Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Tulp

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen


Tulp oftewel Tulipa is een geslacht van eenzaadlobbige planten uit de leliefamilie (Liliaceae). Van origine komt de bloem uit Hongarije. Door veroveringen van Süleyman I is dit gebied onder ottomaanse invloed komen te staan. Dit heeft er voor gezorgd dat de bloem ook in Turkije terecht is gekomen. Ze werd later ook in Turkije zelf waargenomen, waar het een populaire voorjaarsbloeier werd, voor hen het symbool van leven en vruchtbaarheid. In 1562 kwam de tulp via Antwerpen als eerste Europa binnen. Rond 1593 verschenen de eerste exemplaren in Nederland. De eerste gedocumenteerde exemplaren werden door Carolus Clusius geplant in de door hem vanaf 1593 geleide Hortus botanicus Leiden. De bostulp (Tulipa sylvestris) is de enige soort die in Nederland in het wild voorkomt en is ingeburgerd vanaf de 19e eeuw.

Ottomaanse sultans droegen een tulp op hun tulband als symbool. De naam tulp is zo afkomstig van het Perzische woord 'tulipan' wat tulband betekent.

Gekweekte tulpen

Tulpen kunnen niet in een warm klimaat worden gekweekt, omdat ze een koude nacht en een koude winter nodig hebben om te kunnen groeien.

Tulpenbollen worden gewoonlijk in oktober en november geplant. De bloeiperiode loopt van april tot in juni. Behalve de gecultiveerde tulp kent men ook de 'botanische tulp', die vooral geschikt is voor in de tuin, omdat de bollen in de grond kunnen blijven zitten en het jaar daarop weer uitkomen.

Het kweken van nieuwe bollen gebeurt door in het najaar (oktober en november) tulpenbollen te planten. De knoppen tussen de bolrokken van deze bollen groeien uit tot nieuwe bollen waarbij de oude bol gebruikt wordt als voedsel. De knop die naast het groeipunt zit, de zogenaamde 'A' knop, groeit uit tot een grote bol die te verkopen is voor bloemproductie, of direct aan de consument. De geplante bol bevat naast de 'A' knop, tussen zijn bolrokken nog meer kleine groeiknoppen, de zogenaamde b, c, d en e knoppen, die uitgroeien tot kleine bolletjes (klisters). Deze klisters zitten aan de grote bol vast, en worden in de zomer tijdens het pellen (de wortels en oude huid van de bol verwijderen) van de grote bol afgehaald. In het volgende najaar worden zij weer geplant op het land, om uit te groeien tot een grote bol. Op deze manier houdt men een partij tulpen in stand: de grote bollen worden gebruikt voor bloemproductie of direct verkocht aan de consument en de kleine bollen worden geplant in het najaar. Ruim 75% van de gekweekte tulpenbollen is bestemd voor bloemproductie in binnen of buitenland. De rest wordt als bloembol verkocht aan de consument of belandt in parken en openbare tuinen.

De tulp kent veel willekeurige mutaties die nieuwe kleuren en variaties geven. Deze gemuteerde tulpen waren vroeger heel waardevol, omdat ze een nieuwe lijn voor de kweek mogelijk maakten met interessante nieuwe kleuren.

Sommige tulpen van een bepaalde cultivar zijn gestreept of gevlekt van kleur. Deze effecten ontstaan door een virusinfectie van de bloembol, en wordt niet op een nieuwe generatie overgedragen als die vanaf zaad wordt grootgebracht.

De tulp in Nederland

Nederland is beroemd om zijn gecultiveerde tulpen en is een van de meest dominante exportlanden van tulpen en tulpenbollen. Traditioneel wordt in de lente in de Keukenhof in Lisse een expositie gemaakt van miljoenen tulpen die vooral door toeristen goed wordt bezocht. Daarnaast komen er bussen vol toeristen om de tulpenvelden te bekijken. Het bekendst zijn de meer traditionele velden langs de duinen van Zuid-Holland en de West-Friese polders. Het merendeel van de tulpen is echter te vinden in Flevoland met name in de Noordoostpolder (ruim 2000 hectare). Ook in het Noordelijk Zandgebied (omgeving Breezand, Anna Paulowna en Julianadorp)en op het eiland Goeree-Overflakkee zijn er tulpenvelden te vinden. In het Noord-Hollandse plaatsje Limmen is de Hortus Bulborum gevestigd. De grootste genenbank ter wereld voor bolgewassen. In deze tuin staan ruim 3500 verschillende soorten tulpen, narcissen, hyacinten, en andere veelal historische voorjaarsbolgewassen.

Tulpenmanie

In de 17e eeuw (1630 - circa 1637) ontstond er in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden rond de tulpenbol een bizarre tulpenmanie, ook wel "tulpenrage", "tulpengekte", "tulpomanie" of "bollengekte" genoemd: plotseling werden tulpenbollen speculatieve handelswaar. De gekte dreef de prijzen op tot exorbitante hoogte, zelfs tot de bol zijn gewicht in goud waard was. De rage was eind 1636, begin 1637 op zijn hoogtepunt. In februari 1637 zakte de 'bollenmarkt' even plotseling in als zij ontstaan was; veel bollenspeculanten bleven berooid achter. Tulpen werden gekweekt in allerlei kleuren en door kunstschilders, zoals Nicolaes van Verendael op stillevens uitgebeeld. Vaak waren strepen op de bloem niet genetisch bepaald maar het gevolg van een virusinfectie.

In deze periode zijn ook veel tulpentekeningen gemaakt.

Er bestaat ook een zogenaamde Esperantotulp.

Externe links

Wikimedia Commons  Vrije mediabestanden over Tulipa op Wikimedia Commons