Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.
rel=nofollow

Gedragstherapie

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Gedragstherapie is theoretisch gezien een therapeutische werkwijze om gedrag en gedragsverandering via therapie te begrijpen (vanuit de gedragwetenschappen en met invloed van de leertheorie, cognitieve psychologie en experimentele psychologie) en praktisch een techniek om op een opbouwende wijze gedrag te veranderen.

Basisprincipes

Gedragstherapeuten pogen ongewenste gedragingen en emoties te doen verdwijnen of te veranderen door de prikkel aan de basis hiervan, te koppelen aan een ander, constructiever gedrag.

In tegenstelling tot wat men wel denkt, werkt men in de gedragstherapie niet of nauwelijks met een systeem van straffen om gedrag af te leren, maar meer met een beloningssysteem om een gedragsverandering (verbetering) aan te leren. Straf maakt namelijk alleen duidelijk wat iemand niet moet doen, en niet wat wél gewenst gedrag is. Binnen de gedragstherapie worden ook wel de begrippen positieve en negatieve bekrachtiging (Engels: positive and negative reinforcement) gebruikt. Dat zijn de versterkende motoren achter het in stand houden van gedrag, ook ziek of gestoord gedrag. In de praktijk blijkt het een ingewikkelde zaak te zijn erachter te komen wat het is dat een bepaald gedrag maar voortduurt - ook al is het nog zo schadelijk. Zo onbewust en subtiel gaat het in zijn werk. Vandaar dat in een gedragstherapie eerst een functieanalyse wordt gemaakt, waarbij de wordingsgeschiedenis van de stoornis of de klacht aan de orde komt.

Enkele gedragstherapeutische technieken

Systematische desensitisatie heet de techniek waarmee de gedragstherapeut de patiënt afleert bang te zijn voor beangstigende situaties. Eerst moet de patiënt lichamelijk ontspannen door middel van ontspanningsoefeningen. Angst en spanning versterken elkaar namelijk. Hij of zij moet zo lang mogelijk ontspannen en dus angstvrij blijven, wanneer hem angstprikkels worden toegediend. Daarna krijgt de patiënt stap voor stap steeds iets meer beangstigends voorgesteld, dat hij in zijn fantasie moet beleven terwijl hij zo goed mogelijk blijft ontspannen, met hulp van de therapeut. Ten derde wordt de angstwekkende toestand in de praktijk geoefend. Iemand die niet de straat opdurft gaat bijvoorbeeld eerst een klein blokje om met de therapeut samen en dan alleen. Daarna samen een winkel in, en dan alleen. Stap voor stap tot een grotere wandeling alleen mogelijk is.

Flooding betekent letterlijk overstroming. Het idee erachter is dat niemand aan één stuk door bang kan zijn. Op een zeker moment is de angst als het ware op. Zo worden mensen met een enorme angst voor het een of ander net zolang in die beangstigende situatie gehouden tot de angst voorbij is. Bij hoogtevrees wordt bijvoorbeeld een grote hoogte opgezocht waarbij blijkt dat de angst na enige tijd 'uitdooft'. De prikkel (hoogte) raakt op deze manier verbonden met de ervaring van het afnemen van de angst, en met de gevoelens van overwinning die hiermee gepaard gaan en eventueel de positieve reacties van de therapeut of anderen.

Exposure in vivo betekent letterlijk live blootstelling. Bij exposure in vivo wordt een cliënt gevraagd om stapsgewijs zichzelf bloot te stellen aan datgene waar hij het meest bang voor is. Als een cliënt bijvoorbeeld lijdt aan angstaanvallen, dan wordt hij geleidelijk blootgesteld aan de lichamelijke sensaties van zo'n aanval. Hierdoor went de cliënt aan het gevoel een aanval te krijgen, waardoor de angst uitdooft.

Stromingen

Vanaf de jaren zeventig van de twintigste eeuw kent de gedragstherapie een vijftal stromingen:

Toepassing

Gedragstherapie wordt veelvuldig toegepast bij fobieën, zoals niet de straat op durven of smetvrees, en ook bij dwangstoornissen, zoals het uittrekken van haren tot je bijna kaal bent en eetstoornissen. Vaak is het een onderdeel van een bredere therapeutische aanpak, waarbij ook gesprekstherapie en directieve therapie worden toegepast. Een directief is een opdracht die in overleg met de patiënt tot stand komt en die hij als een soort huiswerk moet uitvoeren.

Tegenwoordig worden fobieën en dwangstoornissen meestal behandeld met cognitieve gedragstherapie, een stroming waaronder ook de RET valt, ofwel Rationeel-Emotieve Therapie. De meest recente gedragstherapeutische behandelvormen, zoals Mindfulness Based Cognitive Therapy (MBCT) en Acceptance and commitment therapy (ACT)[2] richten zich minder op het veranderen van cognities, worden steeds meer toegepast en blijken minstens zo effectief [3].

In Nederland zijn veel gedragstherapeuten aangesloten bij de beroepsvereniging Vereniging voor Gedragstherapie en Cognitieve Therapie(VGCt)[4].

Bronvermelding

Bronnen, noten en/of referenties:

rel=nofollow
rel=nofollow