Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Wilg

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Wilg oftewel Salix is een geslacht van tweehuizige bomen en struiken uit de wilgenfamilie (Salicaceae). Wilgen zijn bladverliezende bomen met verspreide bladstand. De knop heeft één knopschub. De bloem van de wilg heeft de vorm van katje en groeit uit de zijknoppen van een éénjarige twijg. De wilgenkatjes zitten of staan, dit in tegenstelling tot populieren die hangende katjes hebben.

De pluizige zaden worden door de wind verspreid maar zijn slechts korte tijd kiemkrachtig. De meeste soorten zijn te vermenigvuldigen door middel van stekken.

Wilgen zijn pioniersoorten met een grote lichtbehoefte. Wilgen komen in Nederland veel voor langs sloten. Wilgen houden namelijk over het algemeen van een vochtige bodem en groeien zeer snel.

Ecologie

Wilgen zijn pioniersplanten, die met name ontkiemen in ooibossen op de grens van land en water. Doordat de wortels de grond luchtig maken en door de humusvorming van blad en takafval wordt de grond geschikt voor soorten die volgen als es, eik.

Wilgen worden over het algemeen niet oud. De watermerkziekte en torsiekrachten van de wind zorgen dat een wilg meestal niet ouder dan veertig tot vijftig jaar wordt.

Wilgen zijn voor insecten een belangrijke leverancier van stuifmeel. Met name diverse solitaire bijen zijn afhankelijk van bloeiende wilgen.

Wilgensoorten

Het geslacht Salix omvat ongeveer driehonderd soorten, waarvan er een twaalftal in Nederland en België voorkomen.

Andere soorten die eventueel niet in Nederland voorkomen zijn:

  • Salix chaenomeloides
  • Salix schwerinii
  • Salix gilgeana
  • Salix 'Golden Curls'
  • Salix sacchalenis

Historische inzichten

Heimans, Heinsius en Thijsse's geïllustreerde flora van Nederland (21ste druk) noemt de volgende soorten, die moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn:

Schietwilg

De meeste soorten maken een stam. Salix alba wordt daarom schietwilg genoemd en kan tot 25 m hoog worden. Schietwilgen kunnen worden geknot. In een vlak en open landschap is dit soms noodzakelijk om te voorkomen dat de bomen door een najaarsstorm worden geveld.

Knotwilg

De wilg kan op ongeveer 2 m hoogte afgezaagd worden en heet dan knotwilg. Aan de stam groeien vervolgens waterloten, die wilgentenen worden genoemd. Ze worden tegenwoordig vooral gebruikt om manden en tuinschermen te maken. Vroeger werden wanden van hutten gemaakt van vlechtwerk van wilgentenen, afgedicht met klei, en funderingen van dijken werden gelegd op matten van gevlochten wilgentenen. Deze zinkstukken blijven op hun plaats door ze af te zinken met basaltstenen en beschermen de bodem tegen erosie.

Knotwilgen bepalen in belangrijke mate het typisch Hollandse landschap. Het is belangrijk dat eenmaal geknotte wilgen regelmatig opnieuw geknot worden, omdat de anders te dik wordende loten na een aantal jaren de boom uit elkaar scheuren. Nu de vraag naar wilgentenen afneemt, wordt dit werk vaak door vrijwilligers gedaan. Knotwilgen bieden door hun dichte kruin en hun vaak holle stam veel nestel- en schuilgelegenheid voor vogels, marters, vleermuizen en insecten en verrijken daarom vaak de fauna van een gebied.

Struikwilg

De grauwe wilg vormt in de regel meer dan 3 m hoge struiken. De geoorde wilg meestal niet hoger dan 3 meter en komt voor langs waterkanten.

Kruipwilg

De kruipwilg blijft laag en was vroeger nuttig als vastlegger van stuifzand en komt voor in de duinen, op zandgrond en in moerassen. De kruipwilg komt algemeen voor in Nederland. De plant houdt van een niet te droge bodem; vanuit een vochtige kiemplaats kan zij zich sterk uitbreiden, ook naar drogere terreinen. Het zachte zaadpluis van de kruipwilg wordt door zangvogels gebruikt om hun nest mee te vullen. Kruipwilgstruwelen van de waddeneilanden zijn vermaard om hun rijke paddenstoelenflora, met veel bijzondere soorten.

Krulwilg

Salix matsudana of krulwilg, ook bekend als Chinese wilg, werd genoemd naar de Japanse botanist Sadahisa Matsudo. De soort staat erom bekend zich zeer gemakkelijk te laten stekken. Het volstaat een tak van 1-3 cm in diameter tussen november en april, wanneer het blad van de boom is, in voldoende water te steken om wortelgroei te verkrijgen. Ook later heeft de boom, die zeer groot en breed uitgroeit, veel water nodig. De takken zijn populair voor het versieren van bloemstukken.

Ziekten en plagen

De belangrijkste ziekte is de watermerkziekte (Brenneria salicis),die de vaten verstopt, waardoor delen van de boom of gehele bomen afsterven. Op de grens van levend en dood hout ontstaan bossige vormen van waterlot. Wat niet vaak een plaag is, maar wel aanwezig op is het wilgehaantje, wat een bladkevertje is die op wilgen leeft. Bij de teelt van tenen kunnen insecten heel wat schade aanrichten.

Gebruik

Medicinaal

De schors van enkele soorten, zoals Amandelwilg en Schietwilg, bevatten salicine, dat lang geleden gebruikt werd als pijnstiller. Er werd daarvoor op de wilgebast gekauwd, of er werd een drank van getrokken. Salicine is erg slecht voor de maag, en werd later verbeterd naar aspirine.

Ambachtelijk

  • Salicine wordt ook gebruikt als looistof, voor het looien van leer.
  • Wilgenhout wordt net als het hout van populieren gebruikt voor het maken van klompen en papier.
  • Eénjarige scheuten worden gebruikt voor vlechtwerk. Wilgenhout staat bekend om zijn buigzaamheid.
  • Bij windmolens bestaat de rem, de vang, uit blokken wilg.
  • Voor de teelt van wilg als biobrandstof is sinds kort zaad van enkele snelgroeiende rassen beschikbaar.

Taalkundig

De wilg komt voor in het spreekwoord: De lier aan de wilgen hangen. Uit Psalm 137, zie hieronder.

Religieus

  • Op Soekot, het joodse Loofhuttenfeest worden drie op de eerste dag van het feest geplukte wilgentakjes samen met andere takken en een loelav, een geurige citrusvrucht, gebruikt voor het "loelav zwaaien", een gebruik gebaseerd is op Wajiekra (Leviticus) Leviticus 23:40-41 is gebaseerd. De geur- en smaakloze beekwilgetakken of "arawot" symboliseren de personen die de Thora bestuderen noch toepassen.

Andere vindplaatsen in de bijbel

  • Genesis 30:37 Maar Jakob nam versche takken van wilg, amandel en plataan, schilde die streepsgewijze af, zodat het witte van het hout bloot kwam
  • Psalm 137:2 Aan de wilgen die daar stonden hingen wij onze harpen op
  • Jesaja 15:7 Daarom, de overwinst die zij gemaakt hebben en wat zij hebben opgelegd, zij dragen het over de Wilgenbeek;
  • Jesaja 44:4 Zij zullen uitspruiten als gras, als wilgen aan vlietend water.
  • Hosea 4:13 Op de bergtoppen offeren en op de heuvelen rooken zij, onder eik en wilg en terebint, dewijl daar de schaduw liefelijk is; daarom plegen uw dochters ontucht, bedrijven uw schoondochters overspel.
  • Hosea 14:6 Terwijl het zijn wortels schiet als een wilg, zullen zijn loten zich uitbreiden, zal zijn heerlijkheid worden als die van een olijf, en zal het geuren als de Libanon

Bijgeloof en oude gebruiken

Volgens het bijgeloof zou de wilg een sterke magische lading hebben. Bij de Germanen was de boom een symbool van de dood. Heksen zouden in de kruinen van de wilgen rusten. Vroeger maakte men daarom fluitjes uit wilgenhout om heksen en duivels te verjagen. Een gebruik bij voodoo-praktijken is een knoop leggen in een wilgentak. Daarmee zou men van op afstand iemand anders in het nauw kunnen drijven.

Zie ook

1px.pngWikimedia Commons  Zie ook de categorie met mediabestanden in verband met Salix op Wikimedia Commons.