Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Selene

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
rel=nofollow

Selene (Σελήνη) is een maangodin in de Griekse mythologie.

Context

Selene (als personificatie van de maan, poëtisch ook dikwijls Μήνη Mene; bij de Romeinen Luna), de godin van de maan, volgens Hesiodos dochter van Hyperion en Theia, zus van Helios en Eos, ook Phoibe genoemd, wordt later vaak geïdentificeerd met de maangodin Artemis (Diana), de eeuwige maagd, omdat de maan volgens de Grieken een vrouwelijk en maagdelijk symbool was. Ook met Persephone werd ze soms geïdentificeerd.

Er zijn weinig mythen waarin ze voorkomt. Ze staat vooral bekend om haar liefde voor Endymion, die uiteindelijk ook een god werd. Endymion wordt beschreven als een knappe herder, jager en astronoom in Karië (Klein-Azië)[1] of alsde koning van Elis op de Peloponnesos[2]. Zijn ouders zijn Aethlios[3] (volgens enkele bronnen ook Zeus[4]) en Kalyke.

Verwantschap

Bestand:Clipeus Selene Terme.jpg
Buste op een sarkofaag (3e eeuw)

Als haar ouders worden ook Helios of Passas en de Euryphaessa, „de veruit lichtende”, een andere naam voor Theia, vermeld.

Selene kreeg kinderen met Zeus: Pandia en Herse („dauw”); met Endymion, de koning van Elis, aan wie ze de eeuwige slaap schonk, had ze 50 dochters. Volgens een verhaal slaapt de koning van Elis nog steeds, omdat Selene zachte kussen meer waardeerde dan een vruchtbare passie. Er wordt een samenhang gezien tussen het getal 50 en de 50 maanden tussen twee Olympische Spelen.

Volgens een ander verhaal verleidde de wellustige Pan haar, verkleed in een mooie witte pels, in het bos.

Op wens van Hera zou zij de Nemeïsche leeuw gecreëerd hebben, die Herakles in zijn eerste werk moest stropen.

Voorstelling

Selene wordt voorgesteld met versluierd achterhoofd, een halve maan boven het voorhoofd en een fakkel in de hand, terwijl ze op paarden of koeien rijdt, of in een tweespan rijdt; in het Endymionreliëfs zweeft ze naar haar lieveling naar beneden, en zo ook in enkele standbeelden (Vatikaan).

Men ziet haar, omgeven door andere godheden, op een altaar in het Louvre, waar zij voor zich de ondergaande Hesperos (avondster), en achter zich de Phosphoros (morgenster) heeft. Onder haar bevinidt zich het masker van Okeanos, de wereldstroom, waaruit zij opduikt.

Stamboom van de Titanen

UranosGaiaChaos
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Godengeslachtvan de Titanen
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Hyperion
 
Theia
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Selene
 
Eos
 
Helios

Chemie

Het chemische element selenium is naar Selene genoemd.

Lectuur

  • Meyers Konversationslexikon, vierde oplage, 1888/89
  • Karl Kerényi, Die Mythologie der Griechen — Die Götter- und Menschheitsgeschichten. dtv, ISBN 3-423-30030-2
  • Michael Grant, John Hazel, Lexikon der antiken Mythen und Gestalten. dtv, ISBN 3-423-32508-9
  • Robert von Ranke-Graves,: Griechische Mythologie - Quellen und Deutung. rororo, ISBN 3-499-55404-6
  • Karl Otfried Müller, Handbuch der Archäologie (derde oplage, p. 647 ff.).

Zie ook

Weblinks

1px.pngWikimedia Commons  Zie ook de categorie met mediabestanden in verband met Selene op Wikimedia Commons.

  1. º Ovidius, Heroides xviii.61-65
  2. º Pausanias Pausanias, Beschrijving van Griekenland 5.1.3-4; Bibliotheek van Apollodoros 1.7.5-6
  3. º Hyginus Mythographus Fabulae 271
  4. º Robert von Ranke-Graves, Griechische Mythologie, K. 64. Rowohlt Verlag, Reinbek bei Hamburg, 2007.