Rosa Marinower
Rosa Marinower (Borgerhout ca. 1917 - Auschwitz ca. 1942) was een Joods/Belgisch slachtoffer van de holocaust.[1] Rosa Marinower was een tante van politicus Claude Marinower.[2]
Levensloop
Rosa was getrouwd met Isak Wolf, een diamantkliever. Het paar had twee kinderen, Renée en Nathan.[3]
Tweede Wereldoorlog
Isak verrichte vanaf mei 1942 dwangarbeid in Noord-Frankrijk.
Rosa Marinower en haar 2 kinderen werden in de nacht van 15 op 16 augustus 1942 gearresteerd in de Kroonstraat 189 bij de eerste grote razzia tegen de Joodse bevolking. Ze overleden alledrie in Auschwitz.
845 Joden komen op 16 augustus 1942 aan in de Dossinkazerne. 704 Joden worden op 18 augustus gedeporteerd naar het concentratiekamp van Auschwitz.
Nagedachtenis
De Marinowers worden herdacht met de eerste stolpersteine die in Antwerpen werd geplaatst.[4][5]