Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Antibioticum

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Het klassieke begrip antibioticum heeft betrekking op stoffen van organische oorsprong die ziekteverwekkers (met name bacteriën in het lichaam) bestrijden, dit naast chemotherapeutica, stoffen die door de mens langs synthetische weg zijn bereid. Tegenwoordig wordt dit onderscheid niet meer strikt gehandhaafd en spreekt men bij alle stoffen die aan mensen kunnen worden toegediend om bacteriële infecties te bestrijden over antibiotica. Met de term chemotherapeutica worden tegenwoordig meer specifiek anti-kankermiddelen bedoeld. Middelen die Ziektekiemen doden die zich niet in het lichaam maar op de huid of op b.v. werkbladen bevinden worden desinfectantia of antiseptica genoemd. Er zijn twee belangrijke groepen antibiotica: de bactericide of bacteriedodende, en de bacteriostatische of bacterieremmende, die de groei voorkomen. Voor een bactericide werking (b.v. bij penicillinen) is groei soms noodzakelijk. Dergelijke middelen kunnen, althans theoretisch gezien, beter niet met een antibioticum uit de bacteriostatische groep (zoals doxycycline) worden gecombineerd.

Geschiedenis

Het eerste antibioticum penicilline werd in 1928 door Alexander Fleming ontdekt als de werkzame stof afgescheiden door een bepaalde penseelschimmel, Penicillium notatum. Pas in 1941 verschenen de eerste publicaties van toepassing op mensen. Later kwam daar het streptomycine nog bij, en allerlei afgeleide middelen.

De ontdekking van antibiotica als penicilline betekende een doorbraak in de bestrijding van ziektekiemen, en er werd dan ook over gesproken als 'een wondermiddel', dat een grote effectiviteit paarde aan geringe bijwerkingen.

Antibioticum klassen

β-lactam antibiotica
β-lactam antibiotica bevatten een bèta-lactam groep (een ring bestaande uit drie koolstofatomen en een stikstofatoom) en werken in op de celwand van de bacteriën. Soorten: penicilline, cefalosporine, monobactam en carbapenem. Penicilline kan geassocieerd worden met clavulaanzuur. Deze stof bevat ook een β-lactam groep, maar wordt in tegenstelling tot de antibiotica niet afgebroken door β-lactamase, een enzym dat sommige resistente bacteriën produceren, maar vormt er een stabiel complex mee, zodat het enzym geen penicilline meer kan afbreken. Vrij veel gebruikers worden allergisch voor β-lactam antibiotica.
Aminoglycosiden
Aminoglycosides behoren tot de snel bactericide antibiotica. Ze remmen de eiwitsynthese van bacteriën door zich te binden aan het 30S-ribosoom, en zo de vorming van het initiatiecomplex te inhiberen. Bovendien kunnen deze aminoglycosides ook misreading veroorzaken. Van de aminoglycosides worden thans voornamelijk gentamicine, tobramycine en de semisynthetische derivaten netilmicine en amikacine gebruikt.
Tetracyclines
Tetracyclines zijn een groep bacteriostatica gebaseerd op tetracycline. De belangrijkste tetracyclines zijn tetracycline, chloortetracycline, oxytetracycline, doxycycline en methacycline. Het zijn de eerste keus middelen in de behandeling van chlamydia en rickettsia.
Macroliden
Macroliden inhiberen de translocatie-reactie ter hoogte van het 50S-ribosoom. Ze werken bacteriostatisch aan de in vivo bereikbare concentraties. Ze zijn bacteriocide tegenover de meest gevoelige bactieriën aan hogere concentraties. De belangrijkste macroliden zijn erythromycine, clarithromycine en azithromycine.
Chlooramfenicol/Thiamfenicol
Chlooramfenicol en Thiamfenicol remmen de eiwitsynthese bij de ribosomen.
(Fluor)chinolonen
De fluorchinolonen remmen het bacterieel DNA-gyrase (topoisomerase II en topoisomerase IV). Hierdoor wordt de DNA-of RNA synthese rechtstreeks geremd, wat hun bactericide werking verklaart.
Vancomycine
Vancomycine gestabiliseert de celwand van de bacteriën.
Rifamycine/Rifampicine
Rifamycine/Rifampicine inhibeert het RNA-afhankelijke DNA-polymerase van de bacteriën.
Nitro-imidazolderivaten
Nitro-imidazolderivaten produceren superoxide radicalen die DNA van bacteriën vernietigen. vb: metronidazol. Is zeer actief tegen anaerobe bacteriën.
Sulfonamiden/Trimethoprim
Foliumzuurantagonisten leggen de foliumzuurproductie van de bacteriën lam, wat leidt tot celdood. Sulfonamiden worden niet veel meer alleen gegeven, tegenwoordig is het vooral een combinatie van sulfamiden en trimethoprim, bijv. sulfamethoxazol + trimethoprim (co-trimoxazol). sulfamethoxazol is een analogon voor para-aminobenzoëzuur, waarvan het in de plaats met pteridine reageert en een nutteloze molecule vormt voor de foliumzuursynthese. Trimethoprim inhibeert dan weer de omzetting van 2-dihydrofoliumzuur naar 4-tetrahydrofoliumzuur. Naast sulfamethoxazol worden de sulfonamiden sulfadiazine, sulfametrol en sulfametizol in Nederland nog wel (zelden, en afnemend) gebruikt. Bij deze middelen zijn zowel het snel optreden van resistentie als een vrij grote kans op allergische reacties een probleem.

Antibioticumgebruik in de tandheelkunde

Voor het gebruik van antibiotica in de tandheelkunde zijn eigenlijk maar een zeer beperkt aantal indicaties. Het probleem is dat problemen met tanden / wortelresten niet goed door antibiotica te bereiken zijn.

Een aantal indicaties zijn:

  • Profylactisch bij patiënten met risico op endocarditis, of kunstheup.
  • Ter behandeling van een groot abces
  • Tegen bepaalde bacteriën die ernstige vormen van parodontitis veroorzaken, vaak voorafgegaan door een kweek om de bacteriën in kwestie op te sporen.

Bij kinderen die op jonge leeftijd behandeld worden met sommige soorten antibiotica (o.a. tetracyclines) kan het antibioticum zich hechten aan de tanden in ontwikkeling. Afhankelijk van het type antibioticum en de duur van de kuur kan dit zich in het blijvende gebit uiten door lelijke verkleuringen van de tanden. Kleuren kunnen variëren van groen tot donkerblauw.

Antibioticumgebruik in de veehouderij

De voornaamste antibiotica in de veterinaire farmacotherapie zijn de tetracyclines, sulfonamiden, aminoglycosiden, β-lactam antibiotica en de macroliden. De marktaandelen van deze stoffen verschillen per land[1], maar over het algemeen worden de tetracyclines en de sulfonamiden het meest intensief gebruikt. In Europa was in 1997 het totale gebruik 5093 ton, waarvan 1494 ton therapeutisch werd gebruikt en de rest als groeipromotors [2]

Externe links