Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Sint-Maartenskerk (Traiectum)

Uit Wikisage
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
rel=nofollow

De Sint-Maartenskerk was het eerste kerkje dat in de Frankische tijd in het Romeinse Traiectum (Utrecht) (bij de "Viltaburg") werd gebouwd en als voorpost diende voor de kerstening van de Friezen. Het bevond zich op het meest noordelijke punt van het Frankenrijk toen dit nog verdeeld was in Neustrië en Austrasië.

Context

Het land van de Friezen werd tot in de 8e eeuw nog overdekt door heidense tempels met godenbeelden. Tot 780 vormden in Saksenland de IJsel en in Friesland de Lauwers de begrenzing van het heidendom. Wie binnen dat gebied een tempel schond werd naar zee gesleept, onvruchtbaar gemaakt en, nadat zijn oren op het vochtige zand werden gespleten, aan de beledigde goden geofferd. Pas gebouwde houten kerkjes werden door Friezen en Saksen meermaals verwoest.

Geschiedenis

Terwijl de Franken poogden de Friezen en de Saksen te onderwerpen had de Keltoromaanse bevolking al bij de komst van de Franken en vooral na het vertrek van de Romeinse legers stelselmatig het oorlogsgebied beneden de Rijn ontvolkt en was naar het zuiden getrokken. Met hen was ook de invloed van het vroege christendom in het noorden van de Lage Landen weer verdwenen.[1] Individuele christelijke zendelingen vanuit Britannia en vanuit het zuiden deden pogingen om de Friezen te bekeren, met matig en wisselend succes.

Nadat samen met het kasteel Traiectum de aan Sint-Maarten (patroon van Gallië) gewijde kerk of kapel door de woeste Friezen was veroverd en vernield, werd het bekeringswerk er door de Keulse kerkvorst niet meer ernstig opgevat. Later predikten Sint-Amandus bijgestaan door Sint-Eligius, Columbanus en Werenfried onder de Friezen en bestreden er de heidense gebruiken.

In de tijd toen de Franken hun aandacht zuidwaarts hadden gekeerd, ook al omdat er interne conflicten waren ontstaan tussen hun westelijke (Neustrië) en oostelijke (Austrasië) rijksdelen, was de druk op de Friezen verslapt. Koning Dagobert I stond een door hem in Traiectum gebouwd kerkje, waarmee hij de Frankische invloed in het gebied van de Friezen wilde vergroten, voor zijn dood omstreeks 630 af aan de toenmalige bisschop van Keulen, waar inmiddels sedert begin 6e eeuw de nieuwe godsdienst gezegevierd had. Rond 650 werd het door de Friezen verwoest.

De Friese koning Radboud veroverde echter Trajectum en Dorestad weer en drong daarna met zijn schepen door tot bij Keulen, onderweg alle kerken en kerkjes vernielend. In de volgende eeuw was het Willibrord, de "apostel van de Lage Landen", die door de machtige Pippijn gesteund en door paus Clemens tot bisschop gewijd, het bekeringswerk in Friesland aanving met Trajectum dat toen opnieuw in handen van de Franken was als uitvalsbasis. Circa 720 herstelde hij het kerkje dat hij aan Sint-Maarten wijdde, de militaire maar barmhartige heilige en patroon van heel Gallië. Willibrord vestigde er zijn bisschopszetel, waarmee hij Utrecht stichtte. Naast de ruïnes van de oude kapel bouwde hij er de Sint-Salvatorkerk en op de grondslagen van het oude verwoeste heiligdom een kerk gewijd aan Sint-Maarten.

Controverse rond dit kerkje

Dit centraal in Nederland gesitueerd kerkje is al zeer geruime tijd voorwerp van controverse.[2] Archeologen en geschiedkundigen betwisten de locatie, de naam, de tijdsperiode tot zelfs het bestaan van dit kerkje. Oorspronkelijk zou volgens sommigen de naam Sint-Thomaskerk zijn geweest verwijzend naar de heidense en dus ongelovige Friezen die van daaruit moesten worden gekerstend. Anderen beweren al heel vroeg dat de brief van Bonifacius die naar de oprichting ervan in de Romeinse tijd verwijst mogelijk op een vervalsing zou gebaseerd zijn en dat zij op de 'controverse' niet verder willen ingaan.[3] Volgens de meeste historische bronnen wordt het Sint-Maartenskerkje van Traiectum (Trecht) gelokaliseerd in het Romeins kasteel. [4] De geschiedenis van de bouw ervan gaat volgens sommigen terug tot rond het jaar 250 en ligt alleszins voor 630.[5][6][7] Volgens C.J.C. Broer en M. de Bruijn is er reeds in 250 in de Romeinse tijd sprake van een tempeltje.[8] Ook P.J.Blok vermeldt een heiligdom op de grondvesten waarvan reeds voor 630 een (mogelijk houten) kerkje werd gebouwd, dat door de Friezen was vernietigd.[9] Maar er zijn ook auteurs die het bestaan van een kerkje reeds voor 630 in Utrecht betwisten. Als redenen wordt meestal een vervalsing van verwijzende documenten opgegeven, die op zich evenwel niet is aan te tonen. Een recente denkrichting bestaat erin de kerk niet in het Utrechtse Traiectum (een traiectum was een georganiseerde oversteekplaats voor een rivier), maar in dat van Maastricht te situeren. Deze gaat dan wel uit van de correctheid van de documenten van Bonifacius.

Externe links

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties

Noten

  1. º Pirenne pp. 7, 15-17
  2. º Bulletin KNOB [ISSN 0166-0470 Tijdschrift van het KNOB, ondersteund door TU Delft, Faculteit Bouwkunde.]
  3. º Barthold Jacob, Lintelo de Geer (1850): p. 13: " In het Regale praeceptum Pipini bij Heda, p. 85, komen Clotarius quondam rex et Theodebertus als begiftigers der Utrechtsche kerk voor, maar de echtheid van dit stuk is niet boven twijfel verheven."
  4. º Romeinse en vroegmiddeleeuwse bouwresten onder het verdwenen schip van de Utrechtse dom
  5. º Brief van Bonifacius
  6. º Gosses
  7. º [http://www.historici.nl/retroboeken/bvgo/#page=217&accessor=toc&source=04_09&view=imagePane&size=800 Bijdragen voor Vaderlandsche Geschiedenis en Oudheidkunde (BVGO) ed. P.J.Blok 1910 I.H. Gosses
  8. º Een overzicht van verdwenen kerkelijke bebouwing circa 250-1050
  9. º P.J.Blok (1923): p. 56

Historische bronnen

1px.pngWikimedia Commons  Zie ook de categorie met mediabestanden in verband met Low Countries op Wikimedia Commons.