Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Vervoerbewijzen en tarieven voor personenvervoer per trein in Nederland

Uit Wikisage
(Doorverwezen vanaf Railrunner)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Voor het personenvervoer per trein in Nederland zijn er diverse Nederlandse spoorwegmaatschappijen voor personenvervoer. In afnemende mate zijn er vervoerbewijzen en abonnementen waarbij het spoorwegnet als één geheel wordt gezien, in toenemende mate zijn er andere die geldig zijn bij één vervoerder. In voorkomende gevallen kan een reiziger het voor hem gunstigste systeem kiezen.

Bij veel reisrechten zijn er aparte tarieven per klasse. Op sommige trajecten kan men alleen tweede klas reizen.

Vervoerbewijzen en abonnementen

Vervoerbewijzen en abonnementen waarbij het spoorwegnet als één geheel wordt gezien

Enkele reizen en retours

Bestand:NS Kaartautomaten.jpg
Alle vervoersbewijzen, behalve abonnementen, zijn te koop bij de NS-kaartautomaat.

Een vervoerbewijs waarbij het spoorwegnet als één geheel wordt gezien zijn de papieren enkele reis (treinkaartje), die naar verwachting eind 2012 wordt afgeschaft, en het corresponderende e-ticket. Het treinkaartje kan bij de kaartautomaat gekocht worden. De prijs is gebaseerd op het aantal tariefeenheden; deze komen ongeveer overeen met kilometers (zie hieronder voor details, en voor een complicatie waarbij voor de afstand en de geldigheid de verdeling van het net over vervoerders toch een rol speelt).

Enkele tarieven 2e klas vanaf 1 januari 2012 (in euro's)[1]:

afstand Enkele reis vol tarief Maandtrajectabonnement Jaartrajectabonnement
0–8 km 2,10 60,20 578,00
maximum 24,00 373,00[2] 3581,00[3]
vanaf (km) 249 90 90

Het volle enkele-reis-tarief stijgt vanaf 8 tariefeenheden met 10 of 20 cent per tariefeenheid (hoe groter de afstand hoe vaker 10 cent), vanaf 118 tariefeenheden met 0 of 10 cent per tariefeenheid (hoe groter de afstand hoe vaker 0 cent). Er is dus afstandsdegressie. Deze geldt echter slechts per reis in één richting, bij reizen via omwegen en bij heen en terug reizen maakt men meerdere reizen zonder verdere afstandsdegressie of kwantumkorting.

Een korting van 40% is van toepassing op kinderen van 4 t/m 11 jaar (voor zover ze geen goedkopere mogelijkheid hebben, zie onder) en houders van een Voordeelurenabonnement in voordeeluren (en bij NS voor houders van een Dal Voordeel abonnement of Altijd Voordeel abonnement in daluren, en houders van een Weekend Vrij abonnement in daluren buiten het weekend).

Aanvullende kaartjes die geen invloed hebben op het tarief:

  • dagretour; sinds 2011 is de prijs van een dagretour twee maal die van een enkele reis; dit geldt ook voor de minimum- en maximumprijs
  • weekendretour (met dezelfde prijs als een dagretour, geldig van vrijdag 19 uur tot maandag 4 uur, heen en terug elk binnen een "dag" van 0 uur tot 4 uur de volgende dag)
  • via-kaartje: de in rekening gebrachte prijs wordt berekend door de tarieven van de verschillende trajecten bij elkaar op te tellen[4] (de routeplanner van NS vermeldt lagere prijzen!), behalve bij een via-station op een van de trajecten Zutphen - Hengelo, Elst - Tiel (beide Syntus) of Dordrecht - Geldermalsen (Arriva); zie ook onder.

Behalve bij een weekendretour moet elke reis tussen 0 uur van een dag en 4 uur de volgende dag plaatsvinden. Het is (behalve in de genoemde uitzonderingsgevallen) niet verstandig om een via-kaartje te nemen als het via-station al op een toegestane route ligt, want dan betaalt men meer voor hetzelfde reisrecht. Zie ook hieronder.

Verder zijn er internationale vervoerbewijzen die geldig zijn van/naar alle stations in Nederland, bijvoorbeeld de Eurostar tickets naar Engeland. Voor de bootverbinding Hoek van Holland - Harwich, is het mogelijk aanvullende treinkaarten te krijgen van alle stations in Nederland naar Hoek van Holland voor € 4. Deze tickets worden echter alleen door de veerbootmaatschappij Stena Line verkocht.

Via-kaartje

Als de kortste route een van de trajecten Zutphen - Hengelo, Elst - Tiel (beide Syntus) of Dordrecht - Geldermalsen (Arriva) omvat, dan vraagt de kaartautomaat bij het kopen van een kaartje expliciet wat men wil:

  • een kaartje met een prijs gebaseerd op deze langere NS-route, geldig op beide routes
  • een kaartje voor de kortste route, met een prijs gebaseerd op deze kortere afstand, en alleen daar geldig; dit wordt een via-kaartje genoemd, waarbij Goor het via-station is voor reizen via het traject Zutphen - Hengelo, Opheusden voor het traject Elst - Tiel, en Gorinchem voor het traject Dordrecht - Geldermalsen.

In beide gevallen (en ook als men in het tweede geval een ander via-station kiest op een van de drie genoemde routes) wordt de prijs van één reis gerekend, niet de hogere prijs die de som is van de prijzen van de deelreizen. Daardoor is een reis van Dordrecht Stadspolders naar Geldermalsen via Gorinchem duurder dan met Dordrecht als vertrekstation.

Iets soortgelijks is niet van toepassing t.a.v. de trajecten Amersfoort - Ede-Wageningen, Leeuwarden - Groningen, Nijmegen - Roermond of Maastricht - Heerlen; in deze gevallen speelt het feit dat het om een andere vervoerder dan NS gaat geen rol.

Dagkaarten

"Abonnementen voor één dag" zijn de dagkaart, de RailRunner (zie onder), de keuzedag, de dagkaart fiets (€ 6) en de dagkaart hond (€ 3). De prijs van de eerstgenoemde dagkaart is de maximumprijs van een retour (tweemaal de maximumprijs van een enkele reis). Tot 31 december 2011 is er nog de OV-dagkaart te koop, waarbij naast de trein ook met al het ander OV gereisd kan worden.[5]

Meerdaagse abonnementen

Abonnementen voor meer dan één dag waarbij het spoorwegnet als één geheel wordt gezien zijn het Voordeelurenabonnement (mits gebruikt in combinatie met papieren kaartjes; sinds augustus 2011 is dit abonnement niet meer verkrijgbaar, behalve dat bestaande houders het nog kunnen verlengen), het OV-Jaarabonnement, de studentenreisproducten, de trajectabonnementen en twee abonnementen die vanaf 2012 niet meer verkrijgbaar zijn (en ook niet verlengbaar zijn voor bestaande houders): het NS-Jaarabonnement en het maandnetabonnement.

De trajectabonnementen zijn reisrechten voor het onbeperkt gedurende een bepaalde tijd reizen op een traject in beide richtingen: het maandtrajectabonnement en jaartrajectabonnement. Deze bestaan voor afstanden t/m 89 km. Daarboven is men tot nu toe aangewezen op een maandnetabonnement of NS-Jaarabonnement. Voor wie veel reist op een lang traject is er ook het Altijd Vrij abonnement.

De prijs van een Jaartrajectabonnement (zie ook de tabel boven) stijgt vanaf 8 tariefeenheden met ongeveer € 45 per tariefeenheid, vanaf 70 tariefeenheden met minder.

Met een 2e klas OV-Jaarabonnement, een 2e klas NS-Jaarabonnement en een Jaartrajectabonnement heeft men aanvullend recht op 40% korting bij reizen in de voordeeluren; bij het OV-Jaarabonnement en het NS-Jaarabonnement heeft dit logischerwijs alleen betrekking op een overgang 2-1 voor een papieren enkele reis (en het papieren retour en weekendretour die simpelweg dubbele enkele reizen zijn) en voor een dagkaart. Bij een Jaartrajectabonnement heeft dit ook betrekking op reizen buiten het traject.

Voor buitenlanders zijn er internationale abonnementen: InterRail voor Europeanen en Eurail pass voor niet-Europeanen.

Besluit personenvervoer 2000

Het tijdelijke artikel 35a van het Besluit personenvervoer 2000[6] waarborgt het verkrijgbaar zijn van bepaalde vervoerbewijzen en abonnementen waarbij het spoorwegnet als één geheel wordt gezien, om te bewerkstelligen dat de reiziger aparte reiskosten per vervoerder kan vermijden. Het gaat om:

  • het NS-vervoerbewijs voor enkele reis- en retourkaarten tweede klas
  • het NS-abonnement tweede klas
  • het NS-deel van de OV-jaarkaart tweede klas

Dit besluit schrijft voor dat de concessieverlener dit uiterlijk vanaf 15 oktober 2011 als voorwaarde verbindt aan een concessie voor openbaar vervoer per trein. (Niet duidelijk is of wordt bedoeld nieuwe of ook bestaande concessies; gezien de vaak lange looptijd van concessies en de tijdelijkheid van dit besluit wordt gesuggereerd dat bestaande concessies dienen te worden aangepast.)

De term "NS" wordt hier gebruikt in de zin van treinvervoerder-overstijgend. Toegelicht wordt dat het betreft de in artikel 15, eerste lid, van de Vervoerconcessie voor het hoofdrailnet - zoals deze geldt met ingang van 1 januari 2010 - aangewezen beschermde kaartsoorten (blijkbaar wordt gedoeld op de voorschriften die tot en met 2010 golden). Dit verduidelijkt dat het bij het eerste item gaat om het volle tarief. Ook wordt in de concessie toegelicht dat "NS-abonnement" ook "de jeugdmaandabonnementen" omvat (mogelijk wordt hier op het sterabonnement gedoeld, dat ook op sommige treintrajecten geldig is, hoewel die normaliter niet worden aangeduid als NS-abonnement). Verder zijn er het NS-Jaarabonnement, het maandnetabonnement, het maandtrajectabonnement, het jaartrajectabonnement en Altijd Vrij. Niet duidelijk is of dalurenabonnementen er ook onder vallen. Inderdaad zijn het NS-Jaarabonnement, het maandnetabonnement, het maandtrajectabonnement en het jaartrajectabonnement vervoerder-overstijgend, en is Altijd Vrij ook bij de regionale vervoerders geldig.

Het besluit waarborgt voor trajecten met meerdere vervoerders het behoud van de papieren enkele reis vol tarief (die NS eind 2012 wil afschaffen) en het jaar- en maandtrajectabonnement voor het hele traject (waarvoor NS eerder aankondigde een passende oplossing op de OV-chipkaart te zoeken), en waarborgt ook het behoud van "altijd-vrij"-abonnementen voor alle vervoerders gezamenlijk totdat de decentrale overheden en de treinvervoerders een structurele oplossing voor "het probleem van het meervoudige basistarief" (zoals dat zich voordoet bij op saldo reizen en bij aparte abonnementen per vervoerder) hebben gevonden.

Voor een voorstel voor een andere oplossing van "het probleem van het meervoudige basistarief", zonder het spoorwegnet als één geheel te behandelen, zie onder over de commissie Meijdam.

Aparte reiskosten per vervoerder

Reiskosten worden bepaald per vervoerder bij de OV-chipkaart (zie ook onder). Zelfs al zou iedere vervoerder dezelfde tarieven hanteren dan nog wordt het spoorwegnet hier niet als één geheel gezien: per vervoerder moet worden in- en uitgecheckt, en per vervoerder wordt de prijs bepaald. Door de afstandsdegressie is een reis van een gegeven afstand duurder als deze met meerdere vervoerders wordt gemaakt (zie ook onder).

Bovendien kunnen de tarieven verschillen en zijn er diverse aparte proposities per vervoerder, uitgevoerd als papieren kaartje of te laden op de OV-chipkaart. Zo voerde bijvoorbeeld de NS[7] per 1 augustus 2011 een hele serie nieuwe abonnementen in (dalurenabonnementen, het Altijd Vrij abonnement en het hieronder behandelde Kids Vrij abonnement) die alleen geldig zijn bij NS.

Verder is er bij NS wel eens een promotie-actie met een speciale Railrunner of een NS-Meereiskaart (voor gratis meereizen met iemand van 12 jaar of ouder), beide alleen geldig in de voordeeluren, en een dagkaart overgang 2-1 alleen voor een zaterdag of zondag, die alle drie alleen geldig zijn bij NS. Ook de Tienertoer van augustus 2011 geldt alleen bij NS.

Bij tijdelijke acties waarbij via winkelketens zoals Blokker, Kruidvat en HEMA goedkope dagkaarten verkrijgbaar waren is het ook wel eens voorgekomen dat deze alleen geldig waren bij NS.

Abonnement met aparte reiskosten per vervoerder

Abonnement voor het hele spoorwegnet, maar verder aparte reiskosten per vervoerder

Een tussenvorm tussen "het spoorwegnet als één geheel zien" en "aparte reiskosten per vervoerder" is voor sommige abonnementen ingevoerd, en andere volgen in de loop van 2012.

Bij het Altijd Vrij abonnement en het Kids Vrij abonnement brengt het bestaan van verschillende vervoerders alleen de extra handelingen van het apart in- en uitchecken per vervoerder met zich mee, maar zijn er geen financiële gevolgen.

Bij Dal Voordeel, Altijd Voordeel, Weekend Vrij en Dal Vrij speelt, nadat deze in de loop van 2012 ook bij de belangrijkste niet-NS treinvervoerders geldig worden, ook mee dat als men incheckt in de daluren en overstapt op een andere vervoerder tijdens de spitsuren, men geen of minder korting krijgt op het deel van de reis dat dan aanvangt. Dit geldt zelfs als dit veroorzaakt wordt door vertraging bij het eerste deel van de reis. De overgang is het grootst bij een Dal Vrij abonnement: op een werkdag gaat de korting om 6.30 uur en om 16 uur van 100% naar 0%. Bovendien geldt als men geen vrij reizen heeft dat, ook als men steeds incheckt in de daluren, het tussentijds uit- en inchecken toch ongunstig door de afstandsdegressie.

Kinderen

Een kind van 0 t/m 3 jaar reist gratis mee.

Een kind van 4 t/m 11 jaar reist met een meerderjarige mee voor € 2,50 per dag (Railrunner, nu ook als eticket verkrijgbaar; per begeleider van minstens 18 jaar[8] kunnen maximaal drie kinderen tegen het Railrunner-tarief meereizen), of (sinds 1 december 2011 niet alleen bij NS maar ook bij Arriva, Connexxion, Syntus en Veolia)[9][10] voor € 15 euro per jaar (abonnement Kids Vrij; een meerderjarige mag maximaal 3 kinderen met Kids Vrij begeleiden). Bij de dalurenabonnementen (niet het Voordeelurenabonnement) en Altijd Vrij krijgt men Kids Vrij voor maximaal drie 4 tot en met 11-jarige kinderen of kleinkinderen gratis.

Bij Kids Vrij is het instaptarief € 0. Zie Altijd Vrij over enerzijds de voordelen hiervan en anderzijds de nog steeds geldende voorschriften en bijbehorende sancties.

Een kind van 4 t/m 11 jaar reist met 40% korting (alleen met een papieren kaartje)[11] maar dit cumuleert niet met voordeel- of dalurenkorting. Dit is vooral van toepassing als het kind zelfstandig reist, of begeleid wordt door een andere minderjarige, en ook bij meereizen op een korte reis, in andere gevallen is de Railrunner (of bij reizen op meer dan 6 dagen per jaar Kids Vrij) een goedkopere mogelijkheid. Een zelfstandig reizend kind krijgt op een los abonnement (dus geen bijabonnement voor een gezinslid) geen kinderkorting.

Voor personen van 12 t/m 17 jaar gelden geen speciale kortingen. Het samenreizen van iemand van 12 t/m 17 jaar met een kind jonger dan 12 jaar is meestal zelfs duurder dan het samenreizen van een meerderjarige met een kind jonger dan 12 jaar, zie hierboven.

OV-chipkaart

Sinds oktober 2009 wordt geleidelijk bij het treinvervoer in Nederland de OV-chipkaart ingevoerd. Het is de bedoeling dat eind 2012 de papieren treinkaartjes verdwijnen.

Het OV-Jaarabonnement, NS-Jaarabonnement en jaartrajectabonnement zijn uitgevoerd als OV-chipkaart. Men hoeft echter niet in- en uit te checken bij de treinvervoerders en het is ook niet mogelijk op saldo te reizen voor aanvullende treinkosten: dit geldt voor overgang 2-1, maar bij het jaartrajectabonnement ook voor het maken van treinreizen buiten het traject. De reden van het laatste is waarschijnlijk dat de verwachting gewekt zou kunnen worden dat het systeem rekening houdt met het vrij reizen op het vaste traject bij het berekenen van de reiskosten, maar dat deze functionaliteit nog niet bestaat. Als een deel van de reis onder het abonnement valt moet men tussendoor uitstappen om op de juiste stations in en uit te checken.

Men kan bij de NS op saldo reizen met een persoonlijke of anonieme OV-chipkaart (ook als die is aangeschaft bij een andere vervoerder). De kaart moet wel eerst worden geactiveerd, onder opgave van de klasse waarin men wil reizen. Dit kan aan de balie, of na aanmelding op internet bij een kaartautomaat. Om gemakkelijk per reis de klasse te kunnen kiezen kan men één OV-chipkaart voor eerste en één voor tweede klas activeren. Als men tijdens de reis van klasse wil wisselen dan zal men uit moeten stappen en de ene kaart uit en de andere in moeten checken.

Op elk station staan kaartlezers van de NS (men moet erop letten dat het een lezer van NS is, er kunnen ook andere staan) voor in- en uitchecken. NS heeft aangekondigd dat er uiteindelijk op ongeveer 90 stations poortjes zullen zijn.[12] Voorlopig is het zo dat als er poortjes staan ze altijd open staan. Een rit wordt gedefinieerd als een deel van een reis tussen een check-in en een check-uit. Voor de instaptarieven zie OV-chipkaart#Instaptarief. Om te kunnen inchecken moet het saldo minimaal hieraan gelijk zijn, want men mag niet rood staan.[13]

In de Voorwaarden Reizen op Saldo bij NS[14] definieert NS "Onderbreken/onderbroken" als "De situaties waarbij u de laatste NS-kaartlezer(s) passeert om het station te verlaten of om gebruik te maken van een voorziening binnen het station die buiten het door de NS-kaartlezers omsloten gebied ligt." en wordt bepaald "In aanvulling op het bepaalde in AVR-NS dient met Reizen op saldo bij NS bij het onderbreken van de reis de rit afgesloten te worden met een check-uit op het betreffende station. Bij het vervolgen van de reis dient opnieuw ingecheckt te worden. Zo bestaat bijvoorbeeld een reis die tussentijds is onderbroken uit twee ritten." Op stations zonder poortjes, en op stations met poortjes (met andere woorden, met een OV-chipkaartgebied) zolang die nog openstaan, is dat niet afdwingbaar. Wel is het zo dat als men niet uitcheckt men tijdens de onderbreking dezelfde OV-chipkaart niet voor ander vervoer kan gebruiken.

Onderbreken maakt een reis bij op saldo reizen duurder door de afstandsdegressie, en beperkt officieel het mogelijke voordeel van de regel dat het moment van inchecken bepalend is voor daluren en voordeeluren. Formeel (en bij gesloten poortjes ook feitelijk) zijn voorzieningen binnen het OV-chipkaartgebied daardoor "toegankelijker" dan daarbuiten: men mag altijd gratis van buiten even naar binnen (zie verderop), maar in bepaalde gevallen alleen "tegen betaling" (in de zin dat de reiskosten hoger worden) van binnen even naar buiten.

Omgekeerd, als het wegens de regel dat het moment van inchecken bepalend is voordelig is om uit en weer in te checken dan mag dit altijd, of men het station nu verlaat of niet.

Onderweg kan de conducteur de kaart controleren met zijn mobiele lezer. Men mag alleen reizen in een richting van het incheckpunt af. Dat wil zeggen dat men zich op een toegestane reisroute vanaf dit incheckpunt moet bevinden. Bij de NS is dit naar keuze het NS-treintraject waarlangs de bestemming in reistijd het eerst wordt bereikt, of een in tariefeenheden korter traject, of een traject waar minder behoeft te worden overgestapt. Met uitzondering van de in de jaardienstregeling vermelde gevallen geldt echter dat het vertrek- of bestemmingsstation niet voorbij mag worden gereisd. Men mag dus wel zonder extra uit- en inchecken omrijden om andere vervoerders te vermijden, bijvoorbeeld als men een vrij-reizen kaart heeft alleen voor NS. Het extra uit- en inchecken bij het maken van een omweg heeft (naast de grotere afstand) dezelfde nadelen als de aparte reiskosten per vervoerder, al of niet met een abonnement voor het hele spoorwegnet: financiële nadelen of extra restricties in reistijden, zoals vroeg genoeg vertrekken zodat ook het tweede en eventueel volgende inchecken nog in de daluren is, of de reis op het station van extra uit- en inchecken pas vervolgen als de spits om is (zie ook boven).

Aangezien in- en uitchecken dezelfde handeling bij hetzelfde apparaat betreft, zonder keuzemogelijkheid, wordt een poging tot uitchecken zonder te hebben ingecheckt opgevat als inchecken, en een poging tot inchecken als men al heeft ingecheckt worden opgevat als uitchecken; bij lezers alleen voor inchecken of alleen voor uitchecken (bij poortjes) geldt dit niet, daar verliest men het instaptarief.

Uitchecken is niet mogelijk als het saldo niet toereikend is. Men moet dan eerst het saldo opladen, en dan alsnog uitchecken.[15] Indien men niet uitcheckt vóór 4 uur de volgende dag is men in ieder geval het zg. "vast bedrag" als ritprijs verschuldigd; dit is gelijk aan de maximale ritprijs vol tarief eerste of tweede klas, afhankelijk van wat men als standaardklasse heeft ingesteld bij het activeren van reizen op saldo bij NS. Los van het saldo op de kaart heeft men dan dus een schuld. Indien niet wordt uitgecheckt is er achteraf alsnog sprake van een niet geldig vervoerbewijs. Hiervoor kan aanvullend de boete voor het reizen zonder geldig vervoerbewijs worden opgelegd, maar voorlopig zal dat alleen gebeuren als er overduidelijk sprake is van opzet/fraude.

Nadat 12 keer niet wordt uitgecheckt wordt de OV-chipkaart tijdelijk voor reizen op saldo geblokkeerd. Bij de NS-servicebalie kan de kaart weer gedeblokkeerd worden. Gegevens verzameld bij controles door conducteurs kunnen eventueel mede gebruikt worden om de ritprijs te bepalen. Indien er sprake is van misbruik of oneigenlijk gebruik van reizen op saldo bij NS, kan NS besluiten voor de betreffende reiziger en/of bij de betreffende OV-chipkaart het instaptarief te verhogen tot het "verhoogd instaptarief", dat gelijk is aan de maximale prijs van vol tarief 1e klasse.[14]

Anders dan bij het stadstreekvervoer geldt bij de NS dat een rit eindigt bij het uitchecken. Bij opnieuw inchecken begint een nieuwe rit. Aangezien de kosten van een lange rit minder zijn dan de som van de kosten van ritten op deeltrajecten (de zg. afstandsdegressie) is het onvoordelig en niet de bedoeling om bij overstappen tussen NS-trajecten uit en in te checken. Bij overstappen op een andere vervoerder (dus ook een andere treinvervoerder) moet men echter wel bij de NS uitchecken (zie ook hieronder). Bij een reis met een omweg moet men zo vaak uit- en inchecken dat men steeds reist in een richting van het laatste incheckpunt af.

In- en uitchecken

Ook bij de dalurenabonnementen van NS, Altijd Vrij en het hierboven behandelde Kids Vrij moet altijd in- en uitgecheckt worden. Dit moet dus ook bij vrij reizen, en verder moet op saldo gereisd worden. Er wordt dus nooit een los kaartje gebruikt, behalve voor aanvullende reisrechten, zoals voor meereizenden en een fiets.

Ook NS-reizigers die nog een Voordeelurenabonnement hebben kunnen hiermee met korting op saldo reizen.

Als men er bij het opladen voor zorgt dat het saldo onder de € 20[16] blijft beschermt men zich tegen de fout van het, terwijl men al of nog ingecheckt is bij een treinvervoerder, bij dezelfde of een andere treinvervoerder nog eens in te checken (dit gevaar bestaat bij een poortje, en als het een andere treinervoerder is ook bij een paal). Bij voldoende saldo zou een schade van € 10 ontstaan, maar nu wordt dat voorkomen doordat het saldo te laag is voor nog eens inchecken. Het is echter niet mogelijk zich met een laag saldo te beschermen tegen uitchecken als men niet (meer) is ingecheckt: voor zover het systeem dit bij een te laag saldo weigert, zou zo'n laag saldo (afhankelijk van de gehanteerde limiet) in veel gevallen ook het inchecken onmogelijk maken.

Hetzelfde, met andere bedragen, geldt zonder abonnement.

30-minutenregel

Aan het begin van een reis met de nieuwe abonnementen van NS (dalurenabonnementen, Altijd Vrij en Kids Vrij) mag er niet meer dan 30 minuten zitten tussen het inchecken en de vertrektijd van de trein volgens de dienstregeling. Bij overtreding van deze regel, vastgesteld bij een controle, volgt er een sanctie (volgens de voorwaarden vervalt de korting, maar er wordt niet toegelicht hoe dat technisch en administratief wordt bereikt). Bij herhaaldelijke overtreding zijn er ook sancties mogelijk als men toch al geen recht op korting had wegens de spits.

Doel is het reizen in de spits met dalurenkorting enigszins tegen te gaan, zie Bij dalurenabonnementen voor treinvervoer in Nederland is het moment van inchecken bepalend, maar zoals blijkt uit het bovenstaande geldt de regel ook voor twee abonnementen waarbij dat niet aan de orde is.

Als men te vroeg heeft ingecheckt of besluit een latere trein te nemen kan men gebruikmakend van de 60-minutenregel uit- en weer inchecken om de 30-minutentermijn opnieuw te laten beginnen. Dit geeft uiteraard bij dalurenabonnementen extra kosten als inmiddels de spits is aangebroken.

60-minutenregel

Als men na inchecken binnen 60 minuten (free exit duration) op hetzelfde station weer uitcheckt krijgt men het hele instaptarief terug; als men dat later doet dan is men het instaptarief kwijt. Deze regel heeft geen betekenis als het instaptarief nihil is (bij Altijd Vrij en Kids Vrij).

De regel kan van pas komen als men afziet van de rit of toch maar een andere vervoerder kiest (al of niet omdat de trein vertraging heeft), of als men de bedoeling had om bij een OV-chipkaartlezer van een andere vervoerder in te checken, of men alsnog besluit een latere trein te nemen dan volgens de 30-minutenregel is toegestaan. Dit kan uiteraard bij dalurenabonnementen extra kosten met zich meebrengen als inmiddels de spits is aangebroken. Als men per ongeluk te laat daarmee is kan men, zolang de poortjes nog openstaan, de schade beperken door naar een nabijgelegen station te reizen (per trein met een ander vervoerbewijs, of op een andere manier dan per trein) en daar uit te checken.

De termijn van 60 minuten dient als extra maatregel om fraude te voorkomen.

Als t.z.t. de poortjes gesloten worden is de 60-minutenregel ook van belang voor verblijf in het OV-chipkaartgebied zonder te reizen (passage-recht). Men kan uit- en weer inchecken om de 60-minutentermijn opnieuw te laten beginnen. Houders van een abonnement kunnen het beste de OV-chipkaart met het abonnement gebruiken, en niet een andere OV-chipkaart met "Reizen op saldo bij NS", want doordat het instaptarief lager is is de schade bij overtreding van de 60-minutenregel ook lager.

6-uursregel

Bij de nieuwe abonnementen van NS moet men binnen 6 uur na inchecken uitchecken. Bovendien moet bij de NS het uitchecken gebeuren op dezelfde dag als het inchecken, waarbij een dag loopt van 0.00 uur tot 4.00 uur de volgende dag. Dit laatste is alleen een extra eis als men tussen 22.00 en 24.00 uur incheckt, dan moet men voor 4.00 uur uitchecken. Als men na 6 uur op dezelfde dag uitcheckt dan is men het instaptarief kwijt. Na verstrijken van de dag kan men niet meer uitchecken en is men ook het instaptarief kwijt.

Deze regel is om trucs enigszins tegen te gaan waarbij men niet uitcheckt bij aankomst op de bestemming, maar later op de dag op een locatie waar dat voordeliger is (een andere mogelijke tegenmaatregel is "aanmaken van een transactie bij controle aan boord"). De regel geldt echter zelfs voor Altijd Vrij en Kids Vrij.

Bij reizen zonder korting in de spits kan men de regel vermijden door een andere OV-chipkaart te gebruiken (zie ook reizen zonder korting met een dalurenabonnement), dan geldt alleen de regel dat het uitchecken moet gebeuren op dezelfde dag als het inchecken.

De 6-uursregel geldt niet voor het Voordeelurenabonnement, ook dan heeft men de hele dag de tijd.

Tarieven treinvervoerders bij op saldo reizen

Bij Arriva Merwede-Lingelijn is de OV-chipkaart per 15 september 2011 in gebruik en bij Connexxion (Amersfoort - Ede-Wageningen) is de OV-chipkaart per 7 november 2011 in gebruik. Elders gelden bij op saldo reizen de volgende tarieven.

Bij NS kunnen houders van het gratis Reizen op Saldo product op saldo reizen.

Bij NS en Arriva Noordelijke Nevenlijnen[17] gelden dezelfde tarieven als bij papieren NS-kaartjes.

In de overige gevallen geldt het basistarief van € 0,79 dat landelijk voor het stads- en streekvervoer geldt, en een vaste kilometerprijs:

Lijnen Kilometertarief
Syntus[18] (incl. Almelo – Mariënberg) € 0,16 (2011)
Veolia[19] Nijmegen-Roermond € 0,184 (2011)
Veolia Zuid-Limburg € 0,199 (2011)

Korting bij op saldo reizen

Voor korting bij op saldo reizen[20] is altijd een persoonlijke OV-chipkaart nodig. Naast korting in daluren krijgen bij Syntus kinderen van 4 t/m 11 jaar en mensen van 65 jaar of ouder automatisch 34% korting op de totale reissom, ook in combinatie met dalurenkorting.

De kortingen worden bij Veolia en Syntus berekend over zowel het basistarief als het kilometertarief.

Meerdere treinvervoerders

Met de traditionele treinkaartjes maakt het niet uit of met meerdere treinvervoerders wordt gereisd: men koopt één kaartje voor de hele reis en betaalt het degressieve tarief op basis van de totale afstand. Dit is goedkoper dan dat dit tarief apart voor gedeelten wordt toegepast. Hoewel er geen expliciet basistarief/opstaptarief is wordt dit laatste wel aangeduid als "dubbel opstaptarief".

Als een treinreis met meer dan één vervoerder wordt gemaakt dan is daarom een gecombineerd papieren kaartje goedkoper. De NS-reisplanner geeft bij reizen met meerdere spoorbedrijven alleen de prijs aan van het papieren kaartje.

Als men van Groningen naar Maastricht wil via Venlo dan is het het goedkoopst om bij NS voor de hele reis van Groningen naar Maastricht (dit is via 's-Hertogenbosch) te betalen (met één kaartje, of met slechts één keer in- en uitchecken) en voor het traject van Veolia (Nijmegen - Roermond) een (andere) OV-Chipkaart te gebruiken (met daarop geladen het recht op 40% korting) [1].

Er is vanuit de politiek en de reizigersverenigingen verzet gevoerd tegen het "dubbel opstaptarief" bij op saldo reizen met overstappen tussen de spoorvervoerders. Er wordt aan een oplossing gewerkt en zolang dit probleem niet is opgelost zal er geen toestemming gegeven worden om de papieren vervoersbewijzen af te schaffen.[21]

Commissie Meijdam

De Commissie Permanente Structuur en Dubbel Opstaptarief in de treinrailketen (Commissie Meijdam) heeft onder meer voorstellen gedaan over het reizen met meerdere treinvervoerders[22]:

Er komt bij het treinvervoer een systeem van enkelvoudig in- en uitchecken. De in- en uitcheckapparatuur is daar niet meer vervoerder-gebonden. Er komt een uniform basistarief (door de commissie "opstaptarief" genoemd) dat slechts één keer wordt berekend.

De prijs van de totale reis, excl. basistarief, kan worden bepaald door deze uit te splitsen naar vervoerder, en op elk deel de vervoerder-specifieke tarieven (excl. basistarief) en de reisproducten (waaronder producten voor vrij reizen en kortingsproposities) van de reiziger in aanmerking te nemen. Overigens is er geen expliciet basistarief bij NS en de Noordelijke Nevenlijnen. Wel is het zo dat de prijs van een reis van 8 t/m 46 reiseenheden na aftrek van € 0,79 ongeveer evenredig is met het aantal reiseenheden (bij vol tarief). Het feit dat het lager worden van de kilometerprijs bij een langere reis verloren gaat of minder wordt, en dat minimaal 8 reiseenheden worden gerekend voor een deeltraject, maakt het opdelen toch nadelig.

Om de berekening van de prijs niet te ingewikkeld te laten worden verdient uniformiteit van de tariefstructuur de voorkeur, met een vast basistarief, vaste daluren, vaste leeftijdsgrenzen voor kortingen, e.d. Tariefdifferentiatie kan dan nog wel plaatsvinden voor wat betreft de prijs per km, de afstandsdegressie, en de kortingpercentages. Als de berekening van de prijs te ingewikkeld is om direct bij uitchecken plaats te vinden kan dit eventueel achteraf worden gedaan.

Ook voordat genoemd systeem van enkelvoudig in- en uitchecken in werking kan treden kan het dubbele basistarief net als bij het stads- en streekvervoer al afgeschaft worden; bij overstappen naar een andere treinvervoerder die het NS-tarief gebruikt kan deze een prijs rekenen die € 0,79 lager is, zodat het bovengenoemde lagere tarief al eerder geldt.

Er komt een tarievenkader voor treinvervoer (zoals er ook een Landelijk Tarievenkader is voor het overige openbaar vervoer).

Bij inchecken in A en uitchecken in B kunnen er verschillende voor de hand liggende routes zijn met verschillende vervoerders, te meer als er kortingproducten zijn per vervoerder: zelfs onder reizigers met hetzelfde kortingproduct zal de één een omweg maken om de korting te benutten, terwijl de ander de kortste route neemt. De commissie geeft niet aan hoe de kosten van de reis moeten worden berekend of hoe die over de vervoerders verdeeld moeten worden indien het systeem niet weet welke route genomen is. Zelfs als het systeem er van uit gaat dat de kortste route in tariefeenheden of tijd genomen wordt, of de route met de minste overstappen (waarbij de reiziger die hiervan afwijkt extra uit- en incheckt) dan nog kunnen er meerdere routes zijn die hieraan voldoen, en bepaalt dit dus niet altijd eenduidig met welke vervoerder(s) is gereisd.

Het Onderzoek naar de technische haalbaarheid van enkelvoudig in- en uitchecken in de treinrailketen[23] dat de commissie heeft laten verrichten behandelt slechts het geval van meerdere vervoerders op één traject. De totale reiskosten van een reis zouden niet mogen afhangen van de keuze van de vervoerder op het gemeenschappelijke traject, en dus redelijkerwijs het laagste van de mogelijke totaalbedragen moeten zijn. Dit zou een kortingabonnement specifiek voor één treinvervoerder onmogelijk maken, in lijn met de aankondiging dat het de bedoeling is dat de nieuwe NS-abonnementen uiterlijk in de loop van 2012 ook gaan gelden bij de andere treinvervoerders, maar in strijd met de conclusie van de commissie dat vervoerders elk hun eigen kortingpercentages kunnen blijven hanteren.

Meijdam is aangesteld als kwartiermaker voor ondermeer de afschaffing van het dubbele basistarief bij de trein. Zolang partijen niet tot oplossing van het dubbel opstaptarief komen, blijft de AMvB die het accepteren van het papieren treinkaartje verplicht stelt van toepassing. Verder zal het enkelvoudig in- en uitchecken in de treinrailketen nader onderzocht worden, maar dit zal langer duren, daarom wordt het afschaffen van het papieren treinkaartje hier niet van afhankelijk gesteld.[24]

Tariefeenheden

Het tarief is gebaseerd op "tariefafstanden" uitgedrukt in tariefeenheden, waarvan het aantal ongeveer overeenkomt met de afstand in kilometers. Net als bij echte afstanden is de tariefafstand van een traject gelijk aan de som van de tariefafstanden van deeltrajecten.

Om de tariefsafstand voor de vier routes tussen Rotterdam CS en Amsterdam CS gelijk te houden geldt bijvoorbeeld:

  • Breukelen - Woerden: tariefafstand is 6 meer dan de afstand in km
  • Schiphol - Amsterdam Lelylaan: tariefafstand is 3 meer dan de afstand in km
  • Nog meer extra tariefeenheden worden gerekend bij de HSL-Zuid, de tariefafstanden zijn gelijk aan die van de gewone route. Daarnaast is ook nog een toeslag verschuldigd.

De route via Haarlem en Leiden was de langste route en de historische hoofdroute. De spoorwegen waren niet bereid de afstand te berekenen via de Gouda route, die door langeafstandreizigers weinig wordt gebruikt. Later is de Schiphollijn de hoofdroute geworden, waar de extra drie tariefeenheden worden gebruikt als reizigersbijdrage voor de aanlegkosten van de Schiphollijn.

Stations die dichtbij elkaar liggen in een grote stad, worden vaak als één tariefpunt beschouwd. Deze situatie is bij het stads- en streekvervoer (door de kortere halteafstand en de langere zones) veel meer voor dan bij de spoorwegen. Bij het Nederlandse spoornet gaat het om de volgende stations:

  • Alkmaar (Noord)
  • Almere Centrum en Almere Muziekwijk
  • Amsterdam Zuid en Amsterdam RAI
  • Arnhem (Velperpoort)
  • Bovenkarspel-Grootebroek en Floraweg
  • Delft (Zuid)
  • Delfzijl (West)
  • Den Haag (Centraal, HS, NOI)
  • Den Helder (Zuid)
  • Dordrecht (Zuid, Stadspolders)
  • Ede-Wageningen en Ede Centrum
  • Eindhoven (Beukenlaan)
  • Haarlem (Spaarnwoude)
  • Heerenveen (IJsstadion)
  • Helmond (hoofdstation, Brouwhuis, 't Hout)
  • Hengelo (Oost)
  • 's-Hertogenbosch (Oost)
  • Hilversum, Hilversum Noord en Hilversum Sportpark
  • Hoek van Holland (Haven, Strand)
  • Hoogezand-Sappemeer en Sappemeer Oost
  • Hoorn (Kersenboogerd)
  • Houten (Castellum)
  • Leiden (Centraal, Lammenschans)
  • Maassluis (West)
  • Maastricht (Randwyck)
  • Nijmegen (hoofdstation, Heyendaal, Lent)
  • Oss (West)
  • Purmerend (Overwhere)
  • Rotterdam (Centraal, Blaak)
  • Rotterdam (Zuid, Stadion)
  • Rotterdam Alexander en Capelle-Schollevaar
  • Santpoort Noord en Driehuis
  • Schiedam (Centrum, Nieuwland)
  • Sneek (Noord)
  • Soest, Soest Zuid en Soestdijk
  • Tilburg (West)
  • Veenendaal (Centrum en West)
  • Vlaardingen (West, Centrum, Oost)
  • Vlissingen (Souburg)
  • Waddinxveen (Noord)
  • Winterswijk (West)
  • Zoetermeer (Oost)

Een losse reis hiertussen is echter niet gratis (behalve uiteraard bij vrij reizen), vandaar dat een afstand van nul tariefeenheden in de prijstabel voorkomt. Bij uitchecken op hetzelfde station als waar men ingecheckt heeft geldt niet het tarief voor nul tariefeenheden: binnen één uur is het gratis (passage-recht, zie boven), bij later uitchecken is het juist veel duurder dan nul tariefeenheden, namelijk het instaptarief.

Voor het internationaal vervoer worden grotere afstanden samengevoegd tot één tariefpunt, zoals Rijswijk en Den Haag.

Internationaal

In principe is voor al het grensoverschrijdende treinverkeer een internationaal vervoersbewijs nodig. Dat kan een biljet met een "globale-prijs"-tarief zijn, zoals voor de Thalys, of het klassieke internationale vervoersbewijs volgens de TCV-prijzen, waarbij iedere spoorwegmaatschappij zijn deel van de reis in rekening brengt. Het TCV-vervoersbewijs is een maand geldig (dat was vroeger twee maanden), tenzij er specifieke voorwaarden zijn (zoals bijvoorbeeld bij een weekendretour), en de reis mag onbeperkt onderbroken worden. NS eist echter wel dat de reis binnen Nederland in een dag wordt uitgevoerd, indien het kaartje bij NS Hispeed of NMBS (Belgische spoorwegen) gekocht is. Bij een kaartje, gekocht bij bijv. DB (Duitsland) geldt deze beperking niet, waarmee reiziger wel een maand de reis op (in dit geval niet-Duits grondgebied) gedurende de hele maand onbeperkt mag onderbreken. De hiervoor gebruikte tariefeenheden zijn hetzelfde als voor de binnenlandse tarieven, maar er wordt niet altijd langs de kortste route gerekend. (Bijvoorbeeld: Amersfoort–Schiphol is altijd via Amsterdam Centraal.) Aan de staatsgrenzen worden fictieve "haltes" gebruikt voor de berekening. Dit zijn bijvoorbeeld "Roosendaal grens", "Visé grens", enz. In Nederland zijn de vervoersbewijzen met vrije reisrechten geldig tot de grens (dagkaart, studentenkaart, etc.) In België en andere landen mag men met binnenlandse vervoersbewijzen vaak alleen reizen tussen stations in het land. Hierop zijn er echter uitzonderingen:

  • Vanuit Duitsland kan men met bepaalde Duitse regionale vervoersbewijzen reizen tot het "eerste" station in Nederland (Heerlen, Venlo, Enschede, Nieuweschans). In Heerlen, Venlo en Enschede zijn op het station ook Duitse kaartautomaten aanwezig. Duitse DB-aabiedingen, zoals het "Schönes Wochenende"-ticket, zijn echter niet geldig op het Nederlandse grenstraject.
  • De IC O Maastricht–Brussel wordt alleen door de NMBS geëxploiteerd en als een Belgische binnenlandse treindienst beschouwd. Op een paar uitzonderingen na zijn alle Belgische vervoerbewijzen geldig. Vervoersbewijzen voor deze verbinding zijn in Maastricht aan het NS-loket zonder lokettoeslag verkrijgbaar. Komt men echter van verder dan Maastricht, dan is alleen een normaal internationaal vervoerbewijs geldig.
  • In de grensstreek zijn soms goedkope retours verkrijgbaar. Deze zijn echter alleen lokaal verkrijgbaar. De lokale grenstrajecten zijn duur omdat aan beide kanten het minimumtarief berekend wordt.

OV-chipkaart

Voor internationale reizen kunnen abonnementhouders een papieren internationaal vervoerbewijs kopen met korting of vrij reizen tot aan de grens. Dit vervoerbewijs vormt samen met de OV-chipkaart waarop het abonnement staat het volledige vervoerbewijs. Men checkt niet in of uit, ook niet voor de aansluitende binnenlandse treinen. Bij de kaarten met op werkdagen korting in de daluren geldt de 40% of 100% korting van 9 uur tot 4 uur 's nachts, dus ook in de middagspits; het hele Nederlandse traject moet in deze voordeeluren afgelegd worden (er is geen moment van aanvang dat bepalend is, zoals bij inchecken). Binnenkomst in Nederland moet dus na 9 uur, hoewel het tijdstip van het passeren van de grens niet in de gewone dienstregeling staat.

Altijd Voordeel geeft geen korting in de ochtendspits.[25] Door de verschillen kan het in enkele gevallen toch nog wel voordeliger zijn de reis te splitsen in een binnenlandse reis met in- uitchecken en een buitenlandse reis met een korter Nederlands traject.

Reisroute

Bij reizen met een papieren kaartje geldt dat niet mag worden afgeweken van de reisroute waarvoor de reiziger over een vervoerbewijs beschikt.

Bij reizen met OV-chipkaart (op saldo of vrij reizen) geldt dat, indien wordt afgeweken van de reisroute, men op het station waar de reisroute wordt verlaten moet uitchecken en opnieuw inchecken, of indien dit niet mogelijk is, men moet uitchecken en opnieuw inchecken op het eerstvolgende station waar wordt overgestapt.

De Voorwaarden Reizen op Saldo (en de Algemene Voorwaarden Voor het vervoer van Reizigers en Handbagage van de Nederlandse Spoorwegen (AVR-NS) in vrijwel dezelfde termen) definiëren de reisroute als volgt: "Het NS-treintraject waarlangs de bestemming in reistijd het eerst wordt bereikt. Daarnaast is het toegestaan over een in tariefeenheden korter traject te reizen of over een traject waar minder behoeft te worden overgestapt. Met uitzondering van de in de jaardienstregeling vermelde gevallen geldt dat het vertrek- of bestemmingsstation niet voorbij mag worden gereisd."

De Productvoorwaarden Abonnementen Consumenten (die gaan over de 6 nieuwe abonnementen) definiëren de reisroute als volgt: "Het NS-treintraject waarlangs de bestemming in reistijd het eerst wordt bereikt of met de kortste route (in tariefeenheden) wordt bereikt of met de minste overstappen wordt bereikt."

Er zijn dus onder meer de volgende gevallen waarbij verschillen optreden:

  • In het geval dat er twee routes zijn met de minste overstappen, waarvan één langer is in tariefeenheden en tijd (geen reisroute volgens de eerste definitie, wel volgens de tweede).
  • In het geval dat er twee kortste routes zijn in tariefeenheden, maar waarvan één langer is in tijd (geen reisroute volgens de eerste definitie, wel volgens de tweede).

Deze verschillen verdwijnen als "korter" kan worden gelezen als "korter of even kort", enz. Daarnaast is er het verschil ten aanzien van het voorbijrijden van het vertrek- of bestemmingsstation.

Als de kortste treinroute in tariefeenheden deels met een andere vervoerder is, en men afhankelijk van de tijd waarop men op het vertrekstation arriveert soms via de ene en soms via de andere route het eerst op de bestemming aankomt, dan betaalt men standaard de langere route (voor een vervoerbewijs dat op beide routes geldig is), en alleen met een via-kaartje de kortere route (voor een vervoerbewijs dat alleen op die route geldig is). Bijvoorbeeld voor de reis van Enschede naar Arnhem moet men dan opgeven (bij de reisplanner en bij de kaartautomaat of het loket) dat men via Goor wil reizen (82 km tegen 106 km via Deventer). In de reisplanner heeft men wel de opties "optimaal", "minste overstappen" en "snelste verbinding", maar niet "goedkoopste verbinding"!

Vertragingsvergoeding

Bij binnenlandse reizen met de Nederlandse Spoorwegen is er een regeling "Geld terug bij vertraging".[26] Onder bepaalde voorwaarden kan men bij een vertraging vanaf 30 minuten een deel van de reiskosten terugkrijgen. De vergoeding is niet van toepassing bij een afwijking van de dienstregeling (bijvoorbeeld ten gevolge van werkzaamheden of een stremming) die vooraf door NS is aangekondigd, en ook niet bij grootschalige landelijke vertragingen. Daarnaast geldt er een minimumbedrag voor teruggave.

Alleen houders van een NS- of OV-Jaarabonnement of Jaartrajectabonnement kunnen het restitutieverzoek via de website indienen. Bij de nieuwe abonnementen is NS teruggegaan naar het omslachtiger systeem van papieren claimformulieren (en dan ook nog originele formulieren, zodat gegevens die constant blijven ook steeds weer opnieuw moeten worden ingevuld), hoewel er ook hier geen bewijsstukken hoeven te worden meegestuurd.

Het reizen met de OV-chipkaart met verplicht in- en uitchecken, zoals bij op saldo reizen, maar ook bij vrij reizen met de nieuwe NS-abonnementen Weekend Vrij, Dal Vrij en Altijd Vrij, verbetert de controlemogelijkheden bij een claim.

Er is geen vergoedingssysteem voor het geval dat een vertraging tot gevolg heeft dat iemand met een dalurenabonnement die voor de terugreis of een vervolgreis in de daluren had kunnen inchecken, nu in de spits moet inchecken, of moet wachten tot die om is.

Bedragen 2011

Bij een vertraging van 30 t/m 59 minuten krijgt men terug:

  • als men een enkele reis heeft of op saldo reist: de helft van de prijs
  • als men een retour heeft: per reisrichting een kwart van de prijs
  • als men een Maandtrajectabonnement heeft: per vertraging 1/50 van de prijs
  • als men een Jaartrajectabonnement heeft: per vertraging 1/500 van de prijs
  • als men een OV-Jaarabonnement heeft of een NS-Jaarabonnement: per vertraging 1/500 van de prijs van een NS-Jaarabonnement, dit is € 7,01
  • bij vrij reizen met Dal Vrij: per vertraging € 2,50
  • bij vrij reizen met een studentenreisproduct: per vertraging € 2,27

Bij een vertraging vanaf 60 minuten krijgt men het dubbele terug. Bij vrij reizen is de vergoeding in totaal per dag niet hoger dan dit dubbele.

De vergoeding is niet van toepassing als deze volgens bovenstaande regels minder dan € 2,20 zou bedragen. (De minimumreisafstand waarbij men vergoeding krijgt hangt dus af van de duur van de vertraging, de klasse, en het al of niet met korting reizen.)

Als men een Keuzedag van een Voordeelurenabonnement 60+ gebruikt krijgt men alleen een vergoeding bij een vertraging vanaf 60 minuten; deze bedraagt € 3,50.

Bij NS Hispeed is er een aparte regeling.

Verblijf op een station

In voorkomende gevallen geeft NS door middel van toegangspoorten of borden aan voor welk gedeelte van het station een geldig vervoerbewijs vereist is. Dit kan een papieren treinkaartje zijn of een ingecheckte OV-chipkaart, mits deze op dezelfde dag (bij de nieuwe abonnementen bovendien binnen 6 uur) op hetzelfde of een ander station wordt uitgecheckt (anders was er achteraf gezien geen geldig vervoerbewijs).

Om te voldoen aan de 30- of 60-minutenregel kan men zonodig extra uit- en inchecken.

Tijdens tussenstops en voor wat betreft verblijf op het station waar men gaat uitchecken gelden er geen verdere beperkingen.

OV-chipkaartlezer

NS, Arriva, Connexxion, Syntus en Veolia hebben ieder hun eigen OV-chipkaartlezers, met eigen software; van NS en Connexxion is de hardware wel van hetzelfde type. De kaartlezers zijn aanwezig op de betreffende stations. Alleen NS heeft naast palen ook poortjes. Vaak staat op het apparaat of de paal, en/of op het scherm, de vervoerder. Op station Den Haag Laan v NOI moet men wel oppassen: daar staan ook RET-lezers waar "RET" helemaal niet vermeld staat.

De Commissie Meijdam stelt voor bij treinvervoer kaartlezers in te voeren die niet vervoerder-gebonden zijn, zie boven.

Bij inchecken wordt noch het instaptarief, noch het nieuwe saldo getoond. Het scherm toont wel het eventuele kortingspercentage (zie ook onder). Als de korting lager is dan verwacht dan kan men (na de eventuele anti-passback-tijd en binnen de duur van het passage-recht) op hetzelfde station zonder kosten weer uitchecken en van de reis afzien, of alsnog wachten tot het moment waarop korting of een hogere korting ingaat.

Als het in- of uitchecken niet lukt maar de kaartlezer wel reageert dan kan de reactie een weigering zijn (bijvoorbeeld bij een ongeldige kaart, een te laag saldo, of i.v.m. de anti-passback-tijd) of een uitnodiging om het opnieuw te proberen (bijv. als men de kaart te kort voor de kaartlezer gehouden heeft). Als de handeling wel geaccepteerd wordt moet men nog wel attent zijn op de mogelijkheid dat men bedoelde in te checken maar heeft uitgecheckt, of omgekeerd, of dat men bij de verkeerde vervoerder heeft ingecheckt.

Arriva- en NS-kaartlezer bij de voetgangersbrug te Groningen 
NS- en Connexxion-kaartlezer te Amersfoort 
NS- en Syntus-kaartlezer op het eilandperron te Hengelo 
NS- en Veolia-kaartlezer op het eilandperron te Maastricht 

Poortjes

Bij treinstations met poortjes is er een OV-chipkaartgebied dat door poortjes is of wordt afgesloten. Voor zover die niet de hele breedte van de doorgang beslaan zijn er aanvullend glazen afscheidingen.

NS heeft aangekondigd dat er uiteindelijk op ongeveer 90 stations poortjes zullen zijn.[27] In het jaarverslag van 2010 staat dat er "op dit moment" op 26 stations poortjes zijn. Eind 2012 verwacht NS haar poortjes te sluiten.

Voorbeelden van stations met poortjes:

  • Amsterdam Centraal (met de lange hal aan de voorzijde buiten het OV-chipkaartgebied, en met de toegang naar de middelste tunnel zonder poortjes; de toegang tot spoor 15 is bij de ene tunnel binnen, bij de andere buiten de poortjes)
  • Amsterdam Amstel (heeft een OV-chipkaartgebied gemeenschappelijk met de metro)
  • Amsterdam Bijlmer Arena (aparte OV-chipkaartgebieden per perron)
  • Duivendrecht (heeft een OV-chipkaartgebied gemeenschappelijk met de metro)
  • Amsterdam Sloterdijk (alleen het Hemboog-gedeelte)
  • Leiden Centraal (de gemeente maakt bezwaar)
  • De stations op de Flevolijn; deze stations worden 's nachts afgesloten door de poortjes te sluiten.

Voorbeelden van grotere stations zonder poortjes:

Er zijn dus stations waarbij NS meerdere gescheiden OV-chipkaartgebieden heeft of krijgt met poortjes in beide of één van beide. Als t.z.t. de poortjes dicht gaan kan dat beperkingen en/of hogere kosten met zich mee brengen voor een reiziger die na aankomst in het ene deel overstapt op een trein die van het andere deel vertrekt.

Kaartlezers

De kaartlezers op palen zijn voor zowel in- als uitchecken: wanneer men de kaart hiervoor houdt terwijl men niet is ingecheckt bij de betreffende vervoerder dan wordt dit opgevat als incheckhandeling; wanneer men wel is ingecheckt bij de betreffende vervoerder dan wordt het opgevat als uitcheckhandeling.

Er zijn ook NS-kaartlezers voor uitsluitend inchecken (aan de incheckzijde van een poortje): wanneer men al is ingecheckt bij de betreffende vervoerder dan ontbreekt het daarbij behorende uitchecken, en is men het instaptarief kwijt dat bij het eerdere inchecken is afgeboekt. Er is geen beveiliging die deze schade voorkomt.

Er zijn tenslotte NS-kaartlezers voor uitsluitend uitchecken (aan de uitcheckzijde van een poortje): wanneer men niet is ingecheckt bij de betreffende vervoerder dan wordt het instaptarief alsnog afgeboekt, en is men dat kwijt. Ook hier is er geen beveiliging die deze schade voorkomt.

Bij NS is dit onderscheid te zien op het scherm van de kaartlezer, zie onder.

Als men altijd bij het passeren van een poortje de kaart voor de kaartlezer houdt (zelfs als men van plan is alleen door het station te lopen of even later weer terug te gaan), en alleen doorloopt als de in-/uitcheckhandeling gelukt is (kortom: handelt alsof de poortjes al gesloten zijn), en nooit de in-/uitcheckhandeling bij een poortje verricht zonder er doorheen te lopen, dan kunnen bovengenoemde problemen zich niet voordoen, behalve op een station waar de poortjes niet een OV-chipkaartgebied omsluiten, zoals op Amsterdam Centraal, waar deels ook kaartlezer-palen staan.

Als men op een station niet meer weet of men al (of nog) is ingecheckt, en/of indien ingecheckt, niet meer weet hoe laat (van belang voor de 30- en 60- minutenregel en de 6-uursregel) kan men dit bij een kaartautomaat nakijken.

Geluids- en lichtsignalen, schermteksten

De kaartlezer heeft een scherm met in rusttoestand een tekst, en bij in- en uitchecken specifiekere teksten. Naast deze teksten staat er in rusttoestand soms een signaallamp aan en zijn er bij (poging tot) in- en uitchecken geluids- en lichtsignalen. Deze laatste zijn zowel voor de reiziger zijn als voor controlerend en assisterend personeel in de buurt.

Signaallampen

In rusttoestand geeft een groene lamp bij NS aan dat de kaartlezer in werking is, een rode dat hij buiten werking is. Bij succesvol in- en uitchecken bij NS knippert de groene lamp even. Bij weigering knippert de rode lamp.

Geluidssignalen

Bij NS is er één piep bij inchecken en twee bij uitchecken. Als de anti-passback-tijd nog niet verstreken is klinken er drie luide tonen in twee toonhoogtes.

Schermteksten

De NS-kaartlezer bevestigt niet expliciet dat het om inchecken gaat, of uitchecken, hoewel het belangrijk is voor de reiziger dat hier geen misverstand over bestaat, met het oog op een eventuele mogelijkheid een fout te herstellen en/of vervolgfouten te vermijden. Het meest kenmerkende verschil tussen het scherm bij in- en uitchecken is dat bij uitchecken op de eerste twee regels de ritprijs en het eindsaldo vermeld wordt.

NS

Bij NS staat continu op een afgescheiden strook bovenaan de datum en de tijd in hele minuten vermeld, waaruit de houder van een dalurenabonnement op doordeweekse dagen kan afleiden welk tarief op dat moment voor hem/haar geldt, tevens rekening houdend met de marge van 5 minuten. Ook wordt rechtsonder het NS-logo getoond.

Daartussen staat in rusttoestand op het scherm bij een kaartlezer op een paal "In-/uitchecken", en bij een poortje aan de ene zijde "Inchecken", en aan de andere "Uitchecken".

Bij inchecken bij NS toont het scherm op de eerste regel (de afgescheiden regel met de datum en de tijd niet meegeteld) het eventueel van toepassing zijnde abonnement, op de tweede regel de klasse en op de derde regel het eventuele kortingspercentage; bij 100% korting wordt vermeld "Gratis". Bij inchecken in de spitsuren wordt een dalurenabonnement toch vermeld, ook al geeft dat dan geen korting. Voor de bevestiging van bijvoorbeeld het vrij reizen moet men dus niet daar naar kijken maar naar het "Gratis". Het saldo wordt niet vermeld, uit het succesvol inchecken kan men slechts opmaken dat het saldo daarvoor voldoende is.

Bij uitchecken wordt bij vrij reizen met de nieuwe NS-abonnementen niet alleen de ritprijs van € 0,00 genoemd, maar ook weer onderaan "Gratis" vermeld, en daarboven weer het abonnement.

Effecten van het sluiten van de poortjes

NS heeft aangekondigd dat er uiteindelijk op ongeveer 90 stations poortjes zullen zijn, met bijbehorende hekken/wanden die het OV-chipkaartgebied omsluiten, en dat eind 2012 de papieren kaartjes worden afgeschaft. Vermoedelijk gaat dit gepaard met het sluiten van de poortjes, in de zin dat het alleen na inchecken fysiek mogelijk is om het OV-chipkaartgebied binnen te gaan, en dat het alleen na uitchecken fysiek mogelijk is om het OV-chipkaartgebied te verlaten, net als nu al bij de metro.

Gevolgen op de betreffende stations:

  • Men kan niet vergeten in of uit te checken.
  • Men kan maximaal 30 minuten voor de vertrektijd volgens dienstregeling van de trein beginnen aan een verblijf in het OV-chipkaartgebied, en moet die trein (of een eerdere) dan ook nemen, of men kan maximaal 60 minuten verblijven in het OV-chipkaartgebied, en dan vertrekken. Men kan wel gelijk weer terug.
  • Tijdens tussenstops zijn er kosten verbonden aan het verlaten van het OV-chipkaartgebied, behalve als men vrij reizen heeft. Als men vrij reizen heeft in de daluren en bij vertrek in de daluren heeft ingecheckt, dan kan men ook in de spits weer naar binnen zonder kosten, mits men steeds na hoogstens een uur even naar buiten gaat, en uiteindelijk na de spits weer incheckt. Een en ander geldt bijvoorbeeld ook als men aarzelt of men met de trein of de bus verder zal reizen, en daarom wil kijken hoe laat de bus gaat, en uiteindelijk besluit dat men toch maar met de trein verder gaat. Het bij zich hebben (of via internet kunnen oproepen) van de dienstregeling van de bus wint voor zulke situaties aan belang. Omgekeerd, komend van buiten even kijken hoe laat de trein gaat kan wel zonder kosten, ook als de informatie alleen binnen te raadplegen is.

Geschiedenis

Tot en met 2010 waren er ook nog het via-kaartje en de rondreis.[28][29]

De NS-Kortingkaart is ingevoerd in 1979 (vóór de invoering van "voordeeluren") en bood 50% korting op enkele reizen, 40% op retours, en 25% op week- en maandabonnementen. Hiermee kon op alle uren gereisd worden.[30] Later werd de Railactiefkaart ingevoerd, als goedkopere versie alleen voor voordeeluren.

Zie ook Tabel van tarieven van reizigersvervoer per trein in Nederland (2009).

Zie ook

Externe links

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties: