Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.
rel=nofollow

Neushoorns

Uit Wikisage
(Doorverwezen vanaf Rhinocerotidae)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
rel=nofollow

De familie van de Neushoorns oftewel Rhinocerotidae bestaat uit vijf soorten grote zoogdieren die voorkomen in Afrika en Azië. De neushoorn heeft een krom naar achteren groeiende hoorn net achter het beweeglijke deel van de neus; drie soorten hebben daarachter nog een kleinere stomp, maar bij de Javaanse en de Indische neushoorn ontbreekt die.

Er zijn nog vijf soorten neushoorns, waarvan de meeste in meerdere of mindere mate bedreigd worden in hun voortbestaan door handel in producten van de hoorn. Deze is in China zeer gewild vanwege ongegronde claims van potentieversterkende eigenschappen, en in Jemen maakt er men graag mesheften van. De hoorn bestaat uit alledaags materiaal maar is uniek door zijn gelaagde opbouw en doordat hij een botkern mist.

Elke soort kan elke dag wel 100 liter drinken en tientallen kilo's eten. Het voedsel is per soort verschillend. Neushoorns die in Afrika leven zijn vooral grazers; ze eten vooral stevig gras of takjes, terwijl Aziatische soorten stevige, grote takken verorberen. De Sumatraanse neushoorn staat bekend om zijn zeer gevarieerde dieet, met allerlei soorten vruchten.

Soorten

Er bestaan nog vijf neushoornsoorten. Daarnaast zijn er nog meer dan 200 fossiele soorten bekend:

Naamgeving witte en zwarte neushoorn

De Nederlands- en Engelstalige namen van deze dieren berusten op een taalkundig misverstand. Door Afrikaners werden ze puntlip en wijdlip (wijd = breed) genoemd. De Engelsen vatten wijd op als white en dus werd de andere automatisch black. De Nederlanders vertaalden dit weer als witte en zwarte neushoorn.

Neushoorns in de beeldende kunst

De neushoorn, als ontzagwekkend dier, heeft kunstenaars al eeuwenlang geïnspireerd. In Afrika zijn ze zelfs al gevonden in rotsschilderingen die teruggaan tot het 7e millennium v.Chr.. In Europa zijn neushoorns wellicht sinds de Romeinse tijd niet meer gezien, en er werd lang getwijfeld aan hun bestaan, maar daar kwam op 20 mei 1515 een eind aan toen er bij de Lissabonse Torre de Belém een aan land gebracht werd.

Albrecht Dürer baseerde zijn thans wereldberoemde houtsnede "Rhinocerus" op deze Indische neushoorn. Een afdruk die hij daarvan maakte, is tegenwoordig te bewonderen in Londen, op een prominente plaats in het British Museum. Nog afgezien van de artistieke kwaliteiten blijkt Dürers vakmanschap uit de gelijkenis met het dier dat hij slechts kende van brieven en een schets. Van de details klopt weinig, maar uitstraling en grondvorm zijn goed getroffen. In de 18e eeuw was het de eveneens Indische, tamme neushoorn Clara die tot de verbeelding van kunstenaars sprak. Terwijl Dürers neushoorn al begin 1516 in de Middellandse Zee verdronk bij een verscheping, werd Clara tot haar dood 17 jaar lang in heel Europa tentoongesteld.

Materiaal en opbouw van de hoorn

Terwijl holhoornigen een hoorn hebben met een botkern met alleen de buitenkant van hoornmateriaal, missen neushoorns die beenkern. Hun hoorn is opgebouwd uit keratine, en de materiaalstructuur doet denken aan die van hoeven, en aan de snavels van schildpadden en kaketoe's.

In 2006 toonden CT-scans van Ohio University aan hoe dit haarachtige materiaal in zo'n kromme en scherpe vorm kan groeien.[1] In de kern groeien jaarlijks afzettingen van calcium die het materiaal hard maken en van melanine die afbraak door UV-straling voorkomen. Buiten de kern ontbreken die stoffen, zodat de buitenkant zachter is en verweert door zonlicht. Bij het wroeten en grazen tussen bomen en struiken en bij het vechten wordt de zachtere buitenkant in zijn karakteristieke kromming geslepen en gescherpt. Ook schuren de dieren hun hoorn langs stenen als ze de kans krijgen. Aan de hoorn van de Rhinoceros worden magische en genezende krachten toegekend. Vooral in China wordt gemalen hoorn als potentieverhogend middel verkocht. De materialen waaruit de hoorn is opgebouwd zijn echter volkomen alledaags, zodat dergelijke claims elke grond missen, en alleen te maken kunnen hebben met de krachtige uitstraling van de neushoorn, of met de associatie tussen de hoorn en een erectie.

Referentie en externe links

rel=nofollow


Wikimedia Commons  Vrije mediabestanden over Neushoorns op Wikimedia Commons