Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Bijna-doodervaring

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Met een bijna-doodervaring (gewoonlijk afgekort tot BDE) wordt een ervaring bedoeld in een veranderde bewustzijnsstaat tijdens een reële levensbedreigende situatie, het gaat dus om het daadwerkelijk nabij de dood zijn.

Mogelijke elementen

Elementen die deel kunnen uitmaken van een bijna-doodervaring:

  • het gevoel dood te zijn
  • een gevoel van vrede en pijnloosheid
  • het gevoel zich buiten het lichaam te bevinden (uittreding)
  • door een donkere ruimte, ’zwart gat’ of tunnel gaan
  • aangetrokken worden door een helder licht aan het einde van de tunnel
  • het gevoel in het licht liefde, vertrouwen, kennis, wijsheid en/of goddelijke aanwezigheid te ervaren
  • buiten de tunnel een prachtig landschap zien (ook kleuren en/of muziek)
  • een levensschouw, -film, -panorama en/of evaluatie van daden vanuit de beleving van de ander
  • een vooruitblik op het resterende leven
  • ontmoeting(en) met (een) overledene(n)
  • het besef dat bij overschrijden van een grens - vaak in de vorm van een mededeling door een overleden familielid of bekende - geen terugkeer mogelijk is
  • terugkeer in het, vaak pijnlijke, lichaam
  • het niet in gewone taal kunnen vatten van de ervaring (onuitspreekbaarheid)
  • het zien van de hemel/paradijs

BDE-en worden soms gemeld na een ongeval, reanimatie na een hartstilstand of een andere levensbedreigende situatie. Bijna-doodervaringen kwamen in het Westen in de belangstelling door het werk van Raymond Moody, die in de jaren zestig tijdens een college van George Ritchie over diens BDE hoorde en het verschijnsel daarna ging onderzoeken. In 1975 verscheen zijn boek "Life after life" over dit onderwerp, waarna hij nog tien gerelateerde boeken publiceerde. Ook Elisabeth Kübler-Ross heeft met haar werk op het gebied van stervensbegeleiding inzicht proberen te geven in deze materie. In het Nederlandse taalgebied zijn de boeken 'Eindeloos bewustzijn' van Pim van Lommel en 'Onvergankelijk!' van Jim van der Heijden verschenen. Bijna-doodervaringen worden door veel mensen gezien als bewijs voor leven na de dood. De meeste wetenschappers houden er een materialistische opvatting op na en zien de BDE als een verschijnsel dat op de werking van de hersenen valt terug te voeren.

Ervaringen en beschrijvingen

Veel mensen die een bijna-doodervaring hebben gehad, zeggen dat het een onbeschrijflijke ervaring is geweest: er zijn eigenlijk geen woorden voor. Sinds "Life after life" zijn er echter talrijke artikelen en boeken gepubliceerd over de BDE en die in algemene zin een indruk kunnen geven van de hierboven opgesomde gemeenschappelijke en meer specifieke aspecten van het verschijnsel.

Algemeen

Velen beschrijven de BDE als iets positiefs: mooi, gelukkig makend, vreugdevol. Zij hebben beelden gezien van omgevingen die zij mooi vonden, of geliefde personen hervonden. Ook wordt gesproken van een gevoel van warmte, van geaccepteerd worden zoals men is, van thuiskomen - de bestemming bereiken. Ook worden wel negatieve ervaring gemeld: taferelen die onaangenaam worden gevonden en die schrik of angst oproepen.

Meer specifiek

  • De belevenis wordt niet als droom ervaren, maar als realiteit ('echter dan echt'), met daarbij vaak een besef van tijdloosheid;
  • Losraken of los zijn van het lichaam met instandhouding van het eigen ik, waarbij men de omgeving, inclusief het eigen lichaam kan waarnemen. Contact maken met de 'buitenwereld' is echter niet mogelijk. Sommigen melden dat er een subtiele vorm van verbondenheid met hun lichaam in stand blijft;
  • Vaak wordt een helder licht genoemd waar men "naartoe" wordt getrokken via een tunnel of spiraal. Het licht wordt ervaren als afkomstig van een ongedefinieerde, beloftevolle of liefdevolle bron, maar ook als van één of meer personen die religieus of anderszins betekenisvol zijn;
  • Men overziet het voorbije leven in een allesomvattende blik en krijgt soms ook het gevoel te weten wat de toekomst zou kunnen brengen;
  • Er vinden ontmoetingen plaats met overleden geliefden;
  • Er zijn verslagen van blinden die kunnen zien tijdens een BDE. Hieronder zijn ook blindgeborenen zoals mevrouw Vicki Umipeg (geboren 1950), die op 22-jarige leeftijd een bijna-doodervaring kreeg na een ongeluk. Zij had de sensatie bij het plafond te zweven terwijl zij haar eigen lichaam, de arts en een verpleegkundige kon zien. Dit verhaal is opgetekend door Kenneth Ring (zie ook hieronder bij 'Anekdotes');
  • Soms krijgen mensen met een BDE de indruk dat zij nog een taak hebben te vervullen of dat de tijd om "heen te gaan" nog niet is aangebroken. Dit begrip kan zich manifesteren in symbolen of zonder nadere aanduiding: een helder en diep "weten";
  • Er zijn mensen die met tegenzin en teleurstelling in het "oude" lichaam ontwaken, daarna verder (moeten) leven met een "terugverlangen naar..." en zich gevangen voelen in de realiteit van het heden. Het gevoel deze ervaringen niet met anderen te kunnen delen, door ongeloof en onbegrip, kan leiden tot twijfel aan de eigen geestelijke gezondheid, schaamte en eenzaamheid.

Mensen die een BDE hebben gehad, hebben er soms moeite mee het gewone leven weer op te pakken en kunnen hun verhaal niet altijd kwijt. Zeker vroeger was de hulpverlening ook niet op mensen met deze ervaringen voorbereid.

Wetenschappelijke visie

Dat de BDE zo ervaren wordt als de mensen beschrijven, wordt niet bestreden. Maar de ervaring hoeft geen bovennatuurlijk verschijnsel te zijn, of een bewijs voor het bestaan van iets bovennatuurlijks. Alle verschijnselen die gepaard gaan met een BDE worden dan ook als een product van de nog werkende hersenen beschouwd. De vraag is echter wanneer een zogenaamde 'spirituele' ervaring plaatsvindt: bij het verliezen van het bewustzijn of tijdens de reanimatie. De hersenen van iemand met een BDE blijven namelijk nog minutenlang actief, zij het gestoord. Een elektro-encefalogram (EEG) vertoont in die fase afnemende activiteit maar is niet meteen vlak. En een EEG meet slechts de activiteit van de hersenschors: het is mogelijk dat de neuronen daaronder nog actief zijn als het EEG geen activiteit vertoont.

Biologisch verklaringsmodel

Waarnemingen die een biologische verklaring van de BDE ondersteunen:

  • Mensen met temporale epilepsie verklaarden tijdens hun aanvallen religieuze hallucinaties te hebben die overeenkomsten vertonen met BDE's. Bij gewone, gezonde mensen die zich als vrijwilliger aanboden, heeft men door het uitwendig aanbrengen van een magnetisch veld ter hoogte van de temporale kwab van de neocortex ook religieuze hallucinaties kunstmatig kunnen opwekken. Ook de impact van allerlei drugs op de fysiologie van zenuwcellen én tegelijk op het bewustzijn van de gebruikers is bekend.[1]
  • Circa twintig procent van de piloten die bewusteloos raken wanneer ze tijdens een training in een centrifuge aan hoge G-krachten worden blootgesteld, ervaart een klassieke bijna-doodervaring, inclusief de ervaring van uittreding[2].
  • In de jaren negentig heeft Dr. Rick Strassman aan de Universiteit van New Mexico onderzoek verricht naar de hallucinogene drug dimethyltryptamine (DMT, intraveneus toegediend). Strassman propageerde de theorie dat het vrijmaken van een grote hoeveelheid DMT vanuit de pijnappelklier vlak voor de dood of bijna-dood de oorzaak is van het fenomeen van de bijna-doodervaring[3].
  • De psychiater Dr. Karl Jansen heeft in 1995 bijna-doodervaringen kunnen reproduceren door het anestheticum ketamine te gebruiken, wat een aanwijzing kan zijn voor een biologische verklaring voor de ervaring.[4]
  • Het fenomeen van uittreding, dat vaak wordt beschreven door personen die een bijna-doodervaring hebben gehad, kan ook kunstmatig worden opgewekt door middel van drugsgebruik. Vooral dissociatieve drugs.
  • Gevoelens van uittreding kunnen ook kunstmatig worden opgewekt door het elektrisch stimuleren van de gyrus angularis.[2][5]
  • Een theorie van Shawn Thomas (2004) stelt dat de neurotransmitter agmatine ((4-aminobutyl)guanidine) de sleutelsubstantie voor bijna-doodervaringen is.[6]
  • Net zoals bij dromen kan de inhoudelijke ervaring van een BDE lang lijken te duren terwijl die zich neurologisch in korte tijd manifesteert.
  • Mensen die een BDE hebben gemeld bij een levensbedreigende situatie veranderen daarna. Maar dat gebeurt ook bij mensen die met de mogelijkheid van hun eigen dood worden geconfronteerd, zonder dat ze een BDE hebben. Het is daarom waarschijnlijk dat niet de BDE maar de levensbedreigende situatie de verandering oproept. Wanneer een BDE optreedt in een ongevaarlijke situatie of kunstmatig wordt opgewekt treedt er ook geen belangrijke verandering op.
  • De medisch redacteur van The Arizona Republic schreef in 1977: "Wanneer het fysieke activiteitsniveau een heel laag punt bereikt heeft, zoals onder narcose, of ten gevolge van ziekte of verwonding, neemt de automatische beheersing van de lichaamsfuncties dienovereenkomstig af. Aldus komen de neurohormonen en catecholaminen van het zenuwstelsel vrij en worden in ongecontroleerde hoeveelheid uitgestort. Dit resulteert onder andere in de hallucinatie die na terugkeer tot het bewustzijn wordt uitgelegd als was men gestorven en weer tot leven teruggekeerd." [7]
  • Psychologe Susan Blackmore stelt dat de hersenen tijdens een BDE problemen krijgen met het vasthouden van een goed model van de wereld. Zij heeft in alle toen beschikbare verslagen (met bron) geen aanwijzing gevonden dat de gemelde bijzonderheden zoals het zien van dingen buiten het ziekenhuis werkelijk aanwijzing geven voor waarneming buiten het lichaam.[8]

Anekdotes

Een probleem met de verslagen van bijna-doodervaringen is dat het gaat om anekdotisch bewijsmateriaal. Niet alle informatie wordt gesteund door getuigen. Zo zijn er verslagen bij blinden verzameld door Kenneth Ring, die in 1993 constateerde dat er geen betrouwbare verslagen waren. Hij verzamelde 31 volgens hem onderbouwde ervaringen bij blinden, waarvan 21 bijna-doodervaringen.[9] Nader onderzoek van de gevallen door Mark Fox, [10] leidde tot de conclusie dat het BDE-onderzoek tot dan (2003) vaak uitgaat van de aanname dat er een vorm van dualisme bestaat, maar hier geen bewijs voor geeft. Hij heeft bij de verslagen van Ring ook onjuiste gevolgtrekkingen geconstateerd.[11]

Bovennatuurlijke visies

In bovennatuurlijke visies gaat men ervan uit dat bijna-doodervaringen een aanwijzing zijn voor leven na de lichamelijke dood. In deze visies wordt erop gewezen dat een BDE uit een aantal deelaspecten bestaat, die alle tezamen behoren te worden verklaard. Met name wordt hier gedoeld op uittredingen, waarbij men zaken en gebeurtenissen rondom het eigen lichaam 'ziet'. In de eigen sfeer 'ziet' men volgens deze verklaring, op een enkele uitzondering na, alleen personen die reeds zijn overleden. Tijdens een BDE is er tevens vaak sprake van een moreel oordeel.

  • Een van de weinige medici die menen dat de BDE een aanwijzing is voor het bestaan van een bovennatuurlijke wereld is de Nederlandse cardioloog Pim van Lommel, die in de jaren 1988-2002 onderzoek deed naar het verschijnsel van de bijna-doodervaringen,[12] in 2001 gepubliceerd in het medische tijdschrift The Lancet.[13] In dat artikel stelde hij dat er redenen zijn om aan te nemen dat de BDE optreedt als het EEG al vlak is, zodat die 'van buiten' zou moeten komen. Er kwam veel kritiek op het artikel, bijvoorbeeld op de prominent naar voren gebrachte maar niet hardgemaakte veronderstelling dat het EEG al heel snel vlak wordt. Volgens zijn collega's heeft hij ook te snel de mogelijkheid van een bovennatuurlijke verklaring geaccepteerd. In de visie van Pim van Lommel kunnen bijna-doodervaringen, geheugen en bewustzijn verklaard worden door kwantummystiek, waarbij hij begrippen gebruikt zoals kwantumverstrengeling en 'non-lokale ruimte'.[12] Volgens natuurkundetheoretici mag er echter niet aangenomen worden dat informatieoverdracht via verstrengeling mogelijk is.[14]
  • In de visie van Kenneth Ring kunnen delen van de BDE en ons geheugen en bewustzijn verklaard worden door holografie[15]
  • Gordon Greene gebruikt de hyperruimte om BDE's uit te leggen.[16]
  • De Franse filosoof Henri Bergson ziet het brein als filter dat ons geheugen ophaalt uit een andere ruimte.[17]

Zie ook

Literatuur

  • Raymond A. Moody, Life after Life: The Investigation of a Phenomenon - Survival of Bodily Death, Bantam, New York, 1975. Nederlandse vertaling: Leven na dit leven, Strengholt, Naarden, 1986.
  • Elisabeth Kübler-Ross, Over de dood en het leven daarna, Ambo/Anthos, Amsterdam, 1985.
  • Anja Opdebeeck, Bijna dood. Leven met bijna-doodervaringen, Lannoo, Tielt, 2001.
  • Jim van der Heijden, Onvergankelijk!, De bijna-doodervaring, venster op het licht van non-lokaal bewustzijn, Elmar, Rijswijk, 2008. [18]
  • Pim van Lommel, Eindeloos Bewustzijn, Ten Have, Utrecht, 2007.

Bronnen

  1. º (nl) Bijna-doodervaringen wetenschappelijk verklaard door Prof. Dr. Willem Betz (medicus), Prof. Dr. Walter Verraes (bioloog) en Prof. Dr. Luc Crevits (neuroloog)
  2. 2,0 2,1 (en) ABC - Dr Karl - Near-death myth alive and kicking
  3. º (en) Rick Strassman: DMT: The Spirit Molecule. A Doctor's Revolutionary Research Into the Biology of Near-Death and Mystical Experiences. Park Street Press, Rochester, USA (2001); 384 pagina's. ISBN 9780892819270. Recensie in Am J Psychiatry. Slechts twee van zijn testpersonen ervoeren visuele hallucinaties analoog aan de bijna-doodervaring, hoewel anderen een psychische staat rapporteerden die leek op de BDE. Strassman verklaarde dit door de afwezigheid van paniek en door doseringsverschillen in toegediende DMT en DMT dat tijdens een BDE vrijgemaakt wordt in de pijnappelklier. Alle proefpersonen ware ervaren gebruikers van DMT en andere hallucinogene drugs. Mogelijk hadden proefpersonen die daarmee onervaren zijn eerder gerapporteerd een bijna-doodervaring te hebben
  4. º (en) Dr. Karl L. R. Jansen, Using Ketamine to Induce the Near-Death Experience. Mechanism of Action and Therapeutic Potential. Yearbook for Ethnomedicine and the Study of Consciousness. Issue 4, 1995 (Ed.s C. Ratsch; J. R. Baker); VWB, Berlin, p. 55-81.]
  5. º (en) De Ridder D, Van Laere K, Dupont P, et al. Visualizing out-of-body experience in the brain. (2007) N Engl J Med 357:1829-1833. PMID 17978291 gratis volledige artikel.
  6. º (en) Shawn Thomas, Agmatine and Near-Death Experiences (2004) op Neurotransmitter.net
  7. º 28 mei 1977, blz. C-1; ook het Duitse medische tijdschrift Fortschritte der Medizin, nr. 41, 1979; Psychology Today, januari 1981.
  8. º (en) Susan Blackmore, Dying to live, near-death experiences (1993). ISBN 978-0-87975-870-7
  9. º (nl) K. Ring, S. Cooper (2001). Blind ziende. Bijna-doodervaringen van blinden. Ankh-Hermes, Deventer. Vertaling van: Mindsight: Near-Death and Out-of-Body Experiences in the Blind (1999), Palo Alto, CA: William James Center/ Institute of Transpersonal Psychology
  10. º (en) Mark Fox, Religion, Spirituality and the Near-Death Experience. New York, NY: Routledge, 2003.
  11. º (en) Keith Augustine, Hallucinatory Near-Death Experiences (2003) (Updated 2008) op http://www.infidels.org
  12. 12,0 12,1 (nl) Pim van Lommel, Eindeloos bewustzijn. Een wetenschappelijke visie op de bijna-dood ervaring, Ten Have, Kampen, 2007. ISBN 978 90 259 5778 0. In dit boek zijn bijna alle onderzoeken, die over dit onderwerp bekend zijn, opgenomen.
  13. º (en) P. van Lommel, R. van Wees, V. Meyers V, e.a. Near-death experience in survivors of cardiac arrest: a prospective study in the Netherlands. (2001) Lancet 358:2039-2045. Erratum in: Lancet 2002 Apr 6;359(9313):1254. PMID 11755611 gratis volledig artikel.
  14. º (nl) Martin van Staveren, Pim van Lommel en kwantummechanica, januari 2008 op http://evolutie.blog.com
  15. º (en) Kenneth Ring, 1980. Life at Death: A Scientific Investigation of the Near-Death Experience, New York, Coward, McCann and Geoghegan and New York, Quill, 1982.
  16. º (en) F. G. Greene, 1979. 'A glimpse behind the life review: A summary', Anabiosis: The Journal of Near-Death Studies I 3-5
  17. º (en) Henri Bergson, Matter and Memory, Engelse vertaling: N. M. Paul and W. S. Palmer, London, Swan Sonnenschein, 1911.
  18. º Website van het boek Onvergankelijk

Externe links