Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

India in Griekenland (boek)

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

India in Griekenland (India in Greece, Or, Truth in Mythology), uit 1852, is de titel van een boek van Edward Pococke.

De hele ondertitel luidt: Containing the Sources of the Hellenic Race, the Colonisation of Egypt and Palestine, the Wars of the Grand Lama, and the Bud'histic Propaganda in Greece (met de bronnen van het Helleense ras, de kolonisatie van Egypte en Palestina, de oorlogen van de Grote Lama, en de boeddhistische propaganda in Griekenland). Het boek is opgedragen aan de oriëntalist Horace Hayman Wilson. Aan dit werk ontleende de theosofe Helena Blavatsky materiaal voor haar boeken Van de grotten en jungles van Hindoestan[1] en Isis Ontsluierd.[2]

Bedoeling

Pococke trachtte in India in Griekenland een geografische verklaring te geven voor onder meer Europese en Zuid-Amerikaanse namen van bergen, rivieren, steden en volken, door ze te vergelijken met namen in India, Afghanistan en Kashmir. Zo waren volgens hem kolonisten uit het oosten verantwoordelijk voor de oudste nederzettingen in Griekenland. De kolonisatie had diepgaande gevolgen voor de betrokken gebieden. Hij was van mening dat, evenmin als oude namen van de Angelsaksen konden worden verklaard met modern Engels, de oude (Pelasgische) namen van Griekenland konden worden verklaard door de jongere Grieken. De oude taal was volgens Pococke een vorm van Sanskriet en kon enkel met die taal worden verklaard. Waar oude, Griekse namen geen betekenis hadden in de Griekse taal, bleken ze wel een etymologische verklaring te hebben in het Sanskriet. Door te zoeken naar equivalenten in het oosten, wilde hij ’fabels’ doorprikken, die door Griekse schrijvers zouden zijn bedacht om de ware betekenis te versluieren of omdat ze de originele taal niet meer machtig waren. Zijn eigen etymologische constructies, die in de wetenschap geen ondersteuning vinden, zijn voor Pococke het voornaamste bewijs voor de emigraties en kolonisatie. Dat bijvoorbeeld Pelasa een oude naam voor Bihar zou zijn is verder nergens te vinden.

Wetenschap

Volgens de overlevering is het boeddhisme gesticht door Gautama Boeddha (ca. 563-480 v. chr. of ca. 483-400 v. Chr.). Het jaïnisme is gebaseerd op het onderwijs van de 24e tirthankara Mahavira (599-527 v. Chr.). Volgens historici zijn 22 van de 24 tirthankara's mythische figuren. De 23e tirthankara, Parshvanatha (877-777 v. Chr)[3], zou nog op een historische persoon zijn gebaseerd, maar Arishtanemi (Neminatha), de 22e tirthankara, zou een neef van Krishna zijn geweest. Daarom is het niet aannemelijk dat in het door Pococke opgegeven tijdvak, het tweede millennium v. Chr., jaina’s of boeddhisten bestaan hebben, laat staan dat ze gebieden hebben gekoloniseerd.

Griekenland

Volgens Pococke vond de strijd tussen de Pandava's en Kaurava's op Kurukshetra in 1480 v. Chr. plaats. De overwinnaars, de Pandava's waaronder Arjuna, trokken samen met Balarama, Krishna’s broer, volgens Pococke, van Noord-India naar Griekenland. Zo kwamen volgens hem onder meer

  • Pelasgen uit Pelasa (Bihar) of Pelaska in Pali-cthon (Pali-land). Pelasa is een boom, de Butea Frondosa.[4] De geboorte van stamvader Pelasgos ’uit de aarde (Gaia)’, zou ’in Bodh Gaya’ betekenen, ’Pelasgos, zoon van Palaechton’ verklaard worden door ’Pelasgos zoon van Palichton’,
  • Ioniërs van Attica van Hiyanians (stammen van het paard) uit Attoc,
  • Omphalos in Delphi van Om-phalos, de vruchten van Om (Brahma). De ’navel’, als centrum van de wereld, zou verwijzen naar Nabhi-ja (navelgeboren), Brahma, die uit Visjnoe's navel werd geboren.
  • Zeus van Jaina (overwinnaar), Jeenos, Zeenos, Jeyus, Zeyus,
  • Cyclopen van de Gocla-pes (Gocla leiders), de Cycladen van Gucla-des (Gucla-land),
  • Centaurs van de stam Catti van Kandahar. Cheiron is hun charon (bard),
  • Cecrops van Cecr’oopas (Cec’roo of Cookeroo leiders). De Cookeroo's of Kekers zijn een van de machtigste Yadu stammen,
  • Pythagoras van Bud’ha-Gooroos, boeddhistische, spirituele leraar.

Andere landen

Bovendien waren volgens Pococke de kolonisten uit het oosten, verdeeld in het ’maan-’ (chandravansa) en ’zonneras’ (suryavansa), respectievelijk 'boeddhisten' en brahmanisten, verantwoordelijk voor de kolonisatie van onder meer Ethiopië, Nubië, Egypte, Syrië, Palestina, Israël, de Balkan, Noord-Italië, Rome, Baltische landen, Ierland en zelfs Peru. De kolonisatie van de bezette gebieden zou volgens Pococke een diepgaande invloed op de cultuur en religie van de daar gevestigde bevolking hebben gehad. De volgende voorbeelden illustreren Pococke’s werkwijze:

  • Saksen van saca-soono, zonen van de stam Saca,
  • Ethiopië van ’het land van de Aithio-pia’ of leiders van de stad Oude (Ayodhya). Julius Africanus en Eusebius meenden dat de Ethiopiërs van de rivier de Indus emigreerden en zich in de buurt van Egypte vestigden.[5] Ook volgens Sir W. JonesAsiatic Researches waren Aethiopia en Hindoestan door hetzelfde uitzonderlijke ras in bezit genomen of gekoloniseerd.[6]
  • Nijl van Nil (Indus, de blauwe rivier),
  • Kasjmier van Chas-mir, de zee van de Chasa stam,
  • Kaspische Zee van Chas-payus, de zee van de Chasa leiders,
  • Kaukasus van Coh Chasas, de berg van de Chasas’s.

Overeenkomsten tussen lamaïsme en Rooms-Katholieke kerk

Pococke voert de bevindingen van de Roomse priesters Abbé Huc en Gabet in hun boek over hun reizen in Mongolië en Tartarije aan om de migratie van het lamaïstische geloof te bewijzen. Er zou een opmerkelijke overeenkomst bestaan tussen de uiterlijke riten en instituten van het boeddhisme en die van de Roomse kerk. Zo zijn er het celibaat, het vasten, gebeden voor de overledenen, reliekenverering, wijwater, wierook, rozenkrans om gebeden bij op te zeggen, heiligenverering, processies, kloosterhabijt[7] en scheren van het hoofd. Terwijl de priesters de afgoderij van de heidenen bespotten, is er volgens Pococke niet zoveel verschil op uiterlijk gebied tussen de twee geloofsvormen. De priesters waren overigens zelf van mening dat een vroegere westerse katholieke missionaris het geloof naar het oosten had gebracht. Pococke citeert uit H. T. Prinseps Mongolia and Tartary, waarin staat dat het christendom van India haar koninklijke instituten, rituelen en kerkdiensten heeft overgenomen.[8]

Ontvangst

Tegenwoordig zijn er twijfels over de achtergrond en naam van de auteur, omdat er niets over hem bekend is. Het boek, dat overigens in 1855 al een tweede druk beleefde, is vrijwel geheel door de wetenschap genegeerd en wordt door hindoeïstische groeperingen gebruikt, die er de bevestiging in zien van de superioriteit van de brahmanistische cultuur, die diepgaand andere samenlevingen zou hebben beïnvloed. Het boek beschrijft ook migratiebewegingen van brahmanistische groepen.

Hindoeïstische mythologie

Volgens de hindoeïstische mythologie waren de Yavana’s (Griekstaligen, Ioniërs), de afstammelingen van Yavana (Yona), de zoon van opperkoning Yayati. Yayati was de zoon van Nahusha, de zoon van Ayu(s), de zoon van Pururavas, de zoon van Boeddha, de zoon van de maangod Chandra (Soma), de zoon van Atri, de zoon van Brahma. Pururavas was de eerste koning van de ’Maan-dynastie’. Vaivasvata Manu, Pururavas' grootvader van moederszijde had tien zonen, waaronder Ikshvaku, de eerste koning van de ’Zonne-dynastie’. Er worden dus in de oude hindoeïstische mythologie ’Griekstaligen’ genoemd, als nazaten van Indiase stamvaders. Ook verwijst Pococke’s suryavansa (zonneras) en chandravansa (maanras) naar de Zonne- en Maan-dynastie van de mythologie.

Trivia

Edward Pococke wordt vaak verward met zijn naamgenoot Edward Pococke (1604-1691).

Literatuur

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties
  1. º H. P. Blavatsky (1883-1886), From the Caves and Jungles of Hindostan, The Theosophical Publishing house, 1993, pp. 610, 616-619
  2. º H. P. Blavatsky (1877), Isis Unveiled, The Theosophical Publishing House, Vol. II, pp. 435-437, 439, 491, 439
  3. º Jansma, R. (2005), Jainisme, Ankh-Hermes, Deventer, p. 36
  4. º p. 28, Dr. Roxburgh, Asiatic Researches, Description of the Pelasa, vol. iii, p. 469
  5. º India in Greece, p. 205
  6. º India in Greece, p. 251
  7. º p. 314
  8. º p. 312
rel=nofollow