Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Ontgroening (studenten)

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Een ontgroening (in Nederland; in Vlaanderen wordt dit doop genoemd), is een beproeving die potentiële nieuwe leden van een (studenten)organisatie of vereniging tijdens hun verplichte introductietijd moeten doorstaan, voordat ze officieel kunnen worden ingewijd. Die officiële inwijding wordt in Nederland inauguratie genoemd. In Vlaanderen heet die officiële inwijding bij studentenverenigingen ontgroening.

Het beproevingsritueel bestaat meestal uit een reeks plagerijen en vernederingen die de aspirant-leden moeten doorstaan. De term ontgroening wordt in Nederland gebruikt voor dergelijke rituelen in onder meer de studentenwereld, de scheepvaart en het leger. Bij studenten was kaalscheren van nuldejaars gebruikelijk; kersverse zeelieden kregen bij het passeren van de evenaar te maken met een Neptunusritueel; in het leger werd en wordt nogal eens fysieke intimidatie toegepast. Andere beroepsgroepen kennen onschuldigere ontgroeningen; zo laten tuinders een leerling graag op zoek gaan naar het aardbeienladdertje, en moest een leerling-timmerman vroeger op zoek naar de vierkante gatenzaag.

Niet alle Nederlandse studentenverenigingen kennen een ontgroening. Het zijn met name de corporale verenigingen en de verenigingen aangesloten bij het AHC die een intensieve ontgroeningsperiode kennen[1] De ontgroening duurt gemiddeld twee weken en heet tegenwoordig 'KMT' (= kenningsmakingstijd), 'introductietijd' of 'introductieperiode'. Kleinere traditionele studentenverenigingen kennen soms ook een ontgroening, maar deze is doorgaans veel minder intensief. Andere, minder traditionele verenigingen hanteren vaak een vrijblijvend introductieweekend waar de nieuwe lichting leden kunnen integreren met de vereniging. Doordat deze verenigingen doorgaans overzichtelijker zijn en daardoor een kleiner aantal eerstejaars kennen, is de noodzaak tot een intensieve ontgroening ook minder aanwezig. Daarnaast speelt het vrijblijvende karakter van deze verenigingen een rol.

Oorsprong

Ontgroeningen bij Nederlandse studentenverenigingen zijn al heel oud, getuige deze teksten (afkomstig van de Rijksuniversiteit Groningen uit de 17e eeuw):

Het enige waarin studenten zich uitleven zijn onderlinge gevechten van (illegale) verenigingen, de collegia nationalia, en ontgroeningspartijen

en van latere datum:

In de 18e eeuw duiken opnieuw ontgroeningsgroeperingen op, die de universiteit vergeefs verbiedt.

De ontgroening was, samen met de voortdurende vechtpartijen, een van de redenen waarom de universiteiten in Nederland de nationes en groensenaten aanvankelijk verbood.

De ontgroening bij Nederlandse studentenverenigingen is vergelijkbaar met de Vlaamse doop, de ontgroening bij Vlaamse studentenclubs over -verenigingen is vergelijkbaar met de Nederlandse inauguratie.

In de jaren '60 en '70 zetten veel jongeren zich af tegen traditionele waarden, en ook ontgroeningen moesten er bij veel verenigingen aan geloven, of ze werden versoepeld. Dit had ook te maken met het feit dat met name de corpora kampten met ledenverlies. In de jaren '80 verhardde het klimaat weer en keerden de ontgroeningen terug. Er schijnt nu een evenwicht te zijn ontstaan, hoewel verenigingen zich gedwongen zien aan steeds meer regels te conformeren.

Traditionele ontgroeningen

Voor de meeste traditionele verenigingen vormt de ontgroening in september het hoogtepunt van het jaar. Iedereen is aanwezig, en iedereen zet zich in om er wat van te maken (in positieve zin). De nullen, novieten, klooien of feuten (phoeten) (aankomende eerstejaars, nuldejaars genoemd) moeten zich verzamelen, en worden geregistreerd. Ze worden meteen over het algemeen afgeblaft door de commissie die de dagelijkse leiding heeft over de ontgroening, maar meestal zijn er ook vertrouwenspersonen die de nullen ondersteunen. De nullen gaan vaak op kamp waarbij men zich niet mag wassen en waarbij iedereen bepaalde kleding moet aantrekken. Ze worden voortdurend beziggehouden en moeten vaak ook werk verrichten zoals bomen snoeien voor Staatsbosbeheer, gras opruimen voor een gemeente of collecteren voor het Rode Kruis. Ook wordt het jaarlied bedacht en geoefend. Andere liederen moeten ook worden geleerd, zoals het Wilhelmus, het Io Vivat, het verenigingslied, en diverse andere liederen. Hierbij rust een speciale verantwoordelijkheid op de kampleiding en de ontgroeningscommissie en vertrouwenspersonen. Zij dienen over de gezondheid van de nullen te waken, en hen te beschermen tegen ouderejaars die over de schreef gaan. De eerste aanzet tot jaarclubs wordt vaak hier gegeven.

Na het kamp volgen vaak clubdagen en -avonden, waarbij de nullen op de vereniging moeten komen om deze en hun leden zoveel mogelijk te leren kennen en ook om elkaar te leren kennen. In tegenstelling tot op het kamp wordt nu niet altijd ontgroend op voet van ongelijkheid en worden nullen 's avonds in de gelegenheid gesteld om met elkaar en anderen te socializen. Wel moeten eerstejaars nog vaak een herkenningsteken dragen. Ook wordt men vaak geacht om bijvoorbeeld glazen te halen of deuren te sluiten. Langzaam wordt de druk verminderd en zijn er minder verplichte avonden, tot de inauguratie aanbreekt. Dit is een feestelijke dag of lang weekend met een vol programma, waarbij feestelijk de toetreding van een nieuwe generatie wordt gevierd. Vroeger werd er vaak door de groenen een zelfgeschreven humoristisch toneelstuk uitgevoerd, het 'groenentoneel'. Na de inauguratie vindt vaak de jaarclubvorming en de toetreding tot disputen plaats.

Onder invloed van incidenten en de berichtgeving in de media daarover zijn ontgroeningen van de verenigingen zelf tegenwoordig goed gereguleerd. Zo wordt er over het algemeen door de nuldejaars geen alcohol gedronken, moeten er altijd nuchtere en verantwoordelijke ouderenjaars aanwezig zijn en wordt het ontgroeningsprogramma vaak doorgesproken met onder andere een psycholoog, een arts en een jurist.

Disputen, huizen en commissies

Behalve de algemene verenigingsontgroening kunnen sommige onderdelen van een vereniging nog een ontgroening hebben. Dit kan bijvoorbeeld gelden voor disputen, studentenhuizen en commissies. Dit kan variëren van een avondje vervelende opdrachten doen tot maandenlang op de huid gezeten worden door ouderejaars. Aangezien hier weinig tot geen controle is van de vereniging zelf en van de universiteit, wordt bij zulke ontgroeningen nog steeds zeer veel alcohol gebruikt. Ook draagt de besloten sfeer bij tot excessen. De meeste incidenten betreffen dan ook niet eens zozeer verenigingsontgroeningen, maar dispuuts-, commissie- of huisontgroeningen (de Roetkapaffaire, Reinout Pfeiffer). Een groeiend aantal verenigingen tracht de controle op disputen en commissies te versterken en het alcoholgebruik bij ontgroeningen terug te dringen. Door de besloten sfeer en onafhankelijkheid van met name huizen en disputen is dit echter vaak zeer moeilijk. Men kan vaak hooguit een beroep doen op het verantwoordelijkheidsgevoel van de betrokken leden en in het uiterste geval de erkenning van het huis of dispuut intrekken.

Misstanden

Ontgroeningen zijn regelmatig negatief in het nieuws gekomen door misstanden. Zo raakte in 1965 het Utrechtsch Studenten Corps in opspraak, toen tijdens de ontgroening in het adellijke dispuut Tres student jonkheer David Rutgers van Rozenburg door verstikking om het leven kwam (de zogenaamde roetkapaffaire). De verontwaardiging was groot toen er zeer lichte straffen werden uitgedeeld, terwijl tegelijkertijd diverse provo's voor hun ludieke acties onvoorwaardelijke gevangenisstraffen kregen opgelegd.

Directe aanleiding voor de oprichting van het Leidsch Studenten Corps in 1839 was een schandaal (Kraakman incident) in verband met een ontgroening. Tegenwoordig (eind 20e / begin 21e eeuw) is de kennismakingstijd aan allerlei regels verbonden die zowel door de universiteit zijn opgelegd als voortvloeien uit de maatschappij. Zo zouden de aspirant-leden elke nacht voldoende slaap moeten krijgen, en mogen zij géén alcohol drinken.

De ontgroening bij het Groninger Studenten Corps kwam in 1997 in het nieuws toen de eerstejaars student Reinout Pfeiffer overleed nadat hij een grote hoeveelheid jenever had gedronken[2]. [3] Dit voorval had niet direct iets met de ontgroening bij Vindicat te maken, aangezien het plaatsvond in een studentenhuis, waar gekeken werd of hij een geschikte huisgenoot zou zijn, maar de relatie met de ontgroening werd wel gelegd. Bovendien was twee weken eerder tijdens een feestavond voor de eerstejaars van dezelfde vereniging een dronken, in het gras slapende eerstejaars door een lid met de auto per ongeluk overreden. Het was donker en hij had de jongen niet zien liggen in het gras. Deze incidenten waren voor alle Groningse studentenverenigingen aanleiding om de controle op de ontgroening te verscherpen, alcohol op ontgroeningen te verbieden, de eerstejaars tenminste 6 uur slaap per nacht te gunnen, en ze een medisch vragenformulier te laten invullen en ondertekenen. Deze aanscherping werd vervolgens overgenomen door de Landelijke Kamer van Verenigingen als stelregel voor alle daarbij aangesloten verenigingen.

In 2000 kwam de ontgroening van Rotterdamsch Studenten Corps negatief in het nieuws. Arthur, de neef van Youp van 't Hek had na een dag al het militaire kamp op de Veluwe verlaten. Een andere student werd met zijn hoofd in een toilet gestopt, nadat hij al twaalf uur niets te drinken had gehad. [4]. Van 't Hek wijdde er liefst 3 columns in het NRC Handelsblad aan, en ook later heeft hij nog over misstanden bericht[5]. Voor universiteiten zijn de misstanden enkele malen reden geweest om de banden met studentenverenigingen te verbreken. Ook later is de novitiaatsperiode van S.S.R.-Rotterdam in het nieuws geweest. Het meest recente voorbeeld hiervan is Wouter Engler, een journalist van het Algemeen Dagblad, die undercover ging tijdens het novitiaat in 2005[6].

In 2002 werden de banden opgeschort met de Utrechtse vereniging Unitas en verbroken met Veritas, onder meer omdat aspirantleden flauwvielen als gevolg van het introductieprogramma, geen vrije toegang tot de toiletten hadden en dat zij blootstonden aan ernstige verbale intimidatie [7] [8]. Wat bij deze beslissing meewoog, was dat de universiteit al drie achtereenvolgende jaren klachten had ontvangen over de gang van zaken bij Veritas.

In mei 2005 kwam de Groningse vereniging RKSV Albertus Magnus in opspraak, toen bij een commissie-ontgroening een jongen anderhalve dag in coma raakte. De vereniging had consequent een alcoholverbod uitgevaardigd, maar men realiseerde zich niet dat ook water in hoge doses giftig kan zijn. De jongen in kwestie had minstens zes liter gedronken.

In 2007 publiceerde het NRC Handelsblad een open brief, waarin de schrijver berichtte over hoe de ontgroening dat jaar bij het Delftsch Studenten Corps was verlopen [9]. Als gevolg hiervan beperkte de TU Delft de financiële ondersteuning van de vereniging[10].


Ontgroeningspraktijken

Hieronder volgt een aantal methoden van ontgroening. Deze lopen van onschuldige plagerijen tot strafbare feiten. Behalve tussen geoorloofde en ongeoorloofde praktijken kan men ook onderscheid maken tussen ontgroening op grond van gelijkheid en ontgroening op grond van ongelijkheid. Wanneer op grond van gelijkheid wordt ontgroend heeft de activiteit meer het karakter van een kennismaking. De feuten wordt iets uitgelegd, ze kunnen vragen stellen, en worden als gelijken bejegend. Bij ontgroening op grond van ongelijkheid is dit anders en dienen de feuten te luisteren of opdrachten te doen, waarbij verbale druk wordt uitgeoefend. De constante verbale en mentale druk die op de feuten wordt uitgeoefend kan voor sommigen een reden zijn na verloop van tijd te stoppen met de ontgroening. Het feit dat een bepaalde activiteit op de lijst voorkomt wil niet zeggen dat het algemene praktijk is.

  • Zoemen: De feuten moeten de vingers in hun eigen of andermans oren stoppen en zoemgeluiden maken. Het is een populaire manier om de feuten tijdelijk bezig te houden
  • Liedje zingen: De feuten moeten een lied zingen of leren
  • Het jaarlied: Soms kiezen de ouderejaars een jaarlied, soms moeten de feuten zelf jaarliederen bedenken en wordt de beste gekozen. Uiteraard moet dit jaarlied flink geoefend worden. Soms moet men het lied voor de ouderejaars zingen, die hier zelf met hun eigen jaarliederen doorheen trachten te schreeuwen
  • Drank halen (en betalen) voor de ouderejaars
  • Schoonmaken: De feuten moeten bepaalde ruimtes schoonmaken, soms met tandenborstels
  • Corvee: De feuten krijgen corveedienst. Soms wordt strafcorvee uitgedeeld voor bijvoorbeeld te laat komen of het herkenningsteken niet dragen
  • Quiz: De feuten moeten studiemateriaal over bijvoorbeeld hun vereniging bestuderen en worden later overhoord. Aangezien het grootste plezier er vaak in steekt de feuten te "straffen" voor foute antwoorden, zijn de vragen vaak overdreven gedetailleerd, komen ze niet in de stof voor, of is de studietijd belachelijk kort
  • Verstoring van het tijdsgevoel: De feuten mogen geen horloges of mobiele telefoons meenemen zodat hun tijdsgevoel verstoord raakt. Dit werkt met name goed als het grootste deel van de ontgroening binnenshuis plaatsvindt
  • Opdrachten uitvoeren: De feuten moeten opdrachten uitvoeren. Soms moeten ze helpen met bijvoorbeeld het opzetten van een feesttent, schoonmaken van verenigingshuizen of de ouderejaars bedienen. Soms bestaan de opdrachten uit spelletjes die het groepsgevoel moeten versterken, zoals samen iets bouwen of maken. Soms zijn de opdrachten ook zinloos, bijvoorbeeld 100 meter hinkelen of doen alsof je een kikker bent. Evenals corvee leent het laten uitvoeren van opdrachten (zinvol of zinloos) zich uitstekend voor het "straffen" van feuten
  • Bagagecontrole: Op het ontgroeningskamp of voorafgaand hieraan wordt bagage gecontroleerd op "verboden spullen", zoals alcohol (niet toegestaan), rookwaar (op ontgroeningen geldt voor feuten een rookverbod), make-up en aftershave ("het gaat om je inhoud, of het gebrek daaraan"), horloges ("feuten zijn toch niet bij de tijd", of "gezelligheid kent geen tijd"), telefoons ("wie zou jou nou willen bellen?", of "wie zou je willen bellen, al je (toekomstige) vrienden zijn al hier"), boeken ("denk je dat je tijd hebt om te lezen?") en andere zaken. Uiteraard is "bezit van verboden waren" ook een reden om feuten te "straffen"
  • Spelletjes met eten: Men kan hierbij denken aan voedselgevechten, de feuten insmeren met voedsel, de feuten op een rare manier laten eten (bijvoorbeeld met vastgebonden handen) of ze uit bijvoorbeeld een hondenbak of frisbee te laten eten. Soms worden feuten ook gedwongen om onsmakelijke dingen te eten, zoals levende meelwormen, insecten, extreem pittige pepers en zelfs urine of braaksel
  • Kaalscheren: In Nederland gebeurt dit vrijwel niet meer
  • Kleding: Veel verenigingen laten hun feuten T-shirts dragen (al dan niet bedrukt met hun naam en het thema van de ontgroening) om ze zo te onderscheiden van de ouderejaars. Vaak is het voor feuten tijdens de ontgroening verboden deze kleding zichtbaar te dragen buiten het terrein waarop de ontgroening plaatsvindt. Soms moeten feuten zich gedeeltelijk of geheel ontkleden, of worden ze vernederd door ze bijvoorbeeld een luier of kledingstuk van de andere sekse te laten dragen;
  • Hygiëne en wassen: De feuten krijgen geen of minder gelegenheid zich te wassen. Na extreem onsmakelijke activiteiten wordt er soms een uitzondering gemaakt of worden ze onder een tuin- of brandslang gezet. Toiletbezoek is alleen toegestaan op bepaalde tijden
  • Oriëntatietesten en droppings: De feuten worden 's nachts op een onbekende plaats achtergelaten
  • "Tijgeren", "robben", en andere activiteiten waarbij men door de modder of over de vloer moet kruipen
  • Slaapgebrek: De feuten krijgen minder of zelfs vrijwel geen slaap, zodat hun oriëntatie verstoord raakt. Sinds een jaar of tien is het de bedoeling dat de feuten een gegarandeerd aantal slaapuren per nacht krijgen, op grond van aangescherpte regels van de Landelijke Kamer van Verenigingen, al worden die regels niet altijd nageleefd,[11]
  • Verstoring van het eetpatroon: De feuten krijgen op afwijkende tijden te eten
  • Toneelstukje opvoeren: De feuten moeten voor de ouderejaars een geïmproviseerd toneelstukje opvoeren. Uiteraard wordt dit altijd als "zeer slecht" beoordeeld[12]
  • Verenigingsintroductie: De feuten lopen bij huizen, disputen, jaarclubs en commissies langs om zo een beeld van de vereniging te vormen. Hier vindt ontgroening vaker plaats op voet van gelijkheid
  • Gelden inzamelen: De feuten zamelen geld in voor de vereniging of voor een goed doel, bijvoorbeeld door te collecteren of heitje-voor-een-karweitje
  • Psychische druk: De feuten worden door ouderejaars afgesnauwd en toegeschreeuwd. En vaak wordt geschreeuwd dat "het nog nooit is voorgekomen dat een jaar zich zo slecht inzette"
  • Rookverbod: Op de meeste ontgroeningen mag in het geheel niet gerookt worden
  • Herkenningsteken: De feuten moeten een herkenningsteken dragen. Meestal is dit een wit "feutenshirt", maar soms gaat men verder door bijvoorbeeld met een stift leuzen op hun gezicht of lichaam te schrijven. Het herkenningsteken kan ook een om de nek gedragen tas of een pet zijn
  • Drankspelletjes: De feuten worden aangezet tot het drinken van alcoholische drank, meestal bier maar soms ook sterke drank. Sinds 1998 is alcoholgebruik door de feuten bij de meeste verenigingsontgroeningen in Nederland niet meer toegestaan. Bij commissie- en dispuutsontgroeningen komen ze wel nog vaak voor
  • Sinds het invoeren van een alcoholverbod bij verenigingsontgroeningen worden drankspelletjes soms vervangen door waterspelletjes, waarbij (grote hoeveelheden) water wordt gedronken in plaats van sterke drank. In mei 2005 raakte een jongen echter in coma door waterintoxicatie, wat een reden was om ook kritischer naar waterspelletjes te kijken
  • "Invallen" en "invechten" bij zusterverenigingen in andere steden
  • Een buitendag met activiteiten buitenshuis
  • Belachelijke hoofdtooi: Rare hoofddracht ter vernedering.
  • Spitsroeden lopen: Buiten Nederland komt dit nog wel eens voor. De feut moet door een corridor ouderejaars lopen en wordt daarbij gehinderd of overgoten met bier. Het idee hierachter is dat hij als een feut de tunnel binnengaat en er als een volwaardig lid weer uitkomt.
  • De inauguratie.

Trivia

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties: