedraal in Posen (nu Poznań) geschreven Mis in D-groot (1832) en het Te Deum (1833) boekte hij zijn eerste, echte successen.

Dirigent

In 1833 werd Nicolai organist aan het Pruisische gezantschap te Rome, en nam daar ook nog aanvullende muzieklessen van een Italiaanse componist. Tussendoor verbleef Nicolai een jaar in Wenen van 1837 tot 1838 als dirigent van het Kärntnertortheater.

Nicolai werd in 1837 als kapelmeester aangesteld aan het Kaiserliche und Königliche, – k.u.k – Hofoperatheater aan het Kärtnertor in Wenen. Hoewel het een succesvolle periode was, werd zijn contract niet verlengd, waarop hij naar Italië vertrok. In Turijn kreeg Nicolai een aanstelling als kapelmeester aan het koninklijke operahuis. Zijn eerste opera Enrico II werd geen succes, maar het publiek was enthousiast over de uitvoering van Il Templario ( Spaans = tempelridder ) in 1840 in Turijn.

Opera

In 1841 werd Nicolai hofkapelmeester in Wenen, waar hij de beroemde ’Philharmonische Konzerte’ introduceerde, waaruit het beroemd geworden orkest de Wiener Philharmoniker[1] uit voortkwam. Weer later werd Otto Nicolai dirigent van de koninklijke opera en het Domkoor in Berlijn. Aan deze functie was de verplichting verbonden tot het componeren van een Duitstalige opera.

Die lustigen Weiber von Windsor

Otto Nicolai hoopte een goed onderwerp te vinden voor een opera. Een van zijn vrienden had het idee om de komedie " The merry Wives of Windsor " van William Shakespeare te bewerken. De schrijver Jacob Hoffmeister wilde wel twee delen schrijven, maar weigerde de opdracht voor de volledige opera aan te nemen. Het libretto werd uiteindelijk geschreven door Salomon Herman von Mosenthal.

In 1846 was de opera Die lustigen Weiber von Windsor voltooid, maar werd pas later – op verzoek van Koning Frederik Willem IV – ingestudeerd. Door allerlei politieke ontwikkelingen ging de première die voor 1848 gepland stond niet door. Uiteindelijk vond de première op 9 maart 1849 plaats, onder de muzikale leiding van de componist. Het was niet gelijk een succes. Noch de pers, noch het publiek was tevreden. Later werd de opera toch een publiekstrekker, maar dat heeft Otto Nicolai niet meer meegemaakt.

Postuum succes

De opera Die lustigen Weiber von Windsor was het enige werk waarmee Nicolai internationale bekendheid kreeg. Van het succes, dat zijn opera later kreeg, heeft Otto Nicolai niet meer kunnen genieten. Twee maanden na de première stierf hij aan een beroerte.

Van deze opera wordt nu alleen de ouverture nog vaak gespeeld. De vele andere composities van Otto Nicolai worden zelden of nooit uitgevoerd.

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties:

  1. º De Wiener Philharmoniker is een in Wenen gevestigd Oostenrijks symfonieorkest, dat in 1842 werd opgericht door Otto Nicolai. In 2017 vierde het orkest zijn 175-jarig bestaan.
1px.png

Bekijk op YouTube  Die lustigen Weiber von Windsor op YouTube