Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Bladvorm

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Bladeren van kruidachtige planten, loofbomen en naaldbomen hebben verschillende bladvormen, die betrekking hebben op de oppervlakte, bladrand, bladtop, bladvoet, mate van insnijding, nervatuur en samengesteldheid van het blad.

Ook zijn er bladeren, die omgevormd zijn (homoloog) tot bloemdelen, schutbladen, steunblaadjes, tuitjes, tongetjes of bladranken. Bij sommige erwtenrassen, de zogenaamde bladloze rassen zijn zelfs alle bladeren omgevormd tot ranken. Bladeren kunnen ongesteeld (zittend, stengelomvattend) zijn, en gesteeld (gewoon, gevleugeld)

Bladoppervlak

De volgende basisvormen kunnen onderscheiden worden :

  • grootste breedte in het midden
    • rond (cirkelvormig)
    • schildvormig: ronde bladschijf, waarbij de bladsteel in het midden van de bladschijf zit
    • ovaal (elliptisch): lengte 1,1 tot 2,0 maal de breedte
    • langwerpig: lengte 2,1 tot 3,0 maal de breedte
    • lancetvormig: lengte 3,1 tot 5,0 maal de breedte
    • lijnlancetvormig: lengte 5,1 tot 10 maal de breedte
  • grootste breedte onder het midden
    • driehoekig: gelijkbenige driehoek; als een punt overgaat in de bladsteel wordt ook wel van wig gesproken
    • niervormig: boven afgerond en stompe lobben aan de voet
    • eirond: lengte 1,5 tot 2 maal de grootste breedte; grootste breedte onder het midden
    • pijlvormig: twee naar beneden wijzende spitse slippen aan de voet
    • hartvormig: hartvormige insnijding aan de voet
    • ruitvormig: een punt gaat over in de bladsteel
    • liervormig
  • grootste breedte boven het midden
    • omgekeerd hartvormig: hartvormige insnijding aan de top
    • omgekeerd eirond: lengte 1,5 tot 2 maal de grootste breedte; grootste breedte boven het midden
    • waaiervormig: het blad begint bij de steel met niets en waaiert in de breedte uit naar boven toe.
    • spatelvormig: het brede deel aan de top, geleidelijk versmald in de steel
  • grootste breedte overal gelijk
    • lijnvormig: lang en smal;lengte meer dan 10 maal de breedte
    • zwaardvormig: lijnvormig maar op doorsnede ruitvormig
    • naaldvormig: zeer smal, stevig (weinig buigzaam) en puntig; een naald kan rond, plat, driehoekig of vierhoekig zijn.
    • spiesvormig (priemvormig): twee horizontale slippen aan de voet
    • draadvormig: lang, dun, buigzaam en op doorsnede rond
  • gegolfd bladoppervlak
  • gebobbeld bladoppervlak
  • kroezig bladoppervlak

Bladrand en/of -insnijding

De volgende basisvormen kunnen onderscheiden worden :

  • onafhankelijk ingesneden
    • gezaagd
    • gekarteld
    • getand
    • gekroesd
    • gegolfd
    • dubbelgezaagd
    • gaaf (geen insnijding)
  • afhankelijk ingesneden
    • veerlobbig: insnijdingen tot een kwart van de zijnerf
    • veerspletig: insnijdingen vanaf een kwart tot de helft van de zijnerf
    • veerdelig: insnijdingen vanaf de helft van de zijnerf tot bijna aan de hoofdnerf toe
    • handlobbig: insnijdingen tot een kwart van de zijnerf
    • handspletig: insnijdingen vanaf een kwart tot de helft van de zijnerf
    • handdelig: insnijdingen vanaf de helft van de zijnerf tot bijna aan de bladsteel toe

Sommige planten (zoals de hulst of klimop) kunnen aan de zelfde plant zowel gave bladranden hebben als ook bijvoorbeeld getand of gegolfd.

Bladtop

De volgende basisvormen kunnen onderscheiden worden:

  • uitgebeten: gekarteld
  • uitgerand: met een ondiepe insnijding
  • afgeknot: aan de top plat
  • afgerond: halfcirkelvormig
  • stomp: begrensd door een gebogen lijn
  • spits: begrensd door een scherpe hoek
  • stekelpuntig
  • toegespitst: in een smaller gedeelte uitlopend
  • lang toegespitst: in een smaller lang gedeelte uitlopend

Bladvoet

De volgende basisvormen kunnen onderscheiden worden (asymetrisch en symetrisch) :

  • in de gevleugelde steel aflopend
  • versmald
  • wigvormig
  • afgeknot
  • afgerond
  • hartvormig
  • geoord
  • scheef
  • stengelomvattend
  • doorgroeid.

Bladnervatuur

De volgende basisvormen kunnen onderscheiden worden:

  • parallelnervig.
  • kromnervig.
  • veernervig.
  • handnervig.
  • eennervig.
  • netnervig.

Samengesteldheid

De volgende basisvormen kunnen onderscheiden worden:

  • geveerd
  • dubbelveerdelig
  • dubbelgeveerd
  • driedubbelgeveerd
  • vierdubbelgeveerd
  • handvormig samengesteld
  • gaffelvormig vertakt.

Bij geveerd wordt onderscheiden:

  • evengeveerd (zonder topblad)
  • onevengeveerd (met topblad)
    • 3-tallig
    • 5-tallig
    • 7-tallig
    • 9-tallig
    • veeltallig
  • afgebroken geveerd: als tussen de grote bladparen kleine bladparen liggen