Wikisage, de vrije encyclopedie van de tweede generatie, is digitaal erfgoed

Wikisage is op 1 na de grootste internet-encyclopedie in het Nederlands. Iedereen kan de hier verzamelde kennis gratis gebruiken, zonder storende advertenties. De Koninklijke Bibliotheek van Nederland heeft Wikisage in 2018 aangemerkt als digitaal erfgoed.

  • Wilt u meehelpen om Wikisage te laten groeien? Maak dan een account aan. U bent van harte welkom. Zie: Portaal:Gebruikers.
  • Bent u blij met Wikisage, of wilt u juist meer? Dan stellen we een bescheiden donatie om de kosten te bestrijden zeer op prijs. Zie: Portaal:Donaties.
rel=nofollow

Provisieverbod

Uit Wikisage
Versie door O (overleg | bijdragen) op 6 mei 2014 om 21:40 (https://nl.wikipedia.org/w/index.php?title=Provisieverbod&oldid=41123219 Vollebregt 23 apr 2014)
(wijz) ← Oudere versie | Huidige versie (wijz) | Nieuwere versie → (wijz)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nadat er in ons land ruim vijftig jaar een provisiestelsel aan de orde is geweest in de financiële dienstverlening, is er op 1 januari 2013 een wettelijk provisieverbod ingevoerd door de overheid. Aan de invoering van dit verbod ging een fikse discussie vooraf binnen politiek Den Haag, onder meer met toenmalig minister De Jager. Ook in de financiële dienstverlening zelf werd (en wordt) volop gediscussieerd over de voordelen en nadelen van het verbod.

Er bestond overigens al een verbod op zogeheten 'bonusprovisie', een beloning die een financiële dienstverlener kon ontvangen als er veel productie aangeleverd werd aan een bepaalde aanbieder van financiële producten. Er waren ook al regels ingevoerd met betrekking tot 'nominale beloningstransparantie', op grond waarvan financiële dienstverleners in heldere taal van tevoren aan moeten geven hoe hun verdiensten opgebouwd zijn en hoe hoog het beloningsbedrag per concreet geval is.

Provisie

Provisie is - algemeen gezegd - een beloning voor verleende diensten die wordt berekend als percentage van de omzet die aan de orde is. In de financiële dienstverlening wordt met provisie bedoeld: de beloning voor verleende diensten, zoals advies en bemiddeling, die verwerkt wordt/werd in de prijs (vaak de premie) van het financiële product of de verzekering. De aanbieder van financiële producten betaalt/betaalde de adviseur/bemiddelaar dus feitelijk; of, beter gezegd: de cliënt betaalt/betaalde de adviseur/bemiddelaar indirect, via de maatschappij. Er wordt/werd een onderscheid gemaakt tussen afsluitprovisie, een eenmalig door de financiële dienstverlener te ontvangen vergoeding, en doorlopende provisie of prolongatieprovisie, een periodiek door de financiële dienstverlener te ontvangen vergoeding, samenhangend met de door de financiële dienstverlener aan de cliënt te verlenen nazorg gedurende de looptijd van het product.

Essentie van het provisieverbod

Het wettelijk provisieverbod houdt - kort gezegd - in dat de kosten van advies, bemiddeling en administratie niet meer verwerkt mogen worden in de prijs (meestal de premie) van zogeheten complexe en impactvolle financiële producten, zoals uitvaartverzekeringen en hypotheken. De cliënt betaalt de adviseur/bemiddelaar voortaan rechtstreeks een advies- en bemiddelingsvergoeding en ontvangt hiervoor een factuur, vaak gebaseerd op een uurtarief. Er is vervolgens sprake van een 'netto product' of een een 'provisieloos product'. De Stichting Autoriteit Financiële Markten (AFM), de (gedrags)toezichthouder binnen de financiële dienstverlening, heeft een informatief document over het provisieverbod gemaakt voor de consument.[1] Er zijn ook handige filmpjes gemaakt over het provisieverbod..[2]

Doel van het provisieverbod

Het wettelijk provisieverbod is met name ingesteld om excessen, zoals de woekerpolisaffaire, in de toekomst zoveel mogelijk te voorkomen en om de markt derhalve eerlijker en transparanter te maken. De financieel adviseur/bemiddelaar zou met de introductie van het verbod weer veel meer aan de zijde van de cliënt moeten komen te staan. Nu hij of zij niet meer betaald wordt door (althans via) de aanbieder van financiële producten, kan hij beter de belangen van de cliënt centraal stellen bij het uitvoeren van zijn werk, zoals de Wet op het financieel toezicht (Wft) dwingend voorschrijft. Het risico van belangenverstrengeling neemt af; want wiens brood men eet, diens woord men spreekt.

Voor welke producten geldt het provisieverbod?

Het provisieverbod geldt - kort gezegd - voor complexe en impactvolle financiële producten (inclusief verzekeringsproducten). Het verbod geldt momenteel voor uitvaartverzekeringen, overlijdensrisicoverzekeringen, (andere) levensverzekeringen (zoals lijfrenteverzekeringen), bankspaarproducten, deelnemingen in beleggingsfondsen, hypotheken, betalingsbeschermers en (individuele) arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Het verbod geldt alleen voor nieuwe financiële producten. Lopende financiële producten worden derhalve niet automatisch veranderd. Het kan dan ook verstandig zijn om de huidige verzekeringen tegen het licht te houden, eventueel samen met een financieel adviseur/bemiddelaar.

Het verbod geldt momenteel nog niet voor schadeverzekeringen, zoals inboedelverzekeringen en autoverzekeringen. Volgens velen is het echter aannemelijk dat er op den duur ook een provisieverbod voor deze producten ingesteld wordt.[3]

Gevolgen invoering provisieverbod

De invoering van het wettelijk provisieverbod heeft voor nogal wat tumult gezorgd onder consumenten en financiële dienstverleners. Tegen consumenten was altijd ten onrechte gezegd dat financieel advies gratis is, maar dit is feitelijk nooit het geval geweest. De werkzaamheden van de adviseur/bemiddelaar werden enkel op een bijzondere wijze vergoed, namelijk via de aanbieder van het product. Consumenten moeten dan ook wennen aan de nieuwe beloningswijze.

Hetzelfde geldt voor veel financieel adviseurs, die sinds begin 2013 moeite lijken te hebben om hun draai te vinden. Zij moeten ineens aan hun cliënten uitleggen dat financieel advies geld kost, en dit valt niet altijd mee. Nu de kosten van advies, bemiddeling en administratie niet meer in de prijs van veel financiële producten verwerkt mogen worden, zijn deze producten wel gemiddeld 30% goedkoper geworden. In dit licht vallen de directe kosten vaak wel weer mee.

Bovenstaande betekent dat er - alles overwegend - een mooie kans voor de meeste consumenten is om flink te besparen, bijvoorbeeld op hun uitvaartverzekering of overlijdensrisicoverzekering.

Wat als iemand het advies niet volgt?

De eerste keer dat iemand een gesprek heeft met een adviseur wordt meestal een oriënterend gesprek genoemd. Daarvoor worden vaak geen kosten in rekening gebracht. Als de cliënt na dat gesprek verder wil en de adviseur/bemiddelaar een opdracht verschaft om te adviseren, dan moet de cliënt altijd betalen voor het advies, zelfs als de cliënt uiteindelijk géén product afsluit. De adviseur heeft namelijk wel werk verricht en advies gegeven. En, zoals eerder al opgemerkt, bestaat gratis advies niet.

Commotie rondom serviceabonnementen

Sommige adviseurs/bemiddelaars werken met een zogeheten serviceabonnement; dit is een periodieke vergoeding voor de dienstverlening die enigszins te vergelijken is met doorlopende provisie, zij het dat er ook hierbij sprake is van rechtstreekse betaling aan de adviseur/bemiddelaar. TROS Radar toonde zich begin 2013 direct kritisch tegenover serviceabonnementen binnen de financiële dienstverlening, omdat sommige marktpartijen hier misbruik van leken te maken, onder meer door zowel een abonnementsfee als de reeds bestaande doorlopende provisie te incasseren en zo te profiteren van de onwetendheid van de consument.[4]

Bronnen, noten en/of referenties

Bronnen, noten en/of referenties
rel=nofollow
rel=nofollow