Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.

Neoromantiek

Uit Wikisage
Versie door Tjako (overleg | bijdragen) op 1 okt 2008 om 20:36
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Nootje.pngDit artikel valt onder beheer van Dorp:Luisterrijk. Nootje.png
Klassieke muziek uit de 20e eeuw
Impressionisme (tot 1900)
Bruïtisme (Futurisme) (vanaf 1913)
Neoromantiek (vanaf 1915)
Groupe des Six (vanaf 1920)
Dodecafonie (vanaf 1923)
Musique Concrète (vanaf 1949)
Serialisme (vanaf 1950)
Microtonale muziek (vanaf 1950)
Aleatorische muziek (vanaf 1963)
Minimale muziek (vanaf 1970)
Eigentijdse klassieke muziek (1975 – nu)

Neoromantiek is een synoniem van postromanticisme of laat romanticisme. Het is een langdurige beweging die begint aan het einde van de negentiende eeuw en het is een herleving van de romantiek in de kunst en de literatuur.

Het is een reactie gebleken op het naturalisme. De naturalist in de kunst gaat uit van externe observatie, de neoromanticist voegt gevoelens en interne observatie aan zijn werk toe. Deze kunstenaars putten hun inspiratie uit werken van kunstenaars uit de tijd van de romantiek. Net zoals in de romantiek putten zij inspiratie uit de plaats waar zij zich bevinden in historische weidse landschappen. Met het uiten van dit gevoel reageren zij in het algemeen op de 'lelijke' moderne wereld van machines, nieuwe steden en welvaart. Karakteristieke thema's zijn een hang naar de perfecte liefde, utopische landschappen, door de natuur veroorzaakte ruïnes, romantische dood.

Neoromantiek moest iets zijn wat ging over het romantische idee van 'de held' en romantisch nationalisme. Dit was vooral het geval na de beide wereldoorlogen.

Muziek (1850-1950)

Neoromantiek in de muziek was een trend in de Europese muziek die startte in de tweede helft van het 19e-eeuwse Duitsland. Het wordt soms ook wel postromantiek genoemd. De componisten van die periode onderstreepten de sterke verbanden tussen muziek en literatuur. De bekendste componisten van de neoromantiek zijn Franz Liszt, Richard Wagner, Anton Bruckner, Richard Strauss, Gustav Mahler en Hugo Wolf.

In het begin van de 20e eeuw veranderde het neoromanticisme langzaam in expressionisme. De ideeën werden nog steeds gebruikt door latere componisten, waaronder Virgil Thomson, die schrijft: "Neo-Romanticism involves rounded melodic material (the neo-Classicists affected angular themes) and the frank expression of personal sentiments. The neo-Romantics position is an esthetic one purely, because technically we are eclectic. Our contribution to contemporary esthetics has been to pose the problems of sincerity in a new way. We are not out to impress, and we dislike inflated emotions. The feelings we really have are the only ones we think worthy of expression....Sentiment is our subject and sometimes landscape, but preferably a landscape with figures." (Hoover and Cage, 1959)

Muziek (1970-1980)

In de popmuziek is neoromantiek, eigenlijk nieuw romanticisme, eveneens een jeugdcultuur aan het einde van de 70er, begin 80er jaren. De beweging ontstond als culturele afsplitsing van de Engelse New Wave. Toen men geen passende naam voor deze stijl vond (eerst werd gesproken van “The Cult With No Name“), gaf een artikel in de muziekpers over de tweede single van de groep Duran Duran "This Is Planet Earth": "Some New Romantic Looking For The TV Sound", in 1981 de stroming een naam.

De aanhangers van deze stroming, die New Romantics of Blitz Kids genoemd worden, zijn genoemd naar de legendarische nachtclub “The Blitz“ in Londen. Deze bezoekers waarbij ook Gary Numan hoorde, vielen op door hun exotische kleding, bestaande uit klassieke uniformen, hoeden, harlekijnkostuums en indianenkleding. De make-up was ook extreem, en de bizarre haarstijlen vielen op.

De muziek van deze beweging bewoog zich tussen New Wave, Funk en Glam Rock; bands die muziek van deze stroming bekend maakten waren Visage, The Human League, Spandau Ballet; het was de inspiratie voor de latere Synth-pop.

In hoeverre de neoromantiek de gothic beweging beïnvloedde, is onzeker. De conclusie is toch, dat diverse kledings- en haarstijlen van de latere, Duitse Gothic- en Wave-beweging overgenomen werden zoals blouses en avondkleding.

Verenigd Koninkrijk

1880 - 1910

Europa

Polen

Rusland

Verenigde Staten

Neoromantiek ca. 1975 - 1985

Bibliografie

  • David Mellor. Paradise Lost: the neo-Romantic imagination in Britain, 1935 - 1955. (1987).
  • Peter Woodcock. This Enchanted Isle - The Neo-Romantic Vision from William Blake to the New Visionaries (2000).
  • Malcolm Yorke. The Spirit of Place - Nine Neo-Romantic Artists and Their Times (1989).
  • Michael Bracewell. England Is Mine (1997).
  • Peter Ackroyd. The Origins of the English Imagination (2002).
  • P. Cannon-Brookes. The British Neo-Romantics (1983).
  • Corbett, Holt and Russell (Ed's.) The Geographies of Englishness: Landscape and the National Past, 1880-1940 (2002).
  • Graham Arnold. The Ruralists - A Celebration (2003).
  • Christopher Martin. The Ruralists (An Art & Design Profile, No. 23) (1992).
  • S. Sillars. British Romantic Art and The Second World War (1991).
  • Trentmann F. Civilisation and its Discontents: English Neo-Romanticism and the Transformation of Anti-Modernism in Twentieth-Century Western Culture (1994, Birkbeck College).
  • Edward Picot. Outcasts from Eden - ideas of landscape in British poetry since 1945 (1997).
  • Hoover, Kathleen and Cage, John. Virgil Thompson: His Life and Music (1959).
  • Albright, Daniel. Modernism and Music: An Anthology of Sources (2004).